Veel weerstand tegen dienstenrichtlijn

De ontwerp-dienstenrichtlijn regelt de liberalisering van de Europese dienstenmarkt. Daarbij gaat het niet alleen om – vooral in Frankrijk gevreesde – Poolse bouwvakkers of Portugese landarbeiders, maar ook om bij voorbeeld consultants, architecten, reclamebureaus of beveiligingsbedrijven. Bijna 70 procent van de Europese economie bestaat uit dergelijke dienstverlening. De dienstenrichtlijn is een voorstel van de toenmalige Nederlandse eurocommissaris Bolkestein (Interne Markt, VVD). de richtlijn is vooral bedoeld om nationale barrières weg te nemen die vaak het gevolg zijn van gedetailleerde regelgeving in individuele lidstaten. Belangrijk uitgangspunt in de richtlijn is het `oorsprongslandbeginsel' waarin geregeld wordt dat voor een dienstverlenend bedrijf die in een andere lidstaat actief is, de regels van het thuisland van toepassing zijn. In principe heeft de richtlijn in Nederland betrekking op alle vormen van dienstverlening, behalve bepaalde vormen van vervoer, financiële diensten en activiteiten die direct bijdragen aan de uitoefening van het openbaar gezag. Daarnaast wil het kabinet de markt van kansspelen uitsluiten van de richtlijn. Volgens de Sociaal Economische Raad (SER), die het kabinet hierover adviseerde, is de richtlijn noodzakelijk voor een interne markt van diensten in Europa. tegelijkertijd, zo concludeert de SER, heeft de richtlijn ook veel weerstand opgeroepen. De SER meent dat het Commissievoorstel voor verbetering vatbaar is, bijvoorbeeld als het gaat om bescherming van consumenten en werknemers. Er moet volgens de SER geïnvesteerd worden in de handhavingscapaciteit van diensten die bijvoorbeeld arbeidsomstandigheden moeten controleren.