Remkes wil opheldering corruptiecijfer

Minister Remkes (Binnenlandse Zaken) wil opheldering van een aantal topfunctionarissen over hun inschattingen van het percentage politici en ambtenaren in Nederland dat corrupt zou zijn.

Leidinggevenden van ministeries, provincies en de rechterlijke macht gaven eerder dit jaar ten behoeve van een onderzoek naar de aard en omvang van corruptie in Nederland aan dat naar hun inschatting één op de twintig politici corrupt zou zijn. Voor ambtenaren zou dat percentage 3,2 procent zijn. Zij gaven deze inschattingen in een corruptieonderzoek uitgevoerd door de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie. Deze `corruptieperceptie' van de top van het openbaar bestuur wijkt sterk af van de officiële cijfers over corruptie bij de overheid.

Remkes zal op korte termijn een `rondetafelgesprek' organiseren met een aantal topfunctionarissen om te achterhalen waar deze opvattingen op gestoeld zijn, zo schrijft waarnemend minister Verdonk van Justitie in een brief aan de Tweede Kamer over het onderzoek.

Volgens officiële cijfers, zo blijkt uit het WODC- onderzoek, worden in het openbaar bestuur gemiddeld 130 onderzoeken naar ambtelijke corruptie uitgevoerd. Dat resulteert jaarlijks in ongeveer 50 strafrechtelijke onderzoeken door het openbaar ministerie.

Het onderzoek vloeit voort uit de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid (de `bouwfraude') die `aard en omvang van corruptie in het openbaar bestuur' moest blootleggen. Daarin zijn de onderzoekers maar ten dele geslaagd, omdat corruptie of meldingen daarvan zelden goed worden geregistreerd en dan ook nog onder verschillende definities. In het onderzoek zijn alleen de registraties van daadwerkelijke corruptie in kaart gebracht. De randverschijnselen ervan, zoals vriendjespolitiek, belangenverstrengeling of collusie, werden niet geïnventariseerd.

Volgens Verdonk leiden de gegevens uit het onderzoek tot `relativerende conclusies over de omvang van ambtelijke corruptie in Nederland'.

In de brief wordt verder aangekondigd dat de registratie van integriteitsschendingen wordt verbeterd omdat daardoor ,,meer inzicht kan worden verschaft in de werkelijke omvang van corruptie in het openbaar bestuur in Nederland''. In een nog te verschijnen nota van het kabinet over corruptiebestrijding zal daar nader op worden ingegaan.