Minister Bot lost `unfinished business' op

Minister Bot betuigde gisteren in Jakarta spijt voor het leed dat Indonesiërs is aangedaan. ,,Het brengen van de boodschap was in Nederland moeilijker.''

,,Toen ik minister werd, was het een van de eerste dingen waarvan ik dacht: dat zou ik graag willen oplossen, deze unfinished business'', zegt minister Bot (Buitenlandse Zaken, CDA), kort nadat hij vanochtend als eerste Nederlandse minister in Jakarta de jaarlijkse herdenking van de Proklamasi van de Indonesische onafhankelijkheid heeft bijgewoond.

De basis daarvoor heeft Bot al gisteren gelegd, tijdens een plechtigheid op het Indonesische ministerie van Buitenlandse zaken. In een Engelstalige toespraak heeft Bot daar uitgesproken dat Nederland thans de (eenzijdige) Indonesische onafhankelijkheidsverklaring van 17 augustus 1945 ,,politiek en moreel accepteert'' – en niet meer uitsluitend uitgaat van de souvereiniteitsoverdracht van 1949.

Ook betuigt Bot in Jakarta – zoals hij maandag al had aangekondigd tijdens een toespraak in Den Haag op de dag van de Japanse capitulatie van 1945 – spijt voor het leed dat Indonesiërs is aangedaan tijdens de zogenaamde politionele acties in de jaren veertig – vergeefse pogingen van Nederland om met militaire middelen het eigen gezag in de kolonie nog te herstellen. Nederland heeft zich daarmee, stelt Bot vast, ,,aan de verkeerde kant van de geschiedenis bevonden''.

,,Het brengen van de boodschap in Nederland was moeilijker dan hier'', stelt de minister vast tijdens een moment van rust in de tuin van de Nederlandse ambassadeurswoning in Jakarta. De soms heftige reacties van Nederlandse veteranen – van mening dat het accepteren van 17 augustus 1945 door de Nederlandse staat afbreuk doet aan hun status van oud-militairen die rechtens in de politionele acties hebben gevochten – lijkt Bot enigszins te hebben verbaasd. ,,Wat dat betreft is men hier veel vergevingsgezinder.''

Na afloop van de plechtigheid voor de 60ste verjaardag van de Proklamasi, vanochtend op het presidentieel paleis in Jakarta, werd Bot min of meer bestormd door Indonesische veteranen uit de dezelfde oorlog, die met hem op de foto wilden. ,,Ik vind het geweldig'', aldus de 79-jarige Frans Seda (twee maal minister geweest sinds de Onafhankelijkheid). ,,We hebben er niet om gevraagd, tenslotte hebben wij in 1945 ook niet om toestemming gevraagd voordat we ons onafhankelijk verklaarden. Het was geen moetje.''

Van officiële Indonesische zijde is met ingehouden voldoening gereageerd op de Nederlandse stap. ,,Wij verwelkomen deze daad, die de weg opent naar een meer toekomstgerichte verhouding'', aldus minister van Buitenlandse Zaken Hasan Wirajuda. ,,Wij hebben nooit gevraagd om verontschuldigingen, dat is naar onze mening een zaak van het collectief geweten van het Nederlandse volk. Wíj vinden het nooit moeilijk om te vergeven.''

De woordvoerder van president Susilo Bambang Yudhoyono, Andi Malarangeng, noemt de Nederlandse verklaringen vandaag ,,een grote stap voorwaarts, die een positieve invloed zal hebben op de Indonesisch-Nederlandse betrekkingen''. Wel stelt de woordvoerder vast dat formele excuses voor de politionele acties zijn uitgebleven, evenals een formele `erkenning' van 17 augustus 1945 als begin van de Indonesische onafhankelijkheid. ,,Maar daar heeft Indonesië ook nooit om gevraagd'', zegt Malarangang. ,,Het maakt Indonesië niet uit welke datum als begin wordt beschouwd door andere landen, waar de internationale gemeenschap die onafhankelijkheid immers erkend heeft.''

Bot beschouwt de in Nederland woedende discussies over het uitblijven van de sleutelwoorden `excuses' en `erkenning' als ,,een beetje zieken'' en misplaatste ,,semantiek''. ,,De Indonesiërs begrijpen heel goed wat wij bedoelen, en ik heb het gevoel dat het zeer op prijs wordt gesteld.'' De herhaalde verzekeringen van Indonesische zijde dat het niet had gehoeven, moeten volgens de Nederlandse minister – die overigens in voormalig Nederlandsch-Indië is geboren, er zijn jeugd heeft doorgebracht en in een japans gevangenkamp heeft gezeten – worden gezien als een manifestatie van Aziatische beleefdheid.

,,Het stak de Indonesiërs wel degelijk'', zegt Bot. Aan het uitblijven van een formele Nederlandse erkenning van 17 augustus 1945 moet naar zijn zeggen niet te zwaar worden getild: tenslotte bekreunt Nederland zich ook niet over het uitblijven van Spaanse waardering voor het Plakkaat van Verlatinghe uit 1581, waarin de Nederlanden koning Philips II afzworen.

Hoewel hij zich door eigen levensloop met Indonesië verbonden voelt, dienen de afgelegde verklaringen volgens Bot vooral niet te worden gezien als een persoonlijke verwerking van het verleden. ,,Dat heb ik al lang geleden gedaan.'' Wel als een erkenning dat Indonesië een belangrijk land is waarmee Nederland graag uitgebreide betrekkingen onderhoudt. ,,Geopolitiek is een belangrijke overweging in deze zaak.''

    • Raymond van den Boogaard