Armstrong nooit `positief', wel vaak beschuldigd van doping

De nieuwe dopingbeschuldigingen aan het adres van Armstrong door L'Equipe zijn de laatste in een lange reeks. Zijn hegemonie in de Tour en zijn herstel van teelbalkanker in 1998 waren de voornaamste redenen voor ongeloof. De zevenvoudig Tourwinnaar is een van de meest op doping gecontroleerde sporters ter wereld. Hij is nooit op doping betrapt. Hieronder de belangrijkste aantijgingen.

1999: Armstrong wint zijn eerste Tour, na kanker te hebben overwonnen. Le Monde meldt dat hij bij een dopingcontrole positief heeft gereageerd op cortico-steroïden. De renner zou een medisch attest hebben aangevraagd om een ontstekingsremmend zalfje te gebruiken tegen pijn aan het zitvlak. Hij gaat vrijuit.

2001: De connectie van Armstrong met dopingarts Ferrari wordt publiek. Ze blijken dan al vijf jaar samen te werken. Deze ,,vriend en raadgever'' wordt in 2004 wegens bedrog in de sport tot een voorwaardelijke celstraf van een jaar veroordeeld. Ferrari zou sporters epo hebben verkocht en toegediend. Armstrong ontkent tot die categorie te behoren.

2003: In de Tour maakt Armstrong ruzie in het peloton met de Italiaan Simeoni, die als kroongetuige in het proces tegen Ferrari optreedt. Simeoni dient bij de Franse rechtbank een aanklacht tegen Armstrong in. De zaak is uitgesteld tot maart 2006.

2004: Het boek `L.A. Confidential – De geheimen van Lance Armstrong' verschijnt. Daarin beschuldigt een oud-soigneur de renner epo te hebben gebruikt. Armstrong dient een aanklacht in tegen de schrijvers die niet ontvankelijk wordt verklaard.

2004: Drievoudig Tourwinnaar LeMond beschuldigt zijn landgenoot indirect van dopegebruik.

2005: Voor de Tourstart uit zijn voormalige assistent Mike Anderson zware beschuldigingen aan het adres van zijn vroegere baas. Anderson beweert in 2003 verboden middelen zoals anabolica-preparaten te hebben gevonden in diens huis in Gerona. Armstrong stapt opnieuw naar de rechter.