Blikveld boerenpolitici `beperkt' tot hun erf

De landbouwcommissie in de Tweede Kamer is van oudsher nauw verbonden met de sector. Is dat een probleem? ,,Weten wat er op het erf speelt, kan ook in je nadeel werken.''

Is het iemand wel eens opgevallen, zegt Tweede-Kamerlid Wijnand Duyvendak (GroenLinks), hoe veel hoorzittingen de Landbouwcommissie in de Kamer met ,,het veld'' organiseert? LTO Nederland, de veevoedersector, de vossenjagers allemaal mogen ze regelmatig langskomen om hun belangen nog eens goed onder de aandacht van de leden van de commissie te brengen. ,,Het is gemakkelijk politiek zakendoen in deze commissie. Ik zit in meer commissies, maar nergens zijn die banden zo sterk.''

De Tweede-Kamerleden die het woord voeren over landbouwbeleid én deze week minister Veerman (Landbouw, CDA) aan de tand voelen over mogelijk zakelijke betrokkenheid bij enkele boerenbedrijven, zijn in meerderheid ook zélf agrariër of zijn het tot voor kort geweest. Wijnand Duyvendak, voor zijn Kamerlidmaatschap directeur van Milieudefensie, en zijn collega Boris van der Ham (D66) zijn als buitenstaanders uitzonderingen.

Harm-Evert Waalkens (PvdA) is eigenaar van een ecologisch vleesveebedrijf en een melkveehouderij in het Groningse Finsterwolde. Annie Schreijer-Pierik (CDA) adviseert de gewestelijke land- en tuinbouworganisatie in Overijssel. Haar partijgenoot Ger Koopmans is boer en zit in talloze adviescommissies voor het landbouwbeleid.

En neem Gert-Jan Oplaat, landbouwwoordvoerder namens de VVD. Hij was tot 1998 formeel deelgenoot van een familiebedrijf in de pluimveehouderij in Markelo. Vandaag schrijft de Volkskrant bovendien dat Oplaat sinds vorig jaar lobbyde voor een bedrijf van zijn broer dat kippenmest levert. Oplaat was vandaag niet bereikbaar voor commentaar.

Zie hier de ,,ijzeren driehoek van de landbouwwereld'', zegt de Leidse hoogleraar Bestuurskunde Jouke de Vries, PvdA'er en gepromoveerd op landbouwbeleid. Politiek, boeren en belangenorganisaties hebben al decennialang nauwe banden, zegt hij. ,,In de jaren vijftig bestond de Kamercommissie voor landbouw uit louter vakspecialisten.''

Maar hoe erg is het dat politici die beslissen over landbouw zelf een landbouwachtergrond hebben? Duyvendak ziet het gevaar van belangenverstrengeling, maar hoogleraar De Vries is daar minder bang voor. ,,Het gevaar van belangenverstrengeling doemt op bij een sterke achterban. Maar de Nederlandse landbouwwereld is juist de laatste jaren sterk aan het versnipperen, waardoor een sterke lobby ontbreekt.'' De Vries ziet ,,een ontpoldering van de Nederlandse landbouwwereld''.

De achterban van landbouworganisatie LTO Nederland is in hoog tempo aan het afkalven, zegt hij. Tuinbouw- en veeteeltorganisaties, bijvoorbeeld, hebben bovendien volstrekt tegengestelde belangen. Boeren specialiseren zich steeds meer en voelen zich minder thuis in grote lobbyorganisaties. ,,Kamerleden kunnen hooguit voor deelbelangen opkomen, maar kunnen niet langer dé stem van de boer laten horen. Electoraal valt er niet veel meer te halen.''

Pieter ter Veer (60) heeft een melkveehouderij in het Groningse Woltersum. Tussen 1989 en 2002 was hij namens D66 landbouwwoordvoerder in de Tweede Kamer, de laatste vier jaar was hij ook voorzitter van de Landbouwcommissie. Hij vindt het juist goed dat Kamerleden kennis hebben van het terrein waarover zij het woord voeren, zegt hij. ,,Ik was destijds politiek én emotioneel sterk betrokken bij de landbouw. Dat heb ik altijd als een groot voordeel gezien.''

Zolang Kamerleden op hun terrein gewoon het partijprogramma uitvoeren, is er volgens Ter Veer weinig aan de hand. Maar, zegt hij, ,,weten wat er op het erf speelt kan ook in je nadeel werken''. ,,Ik dacht bij de woordvoerders van met name CDA en VVD wel eens: kom dat boerenerf eens voorbij. Landbouw is veel meer dan het bepalen van prijzen voor het ophalen van kadavers.'' Volgens Ter Veer zijn landbouwwoordvoerders zich niet bewust van mondiale problemen als honger in de wereld, de voedingsindustrie, een veilige voedselvoorziening voor zestien miljoen Nederlanders. ,,Ze worden thuis wel erg vaak aan het vestje getrokken om wat aan lokale problemen te doen.''

Anders wordt het, zeggen hoogleraar De Vries en oud-commissievoorzitter Pieter ter Veer, als de minister uit de landbouwwereld komt. De ministers Brinkhorst en Apotheker (D66) en Van Aartsen (VVD), ministers in de jaren negentig, waren als buitenstaanders op het ministerie uitzonderingen, aldus De Vries. ,,Veerman is meer een bestuurder in de oude traditie, een echte vertegenwoordiger van de landbouwwereld.'' Ter Veer: ,,Het is een handicap als een minister van Landbouw ook boer is. Op die positie is juist iemand met een onbevangen blik nodig.''