Weer brand in Parijs: zeven doden

Een brand in een vervallen gebouw in het derde arrondissement in Parijs waarin Afrikaanse gezinnen huisden heeft gisteravond aan zeven bewoners het leven gekost. Het is de derde brand in dergelijke omstandigheden in korte tijd.

Afgelopen vrijdag vielen zeventien doden en vier maanden geleden vierentwintig doden door branden in soortgelijke vervallen onderkomens. De slachtoffers zijn steeds van Afrikaanse afkomst.

De brand brak gisteravond rond tien uur uit in een gebouw van vijf verdiepingen in de Parijse wijk Le Marais. Er woonden twaalf Ivoriaanse gezinnen, in totaal ongeveer veertig personen. Het gebouw, eigendom van de stad Parijs, was gekraakt en stond op het punt om gerenoveerd te worden. Volgens de burgemeester van de wijk zouden de bewoners in september elders worden ondergebracht ten behoeve van de werkzaamheden.

In het gebouw was geen watervoorziening. De bewoners tapten water van een kraan op straat. In het gebouw dat vrijdag in vlammen opging was elektriciteits- noch gasvoorziening. De bewoners gebruikten gaslampen en kookten op door de gemeente geleverd butagas. Volgens de met huisvesting belaste wethouder van Parijs is de brand van vrijdag veroorzaakt door ,,een element van buiten''. Hij gaf geen nadere toelichting. De politie houdt rekening met zowel een ongeluk als opzet. Het vuur verspreidde zich via de trappenhuizen, die als een schoorsteen fungeerden.

Het is geen toeval dat de branden uitbreken en dat steeds Afrikanen het slachtoffer zijn. In veel gevallen verblijven ze illegaal in Frankrijk en zijn hun onderkomens ,,voorlopig''. De huisvesting in het gebouw in het dertiende arrondissement dat in de nacht van donderdag op vrijdag in vlammen opging was al sinds 1991 voorlopig. De oorzaken voor de vaak erbarmelijke huisvesting is het grote gebrek aan woningen, de almaar toenemende onroerendgoedprijzen en de grote toestroom van Afrikanen, soms in het kader van gezinshereniging, maar meestal illegaal.

De politiek verantwoordelijken in Parijs hebben meestal weet van de omstandigheden en de overbevolking in de al dan niet gekraakte appartementsgebouwen, maar kunnen niet ingrijpen. De wet verbiedt hen de bewoners elders onder te brengen indien deze niet in het bezit zijn van een verblijfsvergunning. Diezelfde wet is volgens hulporganisaties ook vaak een excuus om niets te doen.

Behalve de onveiligheid van de gebouwen vormt ook de leefstijl van de Afrikaanse bewoners zelf een risicofactor. Kookgewoonten van het platteland worden gehandhaafd in de stad.

Strengere toelatingseisen hebben bijgedragen aan toename van het aantal mensen zonder verbijfsvergunning.