Het Ka'tje Getemd

Jan Jonk vertaalt Shakespeare op een manier die indruist tegen de gevestigde opvattingen. ,,In Shakespeares tijd betekende `sweet' `sexy'.''

Alle vertalers en ook de lezers van de toneelstukken of de sonnetten van Shakespeare moeten zich omscholen. Ze hebben geen kennis van het zestiende-eeuwse Engels van de toneeldichter. Shakespeare schreef in Vroeg Modern-Engels, en dat ligt dichter bij het Midden-Engels dan bij het hedendaags. Het is dan ook een misverstand te denken dat het Engels in de loop van de vier eeuwen sinds Shakespeare niet is veranderd.''

Jan Jonk (1943) is anglist, kenner van het Oud-Engels en het Oud-Noors. Eerder vertaalde hij het Angelsaksische heldenepos Beowulf uit het jaar 1000 en Shakespeares liefdeskrans Venus & Adonis. Zijn opvattingen over het vertalen van Shakespeare zijn fel en eigengereid. Eigenlijk is het nooit goed gedaan in het Nederlands. Het werk van William Shakespeare (1564-1616) wortelde veel meer in de late Middeleeuwen dan we denken.

In 1979 voltooide Jan Jonk de vertaling van de Sonnetten van Shakespeare en sindsdien werkt hij met verbeten volharding aan de volledige vertaling van alle negenendertig toneelstukken van Shakespeare en zijn omvangrijke poëtische werk. Deze zomer legt hij er de laatste hand aan. Eind van dit jaar moet zijn complete vertaling verschijnen. Als verklaring voor zijn arbeid zegt hij: ,,Wat moeilijk of zelfs bijna onmogelijk is, is fascinerend. Ik wil vertalen met behoud van de oorspronkelijke vorm. De schoonheid en uitstraling van de brontekst wil ik zo zuiver mogelijk weergeven in hedendaags Nederlands.''

Als voorproefje publiceerde Jonk onlangs Vluchtig als een droom. Fragmenten uit de volledige werken van William Shakespeare. Jonk woont ver weg van de theaters en schouwburgen in de bossen van het Limburgse Heijen aan de Maas, dichtbij Nijmegen. Op verschillende plekken in zijn huis wordt aan de vertaling gewerkt. In een zijkamer staat een computer. Woordenboeken, naslagwerken en encyclopedieën beheersen de boekenkasten. Op de eettafel ligt een klein blaadje, waarop in Jonks handschrift versregel II.1 staat uit Edward III, plus zijn vertaling. `I had rather have her chased than chaste', schrijft Shakespeare. En Jonk vertaalt: `Ik heb ze liever voor gekoos dan kuis.' In deze regel blijft de essentiële herhaling van `chased' en `chaste' behouden.

Bij elke Shakespeare-passage die we doornemen geeft Jonk een uitvoerige toelichting op verschillende niveaus. Allereerst polemisch: geen van de Shakespeare-vertalers – of het nu Willy Courteaux, Peter Verstegen, Gerrit Komrij, Hugo Claus of Tom Lanoye betreft – heeft deugdelijk werk afgeleverd. Hun grofste fout is dat ze het Engels van Shakespeare verwarren met hedendaags Engels. Ten tweede is Jonk ervan overtuigd dat je Shakespeare moet vertalen naar zijn bedoelingen. Dat betekent het aantal lettergrepen, klemtonen en rijmwoorden, assonanties in de vertaling precies gelijk laten zijn aan het origineel. Als derde speelt Jan Jonk zijn grootste troef uit. In 2000 verscheen het woordenboek op Shakespeare van de hand van D. Crystal, Shakespeare's Words. Tot op heden heeft geen vertaler daar gebruik van kunnen maken.

Heilig huis

Crystal gooit een heilig huis omver, namelijk dat van de standaarduitgaven van Oxford University Press en The Arden Shakespeare. Engelse geleerden begonnen deze laatste editie in 1890 en zij roemen die als de `standard scholarly edition'. Maar zowel Crystal als Jonk plaatst hierbij vraagtekens. Jonk: ,,Ongemerkt, zo rond 1665, zijn de toneelstukken in moderner Engels uitgegeven dan aanvaardbaar is. Eigennamen en woordbetekenissen werden veel hedendaagser geïnterpreteerd. Neem nu als voorbeeld `bloody'. Dat betekent in Shakespeares tijd helemaal niet bloederig, maar heftig, gepassioneerd, temperamentvol. Bloederig komt in Shakespeare's Words als verklaring zelfs op de tiende plaats. Of het begrip `minute'. In de tijd van Shakespeare was dat de kortste tijdseenheid. Maar nu niet. Nu hebben we seconde, dat kenden ze toen naar mijn mening niet. Ik zal altijd in het Nederlands `seconde' vertalen als er `minute' in het Engels staat. Puck in Een midzomernachtdroom zegt tegen Oberon: ,,I'll back in seventy minutes.'' Dat is dus: ,,Ik ben terug in zeventig seconden.''

Jonk vertaalt niet voor het toneel. Tijdens het gesprek vuurt hij regelmatig giftige pijlen af naar de opvoeringspraktijk van Shakespeare in Nederland. ,,Ik ben geen man van het toneel, ik heb er niets mee. Voor mij gaat het om Shakespeares teksten, niet om zijn toneeluitvoeringen of de zogenaamde concepten van de regisseurs, daarvan gruw ik. Onlangs liet ik me ertoe overhalen een uitvoering te zien van The Taming of the Shrew – als daarin twee zinnen van Shakespeare klonken zoals hij het heeft bedoeld is het al veel.''

Jonk vindt het onzin Shakespeare exclusief voor het theater te reserveren. ,,Hij is een dichter. Ik benader zijn teksten als een mathematicus, een taalkundige. Het is een misverstand te denken dat het Engels zich sinds Shakespeares tijd niet heeft veranderd. Dat hoor je vaak: `Het Engels van toen kun je zo lezen, in tegenstelling tot het Nederlands van Bredero en Vondel.' Dat is niet waar. De kapitale fout van The Arden Shakespeare is dat nergens wordt vermeld dat de tekst is gemoderniseerd. De edities wekken de suggestie dat het Engels van rond 1600, dus het Vroeg-Modern-Engels, beschouwd kan worden als een voorloper van het hedendaags Engels. Ook dat is onjuist. Beter is het Shakespeares taal te beschouwen als een verdere ontwikkeling van het Oud- en Midden-Engels.''

Inspiratie

Jonk beschouwt zichzelf behalve als vertaler vooral ook als dichter. Het dagen- en nachtenlang zoeken naar de juiste vertaling heeft voor hem alles te maken met inspiratie. En behalve dat natuurlijk met een zorgvuldig en nauwgezet onderzoek naar de werkelijke betekenis van de woorden. Soms helpt hem daarbij weer een ander boek, Shakespeare's Pronunciation (1953) van Helge Kökeritz. Dit werk vormt de standaard voor de beschrijving van de toon en de taalmuziek van rond 1600, waarvoor Jonk in het hedendaags Nederlands de equivalenten wil vinden. Hierin kent hij geen terughoudendheid, en als het aan zijn opvattingen ligt zullen titels als Driekoningenavond voor Twelfth Night en De getemde feeks ook wel Het temmen van de feeks voor The Taming of the Shrew tot het verleden behoren. Jan Jonk: ,,Om het begrip van Twelfth Night duidelijk te maken, zou de titel eigenlijk Een avondje doorzakken of zelfs Carnaval moeten heten, want het feest van Driekoningenavond heeft te maken met allerhande carnavaleske gebruiken. Ingewikkeld ligt het met The Taming of the Shrew. Voor mij is `Shrew' verwant aan het Nederlandse `schreeuwen'. Iedereen vertaalt `Feeks', maar ik heb bij dat woord associaties die niet kloppen met de titelrol van Katherina. Zij is een Kat, een Ka. Daarom stel ik voor: Het Ka'tje Getemd. Katherina is beslist geen feeks.''

Wanneer volgend jaar in de vertaling van Jonk De Volledige Werken van William Shakespeare zullen verschijnen, betekent dat een fikse breuk met de vertaaltraditie die werd ingezet met de Burgersdijk-vertaling uit 1884-'88. Dankzij Jonks taalkundig onderzoek krijgt het Engels van Shakespeare zijn klank en betekenis van vroeger weer terug. Of toneelspelers van zijn tekst gebruik zullen maken, blijft de vraag. ,,Ik werk nu bijna dertig jaar aan de vertaling, en nog nooit stond iemand uit de toneelwereld hier op de stoep. Je kunt Shakespeare niet begrijpen zonder zijn wereld te begrijpen. Ik stel dan ook een ingrijpend andere vertaling voor van de befaamde regels van Prospero uit De Storm Hij zegt: `We are such stuffe/ As dreams are made on; and our little life/ Is rounded with a sleepe'. Het is fout om `stuffe' ('stuff') te vertalen met `stof', zoals altijd wordt gedaan. Want `stuff' betekende voor Shakespeare niks materieels, maar juist iets dat immaterieel is, vluchtig en onstoffelijk. Het materiaal waarvan wij zijn, en dus dromen, is immaterieel, het gaat voorbij en het is vluchtig als de droom zelf. Mijn versie luidt: `In wezen is ons zijn/ vluchtig als een droom, vindt ons kort bestaan/ voleinding in slaap.'''

Jonk-de-dichter heeft als vertaler nog 2000 regels te gaan, pas dan is het werk voltooid. Nog steeds breekt hij zich het hoofd over de openingsregel van bijvoorbeeld Driekoningenavond: `If music be the food of love'. Hierbij is het probleem dat de klemtoon in het Engels van `music' juist omgekeerd is aan het Nederlandse `muziek'. Toch wil Jonk de heffingen en dalingen van het origineel volgen. Hij komt tot de volgende mogelijkheden, waaruit hij nog moet kiezen. Deze zijn: `Als liefde leeft van de muziek', `Als liefde zich voedt met muziek' en ook `Als Minnezang zich met Muziek verstaat'. Jonk: ,,Dit laatste heb ik ontleend aan een tekstvariant die staat in het gedicht The Passionate Pilgrim, eveneens van de hand van Shakespeare. Daarin staat: `If Music and sweet poetry agree...' In Shakespeares tijd betekende `sweet' nooit `zoet' maar altijd `sexy-achtig lief' of kortweg `sexy'. Daarom moet de associatie met lichamelijke liefde wel aanwezig zijn. Daarom kies ik voor `Minnezang'.''

Jonk is niet alleen vertaler, hij is ook declamator. Voor alles moet de vertaling klinken, al is het dan misschien niet op de toneelvloer maar thuis in het hoofd van de lezer. Bij het boek Vluchtig als een droom is een cd gevoegd, waarop de vertaler zelf is te beluisteren. Jonk: ,,De allerzwaarste eis die ik mezelf gesteld heb is om alle literaire kunstgrepen uit het origineel van Shakespeare te handhaven. Waar hij rijmt, rijm ik ook. Waar hij in Macbeth een zin met tien bijtende ss'en schrijft, dan doe ik dat ook. Het moet klinken. Vertalen is dichten, is het herscheppen van dezelfde muziek, ritme, klank, schoonheid en betekenis van de oorspronkelijke taal in de nieuwe taal. De vertaling wil een verrijking zijn van het hedendaagse Nederlands.''

Jan Jonk: `Vluchtig als een droom. Fragmenten uit de volledige werken van William Shakespeare.' Met cd. Uitg. Papieren Tijger, Breda. Prijs: €20,-. Inl.: www.papierentijger.org