HPV-vaccin beschermt niet waar het nodig is

Twee vaccins die farmaceutische industrieën in ontwikkeling hebben tegen baarmoederhalskanker beschermen Europese vrouwen goed, maar Afrikaanse vrouwen waarschijnlijk heel matig, terwijl vooral in Afrikaanse landen baarmoederhalskanker ziekte en dood veroorzaakt. Nu bestaat er nog geen werkzaam vaccin (The Lancet online, 16 aug).

Baarmoederhalskanker ontstaat vrijwel uitsluitend bij vrouwen die besmet zijn met humaan papillomavirus (HPV). HPV wordt overgebracht bij seks. Er bestaan 15 hoog-risicotypen van het HPV en enkele tientallen die nauwelijks een risico op kanker inhouden. In Europa gaat de discussie over de komst van het vaccin gepaard met een ethische discussie over de vraag of je jonge meisjes en jongens moet vacineren tegen een geslachtsziekte.

De vaccins die in 2008 op de markt kunnen komen, bieden bescherming tegen de typen HPV16 en HPV18. Maar vrouwen in Nigeria zijn in veel gevallen besmet met andere hoogrisico-virustypen. Dat blijkt uit een groot internationaal onderzoek waaraan ook Nederlandse vrouwen deelnamen. In Nigeria komt hoogrisicotype HPV35 het meest voor, terwijl het in West-Europa meestal om HPV16 en HPV18 gaat. De vaccins die in ontwikkeling zijn, zullen in Afrika dus niet zo goed helpen.

Aan het onderzoek deden ruim 15.000 vrouwen mee uit 11 verschillende landen. Het waren allemaal seksueel actieve vrouwen tussen 15 en 74 jaar, zonder (voor)tekenen van baarmoederhalskanker. Zij hadden een normaal uitstrijkje. Van alle deelnemers (ook de buitenlandse) zijn de bij het uitstrijkje van de baarmoederhalsmond weggenomen cellen ingevroren en naar het VU medisch centrum in Amsterdam gestuurd. Daar zijn ze gecontroleerd op de aanwezigheid van HPV en als dat er was, werd het type bepaald.

Het aantal met HPV besmette vrouwen bleek per land flink te verschillen. In Spanje was 1,4 procent besmet, in Nederland 4,4 procent en in Nigeria 25,6 procent. Ook het type HPV varieerde sterk. HPV16 veroorzaakte in Europa ruim een kwart van de HPV-infecties, terwijl dat in Nigeria 12 procent was. Daar waren de hoogrisicovirussen HPV35, HPV45, HPV52, HPV56 en HPV58 gebruikelijker dan in Europa. Azië en Zuid-Amerika lagen er tussenin.

    • Bart Meijer van Putten