Armstrong haalt uit naar Tourdirecteur

Lance Armstrong heeft uitgehaald naar Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc, die op basis van dopingbeschuldigingen aan het adres van de Amerikaan heeft gezegd dat de renner iedereen bedrogen heeft. ,,Zeggen dat ik de fans heb bedrogen is idioot'', zei Armstrong gisteren in Washington.

De man die op 24 juli stopte met wielrennen, op de dag dat hij zijn zevende achtereenvolgende overwinning in de Ronde van Frankrijk had behaald, ging uitgebreid in op de beschuldiging dat hij in de Tour de France van 1999 het bloeddopingmiddel epo heeft gebruikt. Hij sprak dinsdag telefonisch ongeveer een half uur met Leblanc. ,,Toen ik hem aan de lijn had, zei hij niets van dit soort dingen tegen me'', zei Armstrong. ,,Ik las vanmorgen in de krant wat hij allemaal had geroepen.'' De oud-wielrenner was woest over de uitspraak van Leblanc dat hij teleurgesteld was in Armstrong. Hij zou de fans hebben bedrogen. ,,Waanzin dat hij dat zegt naar aanleiding van een vermeende uitslag van een B-staal'', zei Armstrong over de test die opschudding heeft veroorzaakt. Het laboratorium in Châtenay-Malabry, een voorstad van Parijs, heeft epo in anonieme urinemonsters uit 1999 gevonden, meldde dinsdag de Franse sportkrant L'Equipe, en op basis van documenten van de Franse wielerbond trok de krant de conclusie dat het maar liefst zes urinestalen van Armsrong betrof. De tests met die monsters waren gedaan in het kader van wetenschappelijk onderzoek, om de epo-test te verfijnen. Alleen de B-stalen waren bewaard. ,,We hebben het hier niet over B-stalen uit maar één jaar, maar over A- en B-monsters uit zeven jaar Tour de France. Nooit was ik positief. Er zaten geen steroïden of epo in. Het is volkomen oneerlijk om op basis van deze publicaties te zeggen dat ik de boel belazerd heb'', aldus Armstrong, die verder niet duidelijk maakte of hij actie gaat ondernemen. De afgelopen jaren heeft hij dat wel gedaan als het om beschuldigingen van dopegebruik ging.

De krant France Soir zegt te weten dat de overige zes positieve urinemonsters ook aan één renner toebehoren, maar dat die persoon wordt beschermd door ,,mensen die de macht hebben de naam geheim te houden''. Eén ding is zeker, schrijft de krant: ,,Als je zo vaak bent gecontroleerd moet het zo zijn dat de beschermde coureur in de Tour van 1999 een belangrijke rol heeft gespeeld.'' France Soir suggereert dat het een Franse renner kan zijn geweest die te populair was geworden om een oneervol einde aan diens loopbaan te maken; Richard Virenque.