Rechters kritiseren terreurwet

De rechterlijke macht heeft opnieuw kritiek op de antiterreurmaatregelen van de minsters Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) en Donner (Justitie, CDA). Het wetsvoorstel dat het mogelijk maakt om potentiële terroristen een locatieverbod op te leggen, of een meldingsplicht op een politiebureau, geeft rechters bij beroepsprocedures onvoldoende mogelijkheden om de rechtmatigheid ervan te toetsen. Dat kan leiden tot gerechtelijke dwalingen.

Dat schrijft de Raad voor de Rechtspraak in een advies over het wetsvoorstel `bestuurlijke maatregelen nationale veiligheid'. Het nog vertrouwelijke voorstel is door de ministerraad voor advies naar de Raad van State gestuurd.

Begin dit jaar uitte de rechterlijke macht kritiek op wetsvoorstellen van minister Donner voor de strafrechtelijke aanpak van potentiële terroristen. Dat wetsvoorstel voorzag in verlenging van voorarrest tot maximaal twee jaar en ruimer gebruik van AIVD-gegevens in strafdossiers. Rechters krijgen daarbij onvoldoende mogelijkheden om bijvoorbeeld AIVD-informatie te toetsen, zo luidde toen de kritiek.

Voor het wetsvoorstel van Remkes geldt volgens de rechterlijke macht dezelfde kritiek. Het voorstel voorziet in beroepsprocedures tegen dergelijke bestuurlijke dwangmaatregelen, die naar verwachting door de minister worden opgelegd na een verzoek van bijvoorbeeld een gemeente.

Maar rechters kunnen genomen besluiten nauwelijks toetsen. Zij kunnen AIVD'ers wel als getuige oproepen, maar volgens de Raad is dat in de praktijk onmogelijk, ,,gegeven de structurele weigerachtigheid van de AIVD''.

De rechter die zich over dergelijke opgelegde maatregelen moet buigen, zal ,,naar verwachting over weinig informatie kunnen beschikken op grond waarvan hij kan toetsen''. Daarmee wordt volgens de Raad de geloofwaardigheid van de rechtspraak op het spel gezet.

RADENREPUBLIEK: pagina 2