Adrien Brody

Sinds zijn Oscar voor `The Pianist' is Adrien Brody de acteur bij uitstek die dood en lijden op zijn gezicht draagt, of het nu in een drama of in een morbide thriller als `The Jacket' is.

Adrien Brody heeft het gezicht van het getto van Warschau. Hij kreeg het van regisseur Roman Polanski, die de tot dan toe onopvallende acteur castte in zijn Oscar-winnende Tweede Wereldoorlogdrama The Pianist (2002). Sinds we door de ogen van pianist Vladislav Szpilman keken naar de grauwheid en de gruwelen van die oorlog, is ook onze blik voorgoed veranderd.

Acteur Adrien Brody deed dan ook alles voor de film wat binnen zijn mogelijkheden lag: hij viel dertig kilo af, leerde Pools spreken en piano spelen. Hij is het soort acteur dat woorden als `discipline' en `focus' in de mond neemt als het erom gaat het geheim van zijn aanwezigheid op het witte doek te ontrafelen. De extreem veeleisende Polanski lag hem wel.

Als enige kind van de Hongaarse fotojournaliste Sylvia Plachy vergezelde de op 14 april 1973 in New York geboren Brody zijn moeder bij praktisch elke opdracht. Ondanks zijn opleiding aan de American Academy of the Dramatic Arts zou hij haar dan ook de voornaamste credits voor zijn opleiding geven. Zij was immers degene die hem de geheimen van voor en achter de camera leerde.

Toch nam zijn carrière niet meteen een vlucht, ondanks de vergelijkingen met Robert de Niro of Al Pacino door zijn toewijding en hedendaagse variant op de traditie van het method acting. De regisseurs die hem castten waren niet de minsten: Steven Soderbergh in King of the Hill (1993), Terrence Malick in The Thin Red Line (1998), Spike Lee in Summer of Sam (1998), Barry Levinson in Liberty Heights (1999) en Ken Loach in Bread and Roses (2000). En wie naar die films terugkijkt merkt dat het niet in de geringste rollen was.

Maar het is of zijn ernstige gezicht, met dat hooguit scheve lachje, zijn ogen verzonken onder in permanente verwondering opgetrokken wenkbrauwen, alsof dat gezicht geen sex- en star-appeal mocht krijgen totdat regisseur Polanski het voor ons met een kus des doods had wakker gekust.

Adrien Brody werd een ster door er niet als een ster uit te zien, maar als een overlever van de holocaust, die in strakke pakken en kekke leren jasjes opeens allerlei Hollywood-feestjes aandeed en Halle Berry op de mond kuste. Een vreemde eend in de bijt, die er sindsdien bij is gaan horen, en er in retrospectief altijd al deel van uit maakte.

Met zijn rol in The Jacket van John Mayburry, als Irak-soldaat die niet weet of hij krankzinnig is of dood, neemt hij van dat imago nog geen afscheid. Integendeel: de tragiek van The Pianist draagt hij in deze rol met zich mee. De toeschouwer weet: deze man heeft het lijden gezien.

Pas later dit jaar, als Peter Jackson zijn remake van King Kong heeft voltooid, krijgt Adrien Brody een nieuw gezicht. Peter Jackson heeft als regisseur bewezen uit acteurs iets onverwachts te kunnen halen. Misschien wordt Brodys ingetogen glimlach dan een grijns en glimt in zijn ogen de lust tot avontuur.

    • Dana Linssen