Economisch succesverhaal is ecologische ramp

Toen Darwin's Nightmare vorig jaar op het filmfestival van Wenen de Wiener Filmpreis won, maakte regisseur Hubert Sauper zich in zijn dankwoord zorgen om de prijs van het business class-ticket waarmee de organisatie hem in allerijl had laten invliegen. Verspilling vond de Oostenrijkse regisseur de paar duizend euro die daarmee gemoeid was. Het geld had beter besteed kunnen worden aan de mensen uit zijn film, die van minder dan een dollar per dag moeten zien rond te komen. Het moge duidelijk zijn, Sauper is ook buiten de kaders van Darwin's Nightmare bezorgd over de effecten van consumentisme en globalisering. Nijlbaars uit het overbeviste Victoriameer, het onderwerp van zijn oncompromisloos indrukwekkende film, stond er op het slotfeest gelukkig niet op het menu.

Sauper geeft in Darwin's Nightmare een gezicht aan de schaduwzijde van de globalisering. En dat is het gore, onthutsende gezicht van eindeloze rijen te drogen gehangen nijlbaarskarkassen. Van kinderen die uit piepschuimverpakkingsmateriaal gesmolten lijm snuiven. Van duikers die hun ledematen verloren nadat zij de vissen onder water in netten moesten drijven en door een krokodil werden aangevallen.

Volgens de website ter bevordering van duurzame visvangst www.goedevis.nl staat nijlbaars op het lijstje `twijfelachtig', maar na het zien van Darwin's Nightmare vergaat je voorgoed de eetlust. De taferelen die Sauper aan de oever van het Victoriameer in Tanzania filmde zijn smeriger dan in menig griezelfilm. En dat is zijn documentaire dan ook precies: een horrorstory over hoe een economisch succesverhaal geschreven is in de karkassen, ammoniakdampen, maden en graten van een ecologische ramp.

Het Victoriameer is het op één na grootste zoetwatermeer op aarde, ongeveer zo groot als Ierland. Doordat het zo'n 15.000 jaar geleden geheel opdroogde en weer volstroomde, had er een kleine evolutionaire explosie plaats. Binnen de kortste keren zwommen er meer dan 2.000 verschillende vissoorten. Ter vergelijking: er zijn in heel Europa slechts 200 verschillende zoetwatervissen. Zomergast en bioloog Tijs Goldschmidt liet tijdens zijn `ideale televisieavond' al een fragment uit Saupers film over het meer zien. In zijn boek Darwins hofvijver schreef Goldschmidt eerder gefascineerd over de vreemde soorten die in de `grauwe erwtensoep' van het meer verscholen zitten.

Maar met die diversiteit was het snel gedaan, vertelt ook Sauper in Darwin's Nightmare, nadat men er in de jaren vijftig om de visvangst te bevorderen de nijlbaars had uitgezet. De populatie van deze grote roofvis nam zo'n twintig jaar geleden expansief in omvang toe. En vandaag de dag lijkt het alsof er alleen nog maar nijlbaarzen in het meer zwemmen.

In de openingsbeelden van Darwin's Nightmare filmt Hubert Sauper met bijbelse allure eerst het water. Het is de oerzee waaruit na de Big Bang al het leven ontstond. Dan laat hij een vliegtuig als een grote prehistorische vogel zien. Het is de Goddelijke geest die over de wateren zweeft en zijn schaduw op het water werpt. Ziedaar: de nijlbaars is geboren. Ongetwijfeld bedoelt Sauper hiermee dat de mens zich maar beter geen God kan wanen en niet met de evolutie moet knoeien. Want in de daarop volgende scène herhaalt hij zijn kijk op de `survival of the fittest' nog eens. We bevinden ons met Sauper en zijn digitale camera in het claustrofobische hokje van de verkeersleider van Lake Victoria Airport en een lastige vlieg zoemt tegen het raam. De vluchtleider wappert met een ongeordende stapel papier en slaat. Slaat mis. De vlieg lijkt even te winnen. Daarna zet Sauper zijn ironische agenda nog eens uiteen met een shot van een krakkemikkig vissersbootje dat `Jesus' is gedoopt. Al zijn de `visvermenigvuldigingen' na het zien van Darwin's Nightmare niet meer zo wonderbaarlijk.

Deze scènes zijn met de vele treffende beelden die nog volgen een soort filmevolutionaire toevalligheden die de regisseur op zijn pad vond. En die net als in de echte evolutie bepalend zijn voor het eindresultaat. Sauper ondermijnt in een sluipende montage de opvatting dat die evolutie zijn einddoel heeft gevonden in de kapitalistische consumptiemaatschappij. Toch is Darwin's Nightmare geen pamflet. Sauper portretteert zijn vertellers, de Russische piloten, de met pijl en boog gewapende nachtwaker, de hoertjes, de directeur van de visfabriek, met dezelfde waardigheid waarmee de grote tragedieschrijvers hun helden en schurken een menselijk gezicht gaven. Al blijkt Darwin's Nightmare nog een graadje cynischer te kunnen, als duidelijk wordt dat de vliegtuigen die de visfilets naar Europa vliegen, kisten met schimmige vracht in Afrika achterlaten. Alles is handel: leven, dood en vooral de derde wereld. Darwin's Nightmare gaat tot in het diepste hart van die ontluisterende duisternis en laat ons gruwelen zien die verder gaan dan wat voor nachtmerries Darwin ook naar aanleiding van zijn evolutietheorie gehad kan hebben. Zwart zijn zij, als de visioenen van Kolonel Kurtz.

Darwin's Nightmare. Regie: Hubert Sauper. In: 23 bioscopen.

    • Dana Linssen