Extremisme in windmolenland

De weerstand tegen windenergie neemt toe, vooral doordat de overheid er geen standpunt over inneemt. Zes van de twaalf provincies halen hun doelstelling waarschijnlijk niet. ,,Er woedt een loopgravenoorlog.''

Langs de A12 bij Harmelen, tussen Utrecht en Woerden, zouden windturbines komen. Even verderop, onder Woerden, ook. Net als bij Breukelen, langs de A2. Maar de plannen zijn allemaal gesneuveld.

Er is een toenemende weerstand tegen windenergie, schrijft TNO in een onlangs vrijgegeven rapport. De weerstand is inmiddels zo goed georganiseerd dat een efficiënte aanpak van nieuwe projecten ,,nauwelijks meer tot de mogelijkheden'' behoort. Daardoor halen zes van de twaalf provincies hun doelstelling voor 2010 waarschijnlijk niet. Dat zijn Utrecht, Limburg, Friesland, Drenthe, Overijssel en Gelderland.

,,Stel je voor dat hier acht van die turbines van ruim honderd meter hoog komen, met klappende bladen. Dat zou vreselijk zijn'', zegt Jim Mollet, voorzitter van het Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW), dat fel tegenstander is van windenergie. Mollet wijst naar een weiland dat ingeklemd ligt tussen de A12 bij Harmelen, een paar maïsvelden en een woonwijk. De provincie Utrecht had er windmolens gepland, maar dat plan is met succes aangevochten. Volgens Mollet zouden de turbines te dicht bij de woonwijk komen. Hij zegt dat zijn organisatie een draaiboek heeft waarin staat hoe procedures het best kunnen worden gedwarsboomd.

Volgens Marc Calon is er een ,,loopgravenoorlog'' aan de gang tussen voor- en tegenstanders van windenergie. Calon is gedeputeerde van de provincie Groningen, en tevens voorzitter van SLOW, de stichting die de landelijke plannen rond windenergie begeleidt. Rijksoverheid, provincies en gemeenten zijn vier jaar geleden overeengekomen dat er in Nederland in 2010 een vermogen van 1.500 megawatt aan windenergie moet zijn. Dat is voldoende om 900.000 huishoudens van stroom te voorzien. Het past in het grotere plan van het kabinet: in 2010 moet 9 procent van alle verbruikte stroom uit duurzame bronnen (zon, wind, waterkracht, biomassa) komen. ,,Beide kampen zijn nu allebei nogal extremistisch bezig'', zegt Calon. ,,Zo komen we geen stap verder.''

Molet van de NKPW somt de bezwaren van windenergie op. De turbines tasten het landschap aan en zorgen voor geluidsoverlast. Windenergie is inefficiënt, want het waait niet altijd. Dat maakt het duur. Doordat de wind grillig is, komt de stroom in horten en stoten, en daarop is het elektriciteitsnet niet ingesteld. Tot slot bestaat windenergie bij de gratie van de subsidie op groene stroom, de MEP. De NKPW ziet meer in het bijstoken van biomassa door elektriciteitscentrales. Dat zet meer zoden aan de dijk.

,,Windmolens kunnen het landschap inderdaad ingrijpend veranderen'', zegt Jasper Vis van de Stichting Natuur en Milieu. ,,Daarom moet je goed nadenken waar je ze neerzet.'' Dat windenergie duur is, ontkent hij. ,,Het is inderdaad duurder dan stroom uit bijvoorbeeld steenkool, maar in die prijs is de milieuschade niet verrekend.'' Dat windenergie niet alle duurzame energie levert, is volgens Vis niet meer dan logisch. ,,Je moet zoveel mogelijk duurzame bronnen aanboren'', zegt hij. Wel klopt het dat het elektriciteitsnet problemen krijgt met de pieken en dalen van windenergie. Maar dat gaat pas op als windenergie meer dan 20 procent van alle stroom op het net uitmaakt. ,,Waarschijnlijk zitten we in 2010 pas op drie procent'', zegt Vis. De kritiek dat turbines amper zijn verbeterd weerlegt hij. Tien jaar geleden leverden ze een vermogen van 500 kilowatt. Tegenwoordig zitten ze al op 3, soms wel 5 megawatt.

Ondanks alle weerstand wordt de doelstelling van 1.500 megawatt voor 2010 toch gehaald, zegt Calon. Vooral omdat Flevoland veel meer bouwt dan afgesproken. Maar het wringt dat zes provincies hun afspraak niet nakomen. Dat vindt ook Vis, van de Stichting Natuur en Milieu. ,,Iedereen moet zijn bijdrage leveren.''

Volgens Hans Kursten, hoofd duurzame energie bij elektriciteitsbedrijf Eneco, is er sprake van ,,een nieuwe Hollandse ziekte'' die niet alleen op het gebied van windenergie speelt. ,,Ik was gisteren in Barneveld. Daar klaagden gemeenteambtenaren dat het niet uitmaakt welk project je opstart, er komt altijd bezwaar tegen.''

Al die weerstand heeft zijn effect. Vorig jaar claimde een burger verlaging van zijn onroerende zaak belasting (OZB) omdat er een windturbine in de buurt van zijn huis was geplaatst. Die zou de waarde van zijn woning verminderen, zodat hij ook minder OZB zou hoeven betalen. De rechtbank in Delfzijl stelde hem in het gelijk. ,,Het scheelt enkele honderden euro's per jaar'', zegt Mollet. Gemeenten zijn volgens hem huiveriger geworden om windturbines in de buurt van woonwijken te plannen, want ze vrezen tien- tot honderdduizenden euro's verlies aan belastingopbrengsten. Maar volgens Kursten van Eneco wordt de soep niet zo heet gegeten. De gemeente Delfzijl is in beroep gegaan tegen de uitspraak, dus staat nog niks vast.

Van de rijksoverheid krijgt SLOW weinig steun, vindt Calon. Er zijn vier ministeries bij windenergie betrokken. ,,Die doen verrekte weinig'', zegt hij. Minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) heeft vorig jaar de subsidie op windmolenparken in zee stopgezet, omdat het de staat te veel geld kostte. Een paar maanden geleden verlaagde hij de MEP-subsidie voor renovatie van windmolens. ,,Een slechte zet'', zegt Vis van de Stichting Natuur en Milieu. ,,Ik heb Brinkhorst nooit een lans horen breken voor windenergie.''

In zijn rapport wijt TNO de toegenomen weerstand tegen windenergie aan het feit dat de overheid er geen duidelijk standpunt over inneemt. Een goede analyse van kosten en baten is nog steeds niet uitgevoerd. Volgens Mollet is het Centraal Planbureau daar nu, in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, eindelijk aan begonnen. Die analyse zal naar verwachting volgende maand verschijnen. Dan bespreekt de Tweede Kamer ook de energienota van Brinkhorst. ,,Het kan de redding zijn voor windenergie, maar ook de nekslag'', zegt Mollet.

    • Marcel aan de Brugh