Houellebecq verbreekt de stilte

Wat men ook denken mag van de Franse schrijver Michel Houellebecq, boek na boek goed voor een succès de scandale, een man van zijn woord is hij niet. ,,Nooit meer'' zou hij vragen van de media beantwoorden, zo zei hij in 2002, na afloop van een proces dat mensenrechtenorganisaties tegen hem hadden aangespannen omdat hij in een tijdschrift de islam de ,,lulligste godsdienst die er bestaat'' had genoemd.

Misschien is het omdat hij werd vrijgesproken, in elk geval verbreekt hij dezer dagen een ruim twee jaar lange stilte met een reeks van interviews. En met een nieuwe roman, de aanleiding voor de interviews. Het boek zelf, getiteld La possiblité d'une île is, ter verhoging van de spanning en uiteraard de verkoop, met grote geheimzinnigheid omgeven. Op 31 augustus ligt de dikke pil van 488 pagina's in de boekhandels in Frankrijk, en tot dat moment blijft de inhoud een streng bewaakt geheim.

Niets is minder waar – en dat hoort ook bij het spel: in literaire kringen lijkt niemand meer rond te lopen die het boek niet al heeft gelezen. Een pakket drukproeven is zelfs op een bankje in een park aangetroffen. Iemand had op het titelblad het vernietigend oordeel `wat een rotboek' geschreven. Philippe Solers, goeroe der goeroes, denkt daar anders over en heeft het `onvermijdelijk' genoemd dat Houellebecq de prestigieuze Prix Goncourt krijgt. Het is fijn voor de uitgever – Hachette, dat de schrijver vorig jaar naar verluidt voor een miljoen euro wegkocht bij Flammarion – dat weer anderen het daarmee luidruchtig oneens zijn.

Houellebecq wordt wel een voorspellende gave toegedicht. Zijn vorige roman, verschenen vlak voor de aanslagen van `9/11', handelde over moslimterrorisme. La possiblité d'une île, waarvan de Nederlandse vertaling De mogelijkheid van een eiland eind november verschijnt, gaat over klonen van mensen. In de interviews voorspelt de schrijver dat de mens ondanks ethische bezwaren gekloond gaat worden, ,,louter en alleen omdat de wetenschap dat mogelijk maakt''. Het is tot nu toe de meest controversiële uitspraak, Houellebecq acht het kennelijk niet meer nodig te provoceren.

De mythe gedijt hoe dan ook. Gelijktijdig met de roman verschijnen werken over de schrijver, waarvan één van de hand van absurdist Arrabal. In een andere biografie wordt onthuld dat Houellebecq de naam van zijn grootmoeder is en dat de schrijver in werkelijkheid Michel Thomas heet. Ook is hij in 1956 geboren, en niet in 1958, zoals hij tot nu toe steeds beweerd heeft. Tot de verbeelding spreekt ook dat de nieuwe roman verfilmd gaat worden, naar een script van de schrijver zelf én in zijn regie.

HOUELLEBECQ Boeken, pagina 25

    • Pieter Kottman