Een familie zonder remmen

De vorige twee boeken van Peter van Gestel – Winterijs (Gouden Griffel, Woutertje Pieterse Prijs) en Die dag aan zee waren boeken waar je ook al viel er veel te glimlachen vooral melancholiek van werd. In Winterijs werd dat zware gevoel veroorzaakt doordat de lezer steeds meer te weten kwam over het drama dat zich in de oorlog bij de familie van de joodse jongen Zwaan had voltrokken. In Die dag aan zee nam de somberheid met elke bladzijde toe omdat je steeds minder begreep van de 17-jarige jongen Cham die (zichzelf?) uiteindelijk verdrinkt. In Nikki heeft Van Gestel iets heel anders geprobeerd: hilariteit. En dat valt zeker in het begin van dit familieportret nog niet mee.

Even voorstellen: Nikki – door haar ogen kijken we – is een weerbarstig meisje van twaalf, moeder is zangeres en hoogzwanger, vader heeft permanent ruzie met zijn computer (`de oude dame'), de inwonende oma is even lastig als frivool, oudste zus Margot speelt gekmakend mooi viool (en is zelf trouwens ook veel te mooi) en 5-jarige Sien, tot slot, is het zusje dat iedereen altijd over het hoofd ziet. Het boek beschrijft een dag uit de vrolijke chaos van deze mensen. Een dag waarop Nikki auditie voor een film doet, moeder bevalt en aan het einde van de dag een onbekende roodharige jongen op de bank ligt.

Peter van Gestel is een meester in het schrijven van scherpe en geestige dialogen: levenslustige spreektaal recht uit het hart. Maar in dit boek heeft hij de rem niet kunnen vinden. Bladzijden achter elkaar gaat het maar door. En als het geen dialogen zijn, dan zijn het wel innerlijke monologen. Een losgezongen woordensteekspel is het. De lezer staat erbij en kijkt ernaar.

Dat gaat bijvoorbeeld zo: `Hun moeder hield op met zingen en riep: ,,Verdorie, ik kom adem te kort'', en daarna zong ze weer dapper verder. ,,'t Wordt tijd dat die gozer komt'', zei Nikki. ,,Wie?'', vroeg Sien. ,,Je broer.'' ,,Mamma weet niet dat we hier staan.'' ,,Ik had het over je broer'' ,,Ja ja.'' ,,Twee beentjes, twee handjes, twee voetjes, weet je nog?'' ,,Nee, weet ik niets van.'' ,,Dat zei je vanochtend in bed.'' ,,Waarom?'' ,,Weet ik veel waarom.'' ,,Heb ik niet gezegd.'' ,,O ja hoor, maar wat je in bed zegt, zeg je niet op de gang hè?'' ,,Bemoei je er niet mee'', zei Sien.' Enzovoort.

Lezen in Nikki geeft het gevoel op een verjaardag te zijn beland van een prettig gestoorde familie waar je iedereen afzonderlijk graag zou leren kennen, maar waar je – nu iedereen zo door elkaar heen praat zonder naar elkaar te luisteren – door vermoeidheid overmand raakt. Maar net als je denkt `ik stap maar eens op', gebeurt er opeens van alles. Bijvoorbeeld de liefdevolle scène in het ziekenhuis waar moeder ligt te bevallen en vader op de gang in slaap is gevallen. En later – als moeder en baby weer thuis zijn – de zoete inval in de huiskamer. Dan zien de familieleden elkaar voor het eerst echt staan, en dan voel je je als lezer ook niet meer buitengesloten. Dan laat Van Gestel weer zien waar hij heel goed in is: de liefde tussen pubers bitterzoet beschrijven. `Hij is verliefd', laat hij Nikki bijvoorbeeld denken over Sem, `maar hij is veel te stom om te weten op wie precies.' Of: `Hij is echt niet goed snik, dacht Nikki en ze kreeg een warm gevoel van binnen.' Dan is het gevoel verdwenen dat Peter van Gestel in dit boek lollig aan het doen is. En dan ben je blij dat je deze `doodgewone dag' (Nikki) bij de familie hebt doorgebracht.

Peter van Gestel: Nikki. Querido, 168 blz. €13,50

    • Monique Snoeijen