Ook Aruba moet aan homohuwelijk

Aruba moet, als deel van het Koninkrijk der Nederlanden, het homohuwelijk accepteren. Dat heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie voor de Nederlandse Antillen en Aruba gisteren bepaald in het hoger beroep van een zaak waarin de Arubaanse regering tegenover het lesbische echtpaar Oduber-Lamers stond.

Voor de in Nederland getrouwde Charlene Oduber en Esther Lamers biedt de uitspraak van het hof weinig soelaas: zij vochten de Arubaanse weigering aan via de verkeerde procedure. Als resultaat kunnen ze zich nu wel inschrijven bij de burgerlijke stand, maar niet bij het Arubaanse bevolkingsregister.

Het echtpaar verhuisde eind 2003 naar Aruba, waar de op het eiland geboren Oduber ging werken voor het ministerie van Sociale Zaken. Toen ze zich samen met partner Lamers als getrouwd stel met kind wilde inschrijven bij de burgerlijke stand, werd dat geweigerd. Binnen de Arubaanse samenleving ligt openlijke homoseksualiteit gevoelig.

Het echtpaar stapte naar de rechter en won die procedure in eerste aanleg. Daarop ging de Arubaanse regering in hoger beroep. Publiciteit, demonstraties en intimidatie deden het gezin besluiten het eiland te verlaten. Omdat Odubers werkgever niet kon instaan voor haar veiligheid, zo stelde het Arubaanse kabinet, werkte ze vanuit Nederland.

Het Hof bepaalde gisteren dat in Nederland gesloten homohuwelijken moeten worden geaccepteerd door de Arubaanse autoriteiten. De Arubaanse minister van Justitie, Rudy Croes, zei na de uitspraak in eerste aanleg dat Aruba zal doorprocederen tot alle juridische wegen zijn bewandeld. Beide partijen hebben drie maanden de tijd om in cassatie te gaan bij de Hoge Raad.