Zes keer `big'

Een voetballer kan voetballen. Althans, daar wordt hij voor in het veld gezet. Tegenwoordig wordt van een voetballer verwacht dat hij buiten het veld ook iets waard is. Hij moet in reclames spelen, klaarstaan voor het goede doel en zich netjes gedragen. Nu is er een nieuwe doorbraak: een voetballer moet hersens hebben.

José Mourinho is coach van het Londense Chelsea. Afgelopen week hield hij zijn verdediger Ricardo Carvalho op de bank tijdens een competitieduel. Mourinho moest in de krant lezen wat die jongen van dat besluit vond. De coach had geen trek in kritiek via de pers en sloeg terug: ,,Carvalho heeft problemen met het begrijpen van dingen. Misschien moet hij eens een IQ-test ondergaan.''

Het is een verstandige zet van Mourinho. Voordat een handtekening op een contract komt, worden spelers altijd lichamelijk getest. Artsen bestuderen ieder litteken op de huid en met een rubberen hamer wordt hard tegen de knie geslagen om het reactievermogen te testen. En sinds het spontaan doodvallen van spelers tijdens wedstrijden, is de controle van het hart bij iedere transfer een vereiste.

Maar nu de hersens.

Carvalho krijgt binnenkort elektrodes op zijn hoofd. Zijn kennis wordt getest. Eindelijk krijgen we inzichten in de denkwereld van de voetballer. Hoe komt het dat hij een blonde vrouw wil? Waarom wil hij dat diezelfde vrouw thuis een lederen viltje onder zijn glas zet en klopt het dat de voetballer de wielen van zijn auto het liefst alle vier aangedreven ziet?

Vragen, vragen, vragen.

Waarom moet hij huilen als er een zeehondje hardhandig uit het leven wordt geslagen? Waarom lacht hij om de `Funniest Homevideos'? Begrijpt hij alle woorden in het boek De ontvoering van Freddie Heineken van Peter R. de Vries? De toekomstige IQ-test van Mourinho gaat de antwoorden geven.

De coach van Chelsea afficheert zich meer en meer als de slimste trainer van de wereld. Afgelopen weekend kwam hij binnen voor een persconferentie. Hij ging niet zitten, hij bleef staan, met dat artistieke, grijze haar en maande de Engelse media tot stilte. Het ging over de aanschaf van de Ghanese international Michael Essien. Chelsea kocht de speler van Lyon voor het absurde bedrag van 68 miljoen euro. Mourinho: ,,Big teams only want big players, big players are in big clubs, big clubs want to keep their big players.''

Zes keer `big'.

Het was als het gedicht Boem Paukeslag van woordkunstenaar Paul van Ostayen (1896-1928) in een Engelse versie. Ritmisch tingeltangelden de woorden van Mourinho door de perskamer.

Big, big, big, big, big, big.

Alle `bigs' werden door de mond een beetje vervormd. Er zat eigenlijk geen puur Engelse big tussen. Ze klonken steeds weer een beetje anders uit de mond van de Portugese performer/coach. Het bleef nog lang onrustig in Londen. Meester Mourinho had weer toegeslagen. Wat een dictie, wat een timing. En vooral, hoe intelligent!

De Ghanese speler zelf werd later ook nog gevraagd naar zijn transfer. Michael Essien scheet in zijn broek. Wat te zeggen na Mourinho's hyperbegaafde zinnen? Hij had zijn IQ nog nooit laten testen. De gelovige Essien liet het vullen van zijn hersenpan liever over aan God. Hij stamelde dat de Engelse competitie zo mooi was, dat hij graag voor Manchester United had gespeeld (moet je nooit hardop zeggen in Londen), verder mochten we niet in zijn hoofd komen.

Essien benadrukte nog maar eens dat hij in orde was: ,,Physically I'm okay.'' Het klonk angstig. Eén foute zin en Mourinho zwaait met de IQ-test. Gisteren viel Essien in tegen Arsenal. Hij deed zijn lippen op slot. Dat is wat `domme' voetballers toch het liefste doen: hun mond houden en spelen.

    • Wilfried de Jong