Nee kon hij niet zeggen

`Hielp ik je daarom uit de goot / was dan jouw vriendschap niet zo groot?' zong André Hazes in zijn grote hit 'n Vriend. Het lied ging over iemand die zich de vriend van de zanger noemde, maar in het geniep met diens vrouw naar bed ging – en blijkbaar nooit `van je vriend aan de muur zijn trouwportret' zag hangen. Wie een biografie over Hazes de titel 'n Vriend geeft, verwijst zodoende expliciet naar de bittere ironie van 's mans levenslot: voortdurend omringd door zogenaamde vrienden, die in werkelijkheid vaak uitvreters waren en steeds weer aandrongen op nog één laatste rondje, zodat ze tenslotte misschien wel medeverantwoordelijk waren voor 's mans vroege dood – nu bijna een jaar geleden.

Bij de TROS is sinds twee weken te zien hoe zijn weduwe Rachel (`Rasjèl', voor intimi) informatie verzamelt voor een biografie die ze over Hazes gaat schrijven. Bert Hiddema, die in eerdere boeken over Johnny Jordaan en Rinus Michels zijn affiniteit met de Mokumse volksaard bewees, is haar echter te vlug af. Blijkens het namenlijstje achterin 'n Vriend is de auteur niet doorgedrongen tot Hazes' directe omgeving, maar wel heeft hij een zus, een broer en diverse andere ooggetuigen geraadpleegd. En verder putte hij uit `talloze dag-, week- en maandbladen', want André Hazes heeft in de loop van zijn leven honderden interviews gegeven waarin ook de vele perikelen in zijn privé-leven onverhuld ter sprake kwamen. Hiddema concludeert dat de zanger zich menigmaal in stuurse zwijgzaamheid hulde tegenover de drie vrouwen met wie hij getrouwd is geweest, maar in de buitenwereld het hart op de tong droeg. Iedereen – ook elke journalist – die naar hem wilde luisteren, kreeg het hele relaas.

In brede streken, maar met een geoefend oog voor levendige details, vertelt 'n Vriend een pakkend verhaal over een klein jongetje dat blijkbaar nooit helemaal groot is geworden – vaak onzeker, bang te worden uitgelachen en veel te goed van vertrouwen zodra iemand hem voor vol leek aan te zien. `Dreetje, klein voor zijn leeftijd, is overgevoelig omdat hij de pispaal is van een vader die hem haat', schrijft Hiddema op inlevende toon over Hazes' getroubleerde jeugdjaren. `Een klein jongetje dat smeekt om liefde, op het sentimentele af. Goedgelovig omdat hij graag bij anderen in de gunst wil staan. En later, over de zanger in zijn glorietijd: `Het punt is dat hij geen nee kan zeggen en door iedereen een aardige jongen gevonden wil worden. Met bakken komt het geld binnen, royalties, gages, wit, zwart, weet hij veel, maar het gaat er even snel weer uit.'

Dat op die glorietijd ook weer een deerlijk diep dal volgde, is bijna iedereen alweer vergeten. Zijn ster steeg pas weer na de documentaire van John Appel – toen zijn drankgebruik (vijftig tot zestig pilsjes per dag) hem al goeddeels had gesloopt. `Het tragische is dat Hazes na het succes van zijn film eigenlijk niet meer goed kan zingen', aldus Hiddema, hoewel Hazes op goede momenten nog altijd uitstekend bij stem kon zijn. De auteur onderstreept dat de zanger zich hoogstens vier nummers achter elkaar staande houdt, `voor hij pijlsnel uit het zicht van het publiek aan de zuurstoffles gaat.' Hazes werd bovendien steeds dover. `Het gevolg is dat hij na afloop geen gesprek meer kan voeren omdat hij er niets van verstaat en de gezichten van de omstanders beginnen te lijken op de koppen van de vissen in de vijver van zijn tuin, terwijl hij de rest van de dag knoerend doof is en oerend hard de gekste piep-, ratel-, suis- en schuurgeluiden hoort, soms een complete flipperkast. Zo erg dat hij niet meer weet waar hij het zoeken moet.'

André Hazes was nog maar 53, toen hij stierf. Maar meer zat er, blijkens Hiddema's relaas, niet in.

Bert Hiddema: 'n Vriend. Het leven van André Hazes. L.J. Veen, 222 blz. € 16,50

    • Henk van Gelder