Ik mis de tegencultuur

Op hun nieuwe cd `Howl' hebben de rockers van Black Rebel Motorcycle Club hun elektrische gitaren afgegooid. ,,We bedachten dat je een baslijn ook kunt zingen, met lage stem.''

Toen Bob Dylan in 1965 op het Newport-festival voor het eerst zijn elektrisch versterkte rock speelde, in plaats van akoestische folk, werd hij door boze fans met flessen bekogeld. Iets dergelijks zou de Amerikaanse band Black Rebel Motorcycle Club nu kunnen overkomen. Zij hebben de omgekeerde weg afgelegd: van psychedelische rock naar akoestische subtiliteiten. Zanger/gitarist Peter Hayes is er niet helemaal gerust op hoe het publiek op hun nieuwe stijl zal reageren. Gelukkig zijn de flessen tegenwoordig van plastic, zegt Hayes.

Black Rebel Motorcycle Club brak door in 2003. Drie muzikanten met zwarte kleren, woeste bakkebaarden en een scherp profiel maakten het soort muziek dat nooit verveelt: suizende rock met zang zo onaangedaan dat zelfs Lou Reed er niet aan kan tippen. De psychedelische gitaar-uitbarstingen kregen hun plaats in handzame melodieën, waarvan de single `Whatever Happened To My Rock `n' Roll' het zelfs tot onze hitparade schopte. Black Rebel Motorcycle Club rockte en raasde, zoals het drie jonge mannen met sturm en drang betaamt.

En nu, na twee cd's in dat stramien, is daar sinds vorige week Howl. Howl is voor Black Rebel Motorcycle Club wat American Recordings (1994) was voor Johnny Cash. Howl is een stenig bergpaadje terug naar de oorsprong van de Amerikaanse popmuziek. In dertien liedjes wordt rondgekeken in alle staten en alle genres: de country van Tennessee, de spookachtige ballades van de Appalachen-bergen, godsvruchtige blues van de Mississippi-delta, straatpoëzie uit New York, de zonnige fröbeldrift uit Californië. Het tempo is bedaard. Black Rebel Motorcycle Club neemt de tijd om zijn pad te verkennen.

Zo'n nieuwe koers is gewaagd. Willen de fans wel een blanke pit, of toch liever de ruwe bolster? Volgens Peter Hayes is Howl het gevolg van een tijdje nietsdoen. De groep zat thuis in Los Angeles en bedacht dat een akoestische stijl misschien verfrissend zou zijn. ,,En van het een kwam het ander'', zegt Peter Hayes, per telefoon vanuit zijn huis. ,,We bedachten dat je een baslijn ook kunt zingen, met lage stem, in plaats van een basgitaar te gebruiken. En dat we de muur van gitaar konden verruilen voor een orgel, een trombone of een koor. Het maakte niet uit wat we deden, als het maar anders was dan we gewend waren.'' Er heerste, zoals hij zegt, een ,,experimentele Beach Boys-vibe''.

Omzwervingen

De harmonieuze stijl van Howl is geen afspiegeling van de stemming in de band, ten tijde van de opnamen. Dat de groep na de tweede cd, Take Them On, On Your Own, had gebroken met platenmaatschappij Virgin was eigenlijk wel een rustige gedachte, aldus Peter Hayes (,,Hadden we tenminste geen ongeduldige platenbaas op onze nek hijgen''). Erger was het dat Hayes en drummer Nick Jago elkaar vorig jaar tijdens een concert in Schotland naar de keel waren gevlogen, waarna Jago de band verliet. Hayes en zanger/bassist Robert Turner moesten nu samen de opmaat naar de derde cd verzorgen, en speelden samen de drumpartijen. Tot Jago afgelopen mei, na enige omzwervingen, weer terugkeerde in de groep. ,,Te veel touren, te veel druk, te veel drugs'', vat Hayes de oorzaak van de spanningen samen.

Wie afgelopen jaar de documentaire Dig! (Ondi Timoner, 2004) heeft gezien, over het leven on the road van de groep Brian Jonestown Massacre, weet wat Hayes bedoelt. In die film hebben de muzikanten om de haverklap ruzie, en speelt zanger Anton Newcombe het klaar om tijdens een belangrijk optreden ten overstaan van platenmaatschappijmensen die de groep een contract willen aanbieden, zijn microfoon weg te leggen om met een van zijn bandleden een robbertje te gaan vechten. En wie staat daar verlegen op de rand van het podium gitaar te spelen, alleen herkenbaar aan de bakkebaarden die als harige armpjes om zijn gezicht sluiten? Dat is Peter Hayes, in een vorig leven actief als dienstbaar gitarist.

Dat dezelfde Hayes een paar jaar later een populaire band zou leiden, is aan die film niet af te zien. Zo heeft hij meer onverwachte kanten. Al klinkt zijn stem tijdens ons gesprek lispelig als een verlegen tiener, zijn woorden zijn beslist. Hayes heeft een missie. Hayes vindt dat popmuziek weer een functie moet krijgen in de maatschappij. Hayes ziet de wereld in de greep van geld en consumeerdrift en vraagt zich af `Waar ging het mis?'. Zoals hij ooit ook al bedoelde met de tekst van `Whatever Happened To My Rock `n' Roll'. ,,Vroeger had rock&roll een maatschappelijke taak'', zegt Hayes. ,,Het was een motor tot verandering – van de cultuur, van de gevestigde orde. Ik zie niks in muziek die om niets anders draait dan het `geluid' of een mode-statement. Dat interesseert mij niet. Ik wil meer bereiken. En het zit me dwars dat andere mensen dat niet zo zien. Waar is de tegencultuur gebleven? Waar zijn de mensen gebleven die zich uitspreken tegen dat wat ze zien als een probleem? Vooral in muziek mis ik ze. Maar ook in andere kunsten. Alles draait om geld verdienen. Daarom is de meeste kunst veilig, niemand wil aanstoot geven, men wil in de smaak vallen, en lekker verkopen.

,,Iedereen heeft geld nodig. Maar de enorme hoeveelheden die sommige mensen in no time bij elkaar verdienen is absurd. Dat moet stoppen. Net zoals het in de platen-business is opgehouden, door de komst van internet. Hun monsterwinsten zijn verdwenen. Ze werken dan wel bij een platenmaatschappij, maar ze moeten nu leven als wij allemaal, met één auto, en één huis.''

Als eerbetoon aan de rebellen van het verleden vernoemde Black Rebel Motorcycle Club de nieuwe cd naar het gedicht `Howl' van beat-dichter Allen Ginsberg. Met dit epische gedicht werd Ginsberg in 1956 niet alleen op slag beroemd, maar ook controversieel. De Amerikaanse burgerij nam aanstoot aan zijn overdadige beschrijvingen van anale seks, intraveneus drugsgebruik en het leven aan de zelfkant.

Hayes kent het gedicht van de middelbare school. ,,Toen hoorde ik er voor het eerst over praten. Onze cd Howl is ons eerbetoon aan de mensen die al rock&roll waren, voordat rock&roll was uitgevonden. We willen graag de aandacht vestigen op hun manier van leven.''

Het is opvallend hoe groot de invloed van de Beat Generation tegenwoordig nog is. Dat Bob Dylan en Led Zeppelin zich in de jaren zestig door de inzichten en levensstijl van Ginsberg, William Burroughs en Jack Kerouac lieten leiden, is bekend. Maar de laatste tijd duiken er meer verwijzingen op. Behalve bij Black Rebel Motorcycle Club, ook bij groepen als Admiral Freebee (uit België) en Clem Snide (uit New York) die zich vernoemden naar personages uit boeken van respectievelijk Kerouac en Burroughs. Er zijn meer redenen waarom popmuzikanten interesse in de beat poets kunnen hebben. Om hun vrijzinnigheid, hun rebelsheid, hun eigenzinnige visie op de taal, en natuurlijk het leven `on the road' dat voor de popmuzikant nu eenmaal onvermijdelijk is.

Weerwoord

Peter Hayes ziet hun belang in de weigering zich aan te passen aan `het systeem'. Het onderwerp maakt hem emotioneel. Met geknepen stem zegt hij: ,,Ik word bang, door de macht die het kapitalisme over ons heeft. Vanaf dag één wordt het erin gestampt. Je ziet iedereen er aan toegeven. En waarom geeft de kunst geen weerwoord? Dat zie ik als een drama: wat gebeurt er met een cultuur die zijn kunst verliest?

,,Het mooie van de beat poets was dat ze niet cynisch werden. Ze zochten hun eigen antwoorden zonder te verharden. Dat vind ik hoopvol. Zo proberen wij ook onze eigen weg te vinden, zonder cynisme, maar wel waakzaam.''

Black Rebel Motorcycle Club zoekt ook naar antwoorden in het geloof, blijkt op Howl. Door de gospelzang hebben veel nummers een religieuze sfeer, en in de teksten is sprake van duivels, zondaars en verlossing. Hayes: ,,Ik heb mijn eigen visie op het geloof. Helaas is religie net zo goed als kunst een instrument geworden in de handen van de geves9tigde orde. Bij religie denk je in Amerika al snel aan de conservatieve, rechtse Bush-aanhangers met hun houding van `Wij hebben gelijk, jullie niet'. Dat is een afschrikwekkende vorm van religie; het is geen religie, het is een dictatuur.

,,Maar ook daar kun je een persoonlijke vorm kiezen. Het is volgens mij ook de verantwoordelijkheid van de kunstenaar om de religieuze fanaten een beetje in toom te houden. Die taak gaat ver terug in de geschiedenis. Bijvoorbeeld die vent die ook de Sixtijnse Kapel heeft geschilderd. Toen hij het Laatste Avondmaal maakte, schilderde hij een vrouw bij Jezus aan tafel. Iedereen viel over hem heen. Alsof er niet gewoon een vrouw bij Jezus aan tafel gezeten kan hebben!?! Zo'n interpretatie is het instrument van de kunstenaar om de religieuze orde een beetje op te schudden. Die verantwoordelijkheid voel ik ook.''

`Howl' is deze week verschenen bij platenmaatschappij PIAS. Black Rebel Motorcycle Club zal eind dit jaar in Nederland optreden.