Zelfmaakmeisjes beginnen op internet een eigen winkel

Haar eerste babydekentje maakte Sophie Eekman (36) voor een zwangere vriendin. Ze wilde een kraamcadeau geven waarvan geen tweede was, zonder pastelkleuren of afbeeldingen van eendjes. ,,Dan kom je al gauw uit bij iets zelfgemaakts'', zegt Eekman. Ze kocht stoffen met opvallende prints, knipte daar twee grote vierkanten uit, naaide die aan elkaar en omzoomde het geheel met satijnband. Het cadeau was een succes en Eekman maakte daarna meer dekentjes in unieke stofcombinaties. ,,Een leuke bezigheid'', vertelt ze. ,,Ik had destijds een stressvolle baan als grafisch vormgeefster en vond het ontspannend om 's avonds iets totaal anders te doen.''

Handwerken is al enige tijd geleden herontdekt. Sinds sterren als Madonna, Sarah Jessica Parker en Cameron Diaz zijn gesignaleerd met breiwerkjes, is recht-averecht niet langer voorbehouden aan ijverige oma's. Er is weer een afzetmarkt voor gloednieuwe breiboeken en -patronen. T-shirts versieren met pailletten en kraaltjes is hip nu het customizen heet. Zelfgemaakte kleding is dé manier om je van de massa te onderscheiden. En in Amsterdam en Utrecht komen wekelijks zogeheten `Stitch'n'Bitch'-groepen bijeen: eigentijdse breiclubs waar – overwegend – vrouwen tussen de vijfentwintig en vijfenveertig jaar op afkomen.

Maar wat te doen als vrienden en familieleden ruimschoots zijn voorzien van zelfgemaakte sjaals en sokken? Dan open je een webwinkel. Sophie Eekman: ,,Via via kreeg ik steeds vaker aanvragen voor dekentjes. Toen heb ik maar een website ontworpen, waarop ik regelmatig foto's van nieuwe exemplaren zette. Verkocht ik opeens aan mensen uit Oostenrijk en Spanje! Toen mijn werkgever failliet ging, hoefde ik niet lang na te denken. Ik huurde een ateliertje en onlangs heb ik ansichtkaarten laten drukken voor www.mantita.nl, die ik in winkels heb neergelegd. Bijkomend voordeel is dat ik dit werk perfect kan combineren met de zorg voor mijn zesjarige zoontje.''

Eekman is lang niet de enige die internet gebruikt als etalage voor haar huisvlijt. Handgemaakte zeepjes, zelfgenaaide schorten, unieke zijden sjaals, beschilderd servies, T-shirts met print naar keuze: het virtuele aanbod van creatieve producten is groot. Zelfs Monica Lewinsky verkoopt tassen via internet (www.therealmonica.com), al maakt ze die inmiddels niet meer allemaal zelf.

ESCAPISME

Ook Ingrid van der Steen (36), freelance webdesigner voor particulieren, begon anderhalf jaar geleden een webwinkel. Via www.moshi-moshi.nl verkoopt ze digitale fotocollages en `sieraden met een spiritueel tintje', gemaakt van natuurlijke materialen als zilver, kristal en hout. ,,Toen ik last kreeg van een muisarm, besloot ik om iets met mijn handen te gaan doen'', vertelt ze. ,,Sieraden maken is een vorm van escapisme: het is kalmerend en doet denken aan een ongecompliceerde tijd. Als ik bezig ben met glimmende kraaltjes voel ik me weer een klein meisje. En winkeltje spelen maakt het nog leuker.''

Webwinkels zijn volgens Van der Steen een logische volgende stap in de zelfmaaktrend. ,,Fulltime handwerken vinden veel hoogopgeleide vrouwen te beperkt. Maar ook als ze het naast een baan doen, hebben ze vaak wel de ambitie om er een succes van te maken. Het is een traditionele bezigheid gecombineerd met een moderne mentaliteit. De webwinkeltjes schieten momenteel als paddenstoelen uit de grond.''

Omdat de vormgeving van dergelijke sites nogal eens te wensen overlaat, begon ze www.craftygirls.nl, waarop zelfmaakmeisjes hun waar kunnen uitstallen. Tussen de ruim honderd aangeboden producten prijken handbeschilderde noodle-kommetjes, felgekleurde knuffelbeesten, versierde mobiele telefoontasjes, stoere polsbanden en gehaakte mutsjes. ,,Via een adres als www.eigensite.nl kun je snel en goedkoop een eigen webwinkeltje starten'', zegt Van der Steen. ,,Maar veel sites missen een herkenbaar `gezicht' en zijn niet erg professioneel. In Amerika bestaan al jaren mooi verzorgde sites als www.craftster.org, waarop vrouwen gezamenlijk naar buiten treden met hun handwerk; hier was nog weinig op dat gebied.''

Etaleren op craftygirls.nl is gratis, maar de handelswaar moet wel bij het concept passen. De aangeboden producten moeten onderscheidend zijn, dus niet rechtstreeks nagemaakt uit een boekje. En `Crea Bea's' die theezakjes vouwen of 3D-knippen, kunnen hun heil beter elders zoeken, zo meldt de site. Momenteel telt de webwinkel zevenendertig aanbieders, waarvan 95 procent vrouw is en 60 procent zelfstandig ondernemer.

Webwinkels passen bij vrouwen, zegt Ingrid Verheul (29), die vorige maand promoveerde aan de Erasmus Universiteit met een onderzoek naar de verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke ondernemers in Nederland. ,,Vrouwen werken graag thuis, zodat ze werk en zorgtaken kunnen combineren'', verklaart ze. ,,Anders dan mannen vinden vrouwen het niet erg als werk en privé door elkaar heen lopen; ze moeten er vooral plezier in hebben. Daarnaast zijn vrouwen risicomijdend. Mannen pakken een eigen bedrijf vaak meteen groots aan, met een klantenbestand, auto en kantoorpand. Vrouwen beginnen liever kleinschalig en dan is een internetwinkel natuurlijk ideaal. Met één computer ben je al in business.''

IDEAAL VOOR VROUWEN

Ook de behoefte aan controle wordt bevredigd met een webwinkel. Verheul: ,,Vrouwen zijn over het algemeen uitermate perfectionistisch. Ze zijn voorzichtig, willen bovenop het productieproces zitten en nemen minder snel personeel aan dan mannen. Dan helpt het als je organisatie zich letterlijk afspeelt op de vierkante meter. Een nadeel van die instelling is dat door vrouwen gerunde bedrijfjes vaak relatief klein blijven. Zolang ze ervan kunnen rondkomen, vinden vrouwen het prima. Of dat erg is? Bezien vanuit hun bijdrage aan het bruto nationaal product wel, maar succes is op meerdere manieren te meten. Wat is het belangrijkst? Geld, persoonlijke ontwikkeling, kwalitatieve vooruitgang, tijd overhouden voor andere zaken? Met dergelijke vragen krijgen alle ondernemers te maken. Wie wil groeien, zal vroeg of laat toch dingen uit handen moeten geven.''

Het is precies het dilemma waarvoor de dames van Hardtroze (www.hardtroze.nl) staan. Anderhalf jaar geleden startten deze vier vriendinnen van de Arnhemse kunstacademie een webwinkeltje in tassen, dat inmiddels aardig uit de klauwen groeit. ,,We zijn begonnen uit onvrede met onze banen'', vertelt Dirkje Bakker (29). ,,We wilden vrij werk maken, zonder rekening te hoeven houden met opdrachtgevers. Tassen zijn dan ideaal: meer dan stof en een naaimachine heb je niet nodig, en je kunt je er flink op uitleven. Met tassen durven mensen extremer te zijn dan met kleding.''

Vanaf het begin was duidelijk dat hun creaties de huiselijke kring moesten ontstijgen. De vriendinnen naaiden een halfjaar lang tassen, maakten een website en gaven vervolgens een lanceringsfeest in de Amsterdamse club Bitterzoet. Ze verkochten hun halve voorraad. ,,Mensen willen graag iets unieks hebben'', zegt Nelleke Wegdam (28). ,,Al gauw belden de tijdschriften en sindsdien gaat het hard. Gezamenlijk maken we maandelijks dertig tassen en die worden allemaal verkocht.''

NIEUWE DILEMMA'S

Iedere Hardtroze-tas is anders. Ze hebben bamboe of plastic handvaten, zijn van kleurige stof of glimmend skai, worden sober gelaten of juist versierd met bloemapplicaties. Nelleke: ,,We hebben geen creditcardsysteem en onze site is in het Nederlands. Toch krijgen we zelfs bestellingen uit Amerika, Australië en Japan. Ongelofelijk. Zo'n bereik heb je natuurlijk nooit met een gewone winkel.''

Hardtroze betaalt inmiddels inkomstenbelasting en zou aanzienlijk meer omzet kunnen draaien. Maar ambiëren ze dat? ,,We zijn er nog niet uit'', zegt Nelleke. ,,Onlangs hebben we atelierruimte gehuurd omdat onze huizen volliepen met stofjes en tassen. Ook krijgen we regelmatig aanvragen van winkels die onze tassen willen verkopen. We moeten dus beslissingen nemen. Stoppen we met onze vaste banen, besteden we de productie uit? Allemaal dingen waarover we van te voren niet hadden nagedacht.'' Dirkje: ,,Internet maakte het gemakkelijk om te experimenteren met een eigen bedrijfje. De vraag is of het leuk blijft als het `echt' werk wordt.''

    • Eveline Stoel