`Zomaar. Bham!'

De wetenschap is vol grote controverses en kleine irritaties. Deze week longarts Dirkje Postma over de strijd om CARA.

`JA DIRKJE, je laat ons nu wel patiënten zien, maar gaat het hier om astma- of COPD-patiënten? Dat weten we niet, want in Groningen kennen jullie het verschil niet tussen die twee.'' Vijfentwintig jaar later is Dirkje Postma, hoogleraar longziekten aan het Universitair Medisch Centrum Groningen, nóg verbaasd over zoveel agressie. ``Moet je je voorstellen! Zomaar. Bham! Voor een volle zaal tijdens een internationaal longartsencongres. Als je na je lezing de eerste vraag verwacht en dan zo'n treiterige opmerking naar je hoofd krijgt.''

Het was in de beginjaren van haar dokterscarrière, begin jaren tachtig, en Postma werd voluit geconfronteerd met strijd rond de door haar Groningse leermeesters opgestelde Dutch Hypothesis.

Rond 1960 postuleerde de Groningse longarts prof.dr. N. Orie dat de luchtwegziekten chronische bronchitis, longemfyseem (nu chronic obstructive pulmonary disease, COPD, genoemd) en astma in wezen verschillende verschijningsvormen van één ziekte zijn. Tot de hypothese hoort ook een theorie over het ontstaan. Er zijn ziekteoorzaken binnen het lichaam: Orie dacht aan genetische aanleg. En er zijn oorzaken buiten het lichaam, zoals (mee)roken, allergenen, luchtwegirriterende stoffen en virussen. Samen met zijn Groningse collega-hoogleraren Sluiter, Van der Lende en De Vries zette Orie onderzoek op om de hypothese te bewijzen.

De hypothese is nooit bewezen en ook niet verworpen. Hij is wel fel bestreden.

Het gezag van de Groningers was in Nederland aanvankelijk zo groot dat alle Nederlandse artsen de ziekte CARA nog kennen. CARA is de afkorting van chronische aspecifieke respiratoire aandoeningen. Alle patiënten met luchtwegvernauwing hadden CARA. De arts beoordeelde dan verder de ernst van de luchtwegvernauwing, de allergie en hyperreactiviteit. In het buitenland heeft CARA nooit bestaan, daar waren astma- of COPD-patiënten.

Postma: ``De naam Dutch Hypothesis is halverwege de jaren zestig bedacht door Ories buitenlandse tegenstander, de Britse longarts-epidemioloog Fletcher, zelf aanhanger van de British Hypothesis. De Britten vonden astma en COPD twee verschillende ziekten.''

Begin jaren tachtig was volgens buitenlandse opvattingen astma een ziekte met hyperreactiviteit en COPD niet. Postma: ``Dat was echt een dogma. Ik heb meegemaakt dat ik in Amerika Gronings onderzoek over COPD-patiënten presenteerde en een dia liet zien waarop stond dat 70 procent van die patiënten in enige mate last had van hyperreactieve luchtwegen. `Dit zijn geen COPD-patiënten', zei een vragensteller, `want die hebben geen hyperreactieve luchtwegen.' Dan vroeg ik: méten jullie dan de hyperreactiviteit bij jullie COPD-patiënten? Hij zei: nee, want ze hébben geen hyperreactieve luchtwegen. Dat was wetenschap gebaseerd op geloof.''

Postma: ``Eind jaren tachtig heb ik gezegd: ik schrijf er niet meer over en ik praat er niet meer over. Kijk, ik heb die Dutch Hypothesis niet uitgevonden. Ik heb hem, als opvolger van Orie, geërfd.'' Begin jaren negentig verdween de term CARA langzamerhand uit Nederland.

En nu bloeit de belangstelling voor de Dutch Hypothesis weer op. Bij astma en COPD blijken dikwijls dezelfde ontstekingsmoleculen actief zijn. En er zijn genen gevonden die zowel astma als COPD beïnvloeden. Maar daarmee is de Dutch Hypothesis nog niet bewezen.

Postma: ``Sinds twee jaar spreek en schrijf ik weer over de Dutch Hypothesis. Orie was natuurlijk zijn tijd ver vooruit door te denken over een gemeenschappelijke aanleg voor al die luchtwegontstekingsziekten.''

Postma heeft niet alleen strijd geleverd met tegenstanders, maar ook zelf gevochten tegen die erfenis waar ze op haar Groningse leerstoel mee opgescheept zat. ``Uiteindelijk heb ik er gigaveel aan gehad. Die hypothese heeft me geleerd om heel scherp te kijken naar overeenkomsten en verschillen. Als erfenis was het wel eens belastend, maar Orie heeft langlopende onderzoeksprojecten opgezet en nagelaten, waar we in ons onderzoek nog steeds profijt van trekken. En strijd houdt je scherp. Strijd in de wetenschap is ook nodig om vooruit te komen. Natuurlijk, het kan doorslaan. Dat is rond de Dutch Hypothesis ook wel eens gebeurd. Als de strijd de hoofdzaak wordt en niet een middel om goede wetenschap te bedrijven, dan zit je fout.''