Björk: Drawing Restraint 9

Pas op! Dit is geen regulier Björk-album. Al is het de vraag of er zoiets bestaat, zeker sinds haar lichtelijk bizarre, vrijwel geheel uit stemgeluiden bestaande laatse cd Medúlla. Van de weeromstuit is Björks eigen stem hier maar in een paar nummers te horen, want het is de soundtrack voor de film Drawing Restraint 9. Gezien de flinke, multimediale kunstenaarsstatus van maker Matthew Barney, niet toevallig ook Björks echtgenoot, kunnen we deze film eerder in het museum verwachten dan in het bioscoopcomplex om de hoek.

De film, geproduceerd in Japan, schijnt het verhaal te vertellen van twee westerlingen (Barney en Björk) op een Japanse walvisboot, die uiteindelijk zelf veranderen in walvissen, elkaars ledematen verwijderen en verdwijnen in het ruime sop. 't Is weer eens wat anders dan Moby Dick.

De muziek van de bijbehorende soundtrack is geworteld in de gagaku, de Japanse hofmuziek die ergens in de achtste eeuw wortelt. Dat geldt op het eerste gehoor niet voor alle nummers: opener `Gratitude' gaat, met voorzichtig schuifelende beats en sierlijke celeste- en harp-partijen, zelfs van start als een mooi, traag lied volgens de Björk-standaard. Tot de Amerikaanse alt.country-zanger Will Oldham zijn klagende stem verheft althans. Dat zijn tekst geplukt is uit de brief van een dankbare Japanner aan de Amerikaanse generaal MacArthur zegt al iets over het subthema van deze plaat: de relatie, en de spanning, tussen de oeroude Japanse beschavig en het westen, dat doorgaans toch verbaasd naar die rare-jongens-die-Jappen kijkt.

Björk, op haar beurt, nam de moeite om zich intens in de Japanse cultuur te verdiepen. Vooral in het tien minuten durende `Holographic Entrypoint', met indrukwekkende stembuigingen uitgevoerd door Noh-performer Shiro Nomura. Dan zijn we de popmuziek wel heel ver voorbij, en dat geldt ook voor de nummers met de shoh (een eeuwenoud Japans blaasinstrument, dat prachtige ijle tonen voortbrengt) van Mayumi Miyata in de hoofdrol. Als Björk dan wel haar stem verheft, zijn het wel elektronica-muzikanten als de Iranese Leila of de man met de prachtige artiestennaam Akira Rabelais die de boel op de achtergrond welluidend verstoren. Niet gemakkelijk, deze nieuwe Björk, maar in al zijn ongrijpbare abstractie wel bloedmooi.

(One Little Indian, distr. Universal)

    • Jacob Haagsma