Hollands Dagboek: Jan van Wagtendonk

Wie Jan van Wagtendonk (66), voorzitter Stichting Japanse Ereschulden. Getrouwd, twee kinderen en twee kleinkinderen.

Waarom Vierde afgelopen week de zestigste herdenking van de bevrijding van Nederlands-Indië.

Schrijft: `De herdenkingsspeech wordt door minister Bot uitgesproken. Een jongenskamper die de verschrikkingen van de Jap van nabij heeft meegemaakt. Wat een teleurstelling dat hij zijn herdenkingsspeech misbruikt voor zijn politieke doeleinden.'

Woensdag 10 augustus

Vandaag is het World Comfort Women Day. Voordat Do Huisman op de alweer veertigste manifestatie met het verhaal van Jannie Ruff O'Herne begint, vertelt ze dat zij samen destijds de wereld hebben geïnformeerd dat er Nederlandse vrouwen door de Japanse militairen gedwongen werden tot prostitutie. De Japanse overheid reageerde door te beweren dat de vrouwen dat vrijwillig deden om de godenzonen van Japan een dienst te bewijzen.

Het verhaal van Jannie is een eerbetoon aan de moeders die moesten ondergaan dat hun zonen en dochters werden weggevoerd zonder te weten wat hun boven het hoofd hing. Daarna de ervaringen van Jannie, gedwongen tot seksslavin. Pas in 1992 werd deze handelwijze van de Japanse militairen openbaar gemaakt. De wereld weet wat Japanse militairen hebben gedaan, maar Japan erkent zijn morele verplichtingen niet. De cultuur van het Japanse volk heeft hier kennelijk geen ruimte voor. Niet de meisjes van toen moeten de schande dragen, maar de regering van Japan nu.

Hierna houden we een minuut stilte voor de slachtoffers van de Japanse terreur, gevolgd door het gezamenlijk zingen van het Captives Hymn. De aanbieding van het verhaal van de dag aan de derde secretaris van de ambassade, een jonge vrouw, verloopt correct en waardig. Zij spreekt voortreffelijk Nederlands en is diep ontroerd over wat Jannie en andere troostmeisjes is aangedaan. Terug naar de manifestanten en een eenvoudige Indische lunch in het voormalige Metropole-theater, onze uitvalsbasis. Dit samenzijn is voor velen een opluchting.

Donderdag

De media beginnen te ontwaken. Pers uit binnen- en buitenland vraagt om interviews en nadere informatie. De twee verhalen van vandaag gaan over de angst en de wreedheid. De Jap acht zich zo verheven dat hij van een klein kind respect eist. Als ze dat niet doet, krijgt moeder slaag en wordt ook het kleine kind op afschuwelijke wijze pijn gedaan. Al bloedend komen ze van de martelpartij terug, moeder en kind trots op elkaar dat ze het overleefd hebben. Het volgende verhaal gaat over een man die niet meer over zijn ervaringen heenkomt en nog steeds in therapie is.

Wij bieden de verhalen aan. Elke keer als ik het hek door ga, voel ik de sfeer van een Japans concentratiekamp. De waardigheid van de manifestaties maakt van de zogenaamde veiligheidsmaatregelen een farce. Foto's maken door het hek mag niet. Het lijkt erop dat de verhalen hun invloed beginnen te krijgen. Zou Japan dan toch begrip kunnen tonen? Of meet de ambassadeur met twee maten? Op de residentie mogen wel foto's gemaakt worden, als de ambassadeur er maar gunstig opstaat.

Na de manifestatie komt Nicolette Goldsmann met het bericht dat de verhalenbundels Ooggetuigen van oorlog gedrukt zijn en voor verzending gereed gemaakt worden. Ze heeft een aantal exemplaren bij zich. Het ziet er prachtig uit. Hanneke Wildervanck leest haar gedicht voor over de zeetransporten.

Vrijdag

De dag van de laatste manifestatie. Om elf uur is de foyer van Metropole al vol. Hoe gaan we dat redden? De betjak met onze geluidsinstallatie wordt in gereedheid gebracht en extra gele paraplu's gaan mee. De gele kleur van de Chinese hoop hebben we hard nodig, de wolken pakken zich al samen. Er staan al zeker honderd manifestanten, gelukkig heeft iemand om politieversterking gevraagd. De weg wordt afgezet. Na verwelkoming van de manifestanten en het tellen wie er bij de lunch komt, 170 personen, gaan we van start. Wiko Lamain leest het verhaal van Willem Nijholt voor, beide jongenskampers. Willem komt net op tijd om na de bevrijding zijn moeder te zien sterven, en schaamt zich hoe zijn Maatje er uitziet. Was die bevrijding maar echt op 15 augustus gekomen en niet pas op de 23ste.

Na het muzikale intermezzo leest de heer Verburg het verhaal van Liesbeth List voor. Haar vader schrijft aan zijn schoonmoeder, vier maanden na de bevrijding, dat haar dochter Corry het leven zelf heeft beëindigd, waarschijnlijk wegens de schaamte dat ze verkracht was door de Jappen. Vader belooft in de brief voor haar Elly te zorgen. Wat helaas niet werd voorgelezen, maar wel in het verhaal van Liesbeth staat, is dat haar vader later hertrouwde en zij ter adoptie werd gegeven. Vanaf dat moment heet zij Liesbeth List. Na een minuut stilte, ook van de wolken boven ons, zingen wij diep ontroerd de Captives Hymn.

Met een grotere delegatie gaan we de ambassade in. De ambassadeur zal ons ontvangen. Het ambassadepersoneel is zenuwachtig en we worden een vergaderzaal binnengeleid. Door de gordijnen zie ik de manifestanten trouw staan. Dan komt het grote moment dat ik de verhalenbundel Eyewitnesses of war mag aanbieden. In mijn speech geef ik aan dat zestig slachtoffers de moed en het doorzettingsvermogen hebben gevonden om hun eigen verhaal te vertellen. Alle verschrikkelijke belevenissen hun, veelal als kind, aangedaan door Japanse militairen. Het is een monument geworden, waar de wereld niet omheen kan. Geen monument van beton, staal of andere duurzame materialen, die zijn niet sterk genoeg voor onze geest. Na lezing van dit monument zullen Japan en zijn volk moeten erkennen dat zij een morele plicht hebben om excuses en compensatie aan te bieden aan de individuele slachtoffers.

De bange en nonchalante reactie van de ambassadeur was een herhaling van het eerder duidelijk door Tokio opgedragen standpunt. ,,Excuses hebben wij gemaakt en zo ook is met de Nederlandse regering een compensatie geregeld.'' De morele verplichting ontgaat de ambassadeur totaal. Hij was opgelucht dat wij weer gauw vertrokken en bood ons geen enkele versnapering aan, daar was ook niet op gerekend. Wij waren blij het koele en kille gebouw te verlaten en ons te voegen bij de nu doorweekte manifestanten.

In de warmte van Metropole dank ik eenieder die heeft meegewerkt aan het succes van de manifestaties, de publicatie van de verhalenbundel en de samenstelling van het Gouden Boek. In het Gouden Boek worden alle ingezonden verhalen opgenomen. Dit boek is het feitelijke monument. Wij hebben de tijd aan onze zijde, Japan zal eens zijn geschiedenis tegenkomen, eerder dan zij denken. Japan en Nederland zouden verplicht ons monument moeten lezen.

Na de voortreffelijke rijstmaaltijd, door Toko Frederik op zeer korte termijn bereid, gaat het bestuur samen met een aantal vrijwilligers naar de plaatsvervangend secretaris-generaal van het ministerie van Algemene Zaken. De verhalenbundel wordt namens de minister-president in ontvangst genomen. Wat een verschil in ontvangst. Er is op ons gerekend, de koffie staat klaar en er wordt aandachtig naar ons geluisterd en op ons gereageerd. De hoop wordt uitgesproken dat de minister-president de bundel zal kunnen inzien voor hij bij de herdenkingsbijeenkomst bij het Indische Monument op 15 augustus aanwezig is.

Zaterdag

Met Jeannette, Jan en Marjan het Metropole schoongemaakt. Zo schoon is het in geen jaren geweest. We zijn onze huisbaas van acht weken zeer veel dank verschuldigd.

Zondag

Een rustdag. Tijd om de speech te schrijven voor de herdenking van de slachtoffers van de Japanse zeetransporten, op 17 augustus.

Maandag

De dag begint met een RTL4-interview. Een beetje over mezelf, hoe ik me als kind de tijd voor en in het kamp herinner. Ik word verrast door de vraag of ik de nieuwe excuses van Koizumi heb gehoord. Niet dus en ik verwacht niets anders dan hetzelfde nietszeggende verhaal. Ik heb gelijk.

Na het interview met mijn vrouw Marjan naar de herdenkingsplechtigheid in het Congresgebouw. De herdenkingsspeech wordt door minister Bot uitgesproken. Een jongenskamper die de verschrikkingen van de Jap van nabij heeft meegemaakt. Wat een teleurstelling dat hij zijn herdenkingsspeech misbruikt voor zijn politieke doeleinden. Wij herdenken vandaag 15 augustus, de bevrijding van de Japanse tirannie.

Daarna naar het Indisch Monument. Wat een opluchting dat daar wel 15 augustus wordt herdacht en wel op voortreffelijke wijze door ds. Ter Linden, Julian Benschop van het VCL, en generaal Huijser. Op waardige wijze vertellen zij hun verhaal bij het Indisch Monument met niet voor niets de ingebeitelde regels `De Geest Overwint'. Na de gebruikelijke ceremoniën en het defilé naar het hotel voor de ontvangst van HM de koningin. Mevrouw Do Huisman spreekt met de koningin en overhandigt haar onze verhalenbundel en het boek van Jannie Ruff, 50 years of silence. Wij kunnen de heer Balkenende kort spreken en onze verhalenbundel Ooggetuigen van oorlog aanbieden. Hij vindt de benadering van ons monument treffend.

Dinsdag

Een aantal bedankbrieven geschreven en de sleutels van Metropole ingeleverd.

Woensdag 17 augustus

Samen met Marjan, Jeannette en Jan naar het Militaire Tehuis Bronbeek. We werden zoals altijd gastvrij door de commandant en zijn vrouw ontvangen met koffie en spekkoek. De herdenking van de Japanse Zeetransporten begint om twaalf uur precies. De in de geschiedenis van de Japanse wandaden vaak vergeten Japanse Zeetransporten, waaronder de Junyo Maru, de grootste scheepsramp ooit, zijn schokkend en dramatisch. Ruim 68.000 krijgsgevangenen en Javaanse dwangarbeiders zijn vervoerd. Eenderde kwam daarbij om. Volgens oorlogsrecht moeten de schepen waarmee de krijgsgevangenen vervoerd worden gemarkeerd worden. Japan deed dit niet en liet de schepen in oorlogskonvooien varen. Zij werden ongewild doelwit van de geallieerde onderzeeërs en vliegtuigen. Na de oorlog bleken bijna alle documenten met betrekking tot de Japanse Zeetransporten vernietigd te zijn. De Jappen hebben geweten dat zij op een schandalige wijze en doelbewust de mensenrechten hebben geschonden. Zolang Japan deze wandaden niet erkent, excuses en compensatie aan de weinige overlevenden en hun nazaten aanbiedt en het Japanse volk informeert over deze wandaden, kan en mag Japan geen permanent lid worden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.

De afgelopen dagboek-week was voor de Indische gemeenschap en voor mij een periode van herdenking en reflectie. Door die combinatie werd de verbondenheid van ons Nederlanders uit Indië niet alleen bevestigd, maar ook voor de toekomst bestendigd. Dat is wat wij onze kinderen en kleinkinderen willen nalaten.

Elke keer als ik het hek door ga, voel ik de sfeer van een Japans concentratiekamp

    • Jan van Wagtendonk