Wie betaalt de inburgering?

Rotterdam wil extra geld van minister Verdonk voor de inburgering. ,,Het is een maatschappelijke noodzaak dat iedere migrant integreert.''

Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en integratie, VVD) steunt het Rotterdamse voornemen om 25.000 allochtone vrouwen de komende vijf jaar versneld Nederlands te leren en wegwijs te maken in de samenleving. Het zijn de opvoeders van de komende generatie allochtonen, hield wethouder Geluk (Onderwijs en Integratie, CDA) de minister gisteren tijdens een werkbezoek aan de Maasstad voor.

Geluk en Verdonk hebben dezelfde ambitie: ze willen dat ook de migranten die hier al decennia lang zijn maar nog onvoldoende Nederlands spreken (oudkomers), worden gedwongen alsnog in te burgeren. Verdonk heeft uitgerekend dat het in totaal om 775.000 migranten gaat. Daarvan wonen er 60.000 in Rotterdam. Zowel Verdonk als Geluk geeft bij de inburgering voorrang aan kwetsbare groepen: vrouwen en uitkeringsgerechtigden. Deze moeten alsnog worden verplicht om in de samenleving te participeren.

Maar Geluk en Verdonk denken verschillend over de aanpak. Rotterdam wil dat de overheid tot 2010 extra geld beschikbaar stelt voor een grootscheepse inhaalslag. Zoveel mogelijk migranten moeten alsnog het Nederlands onder de knie krijgen en een inburgeringsexamen halen. Van de 25.000 allochtone vrouwen die Rotterdam voorrang geeft bij de inburgering, komen 5.000 uit bijstandgezinnen. Hun cursus kan uit de bijstand worden gefinancierd. Voor de overige 20.000 betaalt de gemeente het cursusgeld van 6.000 euro. De vrouwen dragen zelf 270 euro bij. Deelname is verplicht. Vrouwen die tot 2010 de cursus niet halen of afhaken, moeten daarna zelf hun inburgering gaan betalen. De minister werd in Rotterdam bijgepraat over het actieprogramma `Meer dan taal alleen' en over het pilotproject `Samenloop reïntegratie en inburgering'. Het is een landelijke proef om migranten met een uitkering die al langere tijd in Nederland wonen maar de taal nog nauwelijks spreken, gelijktijdig te laten inburgeren en te laten reïntegreren in het arbeidsproces. Maar Geluk gebruikte de ontmoeting vooral om voor geld te lobbyen. Want in tegenstelling tot de gemeente Rotterdam wil Verdonk dat migranten al vanaf volgend jaar zelf verantwoordelijk zijn voor hun inburgering, ook financieel. Ze bereidt daarvoor momenteel een nieuwe inburgeringswet voor.

Rotterdam heeft nog een gat in de begroting voor integratie (totaal 160 miljoen tot 2010) van 10 miljoen euro per jaar. En dat gat dreigt nog groter te worden, verduidelijkte Geluk. Hij verwacht dat na de invoering van de nieuwe inburgeringswet een deel van de huidige inburgerings- en educatiegelden (17 miljoen euro per jaar voor Rotterdam) wegvalt. ,,Een kwalijke ontwikkeling'', aldus Geluk. Hij vindt het ,,een maatschappelijke noodzaak dat iedere migrant integreert.'' De wethouder wil dat Verdonk de komende vijf jaar daarom juist meer geld vanuit haar ministerie van Justitie voor inburgering naar gemeenten sluist. En dat ze de educatiegelden veiligstelt die Rotterdam nu via het ministerie van Onderwijs krijgt.

De minister zei na afloop van het werkbezoek de maatschappelijke noodzaak van integratie, met name voor allochtone vrouwen, te onderschrijven. ,,Het kan niet zo zijn'', aldus Verdonk, ,,dat allochtone kinderen thuis worden geconfronteerd met traditionele waarden en normen en op school kennismaken met de open, moderne samenleving die wij hebben.'' Volgens haar hinkt de opvoeding van deze kinderen zo op twee gedachten. ,,Dat is ongewenst.'' De minister stelt dan ook zeker geld voor de Rotterdamse aanpak beschikbaar. Maar over de hoogte van dat bedrag en of ze bereid is de inburgeringswet in de geest van de Rotterdamse aanpak te wijzigen wilde ze geen mededelingen doen.

    • Froukje Santing