FBI onderzoekt Nigeriaanse leider

De Amerikaanse geheime dienst heeft een inval gedaan in de woning bij Washington van de Nigeriaanse vice-president Atiku Abubakar. De inval heeft vermoedelijk te doen met een onderzoek naar corruptie door het Amerikaanse parlementslid William Jefferson.

Naar nu pas bekend is geworden voerde de FBI op 3 augustus de inval uit. In zowel Washington als de Nigeriaanse hoofdstad Abuja weigeren de autoriteiten officiële verklaringen uit de te geven over de inval. Volgens anonieme bronnen was William Jefferson betrokken bij de verkoop van telecommunicatie-apparatuur aan Nigeria en Ghana. Hij zou gelobbyd hebben voor het bedrijf iGate Coorporation. Het onderzoek zou zich richten op de mogelijkheid dat Jefferson daarbij smeergeld zou hebben betaald aan zowel de Nigeriaanse als de Ghanese vice-president Aliu Mahama.

Jefferson heeft sinds 1990 zitting in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden. Hij was een medestander van de voormalige president Bill Clinton die de commerciële banden met Afrika wilde aanhalen. Hij steunde een wetsvoorstel om de handelsbarrières met Afrika af te breken en hij brengt geregeld bezoeken aan Afrika.

Nigeria's vice-president Atiku Abubakar is in eigen land al eerder van corruptie beschuldigd. Nigeria behoort volgens de anticorruptie-organisatie Transparency International tot de meest corrupte landen ter wereld. Abubakar is verwikkeld in een machtsstrijd in zijn land voor de opvolging van president Olusegun Obasanjo. Obasanjo komt uit het zuiden, Abubakar uit het noorden. Volgens eerder gemaakte afspraken binnen de politieke elite zou bij de volgende verkiezingen in 2007 een noorderling president moeten worden.

Aanvankelijk steunde Obasanjo Abubakar, maar de afgelopen maanden leek de race weer open te zijn. Als mogelijke kandidaten die Obasanjo nu zouden steunen gelden voormalig militair president Ibrahim Babangida en Aliyu Muhammed, van de nationale veiligheidsdienst.

Er loopt al maanden een ander onderzoek naar vermeende corruptie waarbij Amerikanen en Nigerianen betrokken zijn. Amerikaanse bedrijven, waaronder Halliburton van de huidige Amerikaanse vice-president Dick Cheney, zouden 170 miljoen dollar smeergeld hebben betaald voor het bouwen van een gigantische exportfabriek van gas uit de bodem van Nigeria. Tijdens de periode waarin de corruptie zou hebben plaatsgevonden was Amerikaanse vice-president Dick Cheney topmanager van Halliburton.