Piraten in Somalië lossen rijst

Somalische piraten die zeven weken geleden een Keniaans schip met hulpvoedsel van de Verenigde Naties hebben gekaapt, zijn begonnen met het lossen van de lading in Harardheere. Dat hebben inwoners van de stad gisteren verklaard.

Het gekaapte schip – de ms Semlow – heeft 850 ton rijst aan boord, geschonken door Japan en Duitsland, en bedoeld voor Somalische slachtoffers van de tsunami. De afgelopen drie dagen heeft een bootje beperkte hoeveelheden rijst aan land gebracht. Een deel is weggeven aan de armen, een deel werd op de plaatselijke markt verkocht. Volgens plaatselijke handelaren zijn de prijzen van granen op de markt door de toevloed van rijst sterk gedaald.

Het schip dat door het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de Verenigde Naties was gecharterd, werd eind juni ter hoogte van de Somalische hoofdstad Mogadishu gekaapt. Aanvankelijk eisten de piraten een half miljoen dollar voor het schip en de tien bemanningsleden. Tien dagen geleden leken de kapers met de eigenaar van het schip een akkoord te hebben bereikt. Kort daarop kwamen ze met nieuwe eisen. Het WFP veroordeelde gisteren ,,het plunderen'' van voedselhulp. De organisatie waarschuwde dat haar werk in Somalië door de veiligheidssituatie ernstig bemoeilijkt wordt.

Ten zuiden van de havenstad Kismayo hebben piraten gisteren een vissersschip geënterd. Piraterij komt voor de kust van Somalië veel voor omdat het land geen centraal bestuur, geen leger, geen politie en geen kustwacht heeft.