`Kosjere ontruiming' van de Gazastrook

Vanochtend begon de ontruiming van de Israëlische nederzettingen in de Gazastrook. Er is veel emotie, maar voorlopig weinig geweld. Het leger pakt de bewoners voorzichtig aan.

Zelfs de aanblik van honderden zwijgend marcherende militairen en politieagenten door de straten van Neve Dekalim, het hoofddorp van de Israëlische nederzettingen in de Gazastrook, doet geen afbreuk aan de hoop op een wonder van God. Met een intensiteit die grenst aan bezetenheid bleven de joodse fundamentalisten zich gisteravond en vandaag met gebed, gezang en schier eindeloos argumenteren verzetten tegen het onvermijdelijke.

,,Broeders en zusters, jullie worden uitgebuit door de criminele elites in de politiek en de media'', oreert rabbijn Moshe Löwenthal door zijn draagbare geluidsinstallatie als de compagnieën in groen en blauw zich verspreiden over wijken en hofjes van de grootste nederzetting. ,,Broeders en zusters, beseffen jullie dan niet dat wij verkozen zijn om hier in het Land van Israël te zijn. Dat is onze opdracht in Palestina.'' De zachtmoedig ogende rabbijn moet zich uit de voeten maken als de politie te voet een charge uitvoert om de weg voor bussen en vrachtwagens met verhuiscontainers vrij te maken.

Voor het eerst in de geschiedenis van de staat Israël wordt door joden geclaimd land daadwerkelijk ontruimd om te worden overdragen aan de Palestijnen, die streven naar een eigen staat. Het blijkt dus toch mogelijk te zijn nederzettingen, ook de orthodoxe gemeenschappen, te ontruimen al gaat dat in de praktijk met veel emoties en geschrei gepaard. Huilend gooit een jongen met zijn bord met het avondeten in de hand zich op het asfalt bij het zien van de kolonnes; hysterisch-krijsende mannen proberen commandenten te overtuigen dat zij ,,het duivels lot'' op ,,deze bittere dag'' nog kunnen afwenden; drie oude vrouwen brengen een jonge, strak geüniformeerde politieagente in tranen met felle verwijten over haar aandeel in een goddeloze daad. ,,Ik voel mij als een vrouw die op haar huwelijksnacht meedogenloos wordt verkracht. Verkracht door jou en door jou en door jou'', gilt een meisje, gehuld in de dracht van de religieuze nationalisten, tegen een peloton stoïcijns voor zich uit kijkende agenten.

Jonge joodse fundamentalisten in oranje T-shirts slepen bakken met afval door de straten om de routes te blokkeren van eenheden die halsstarrige inwoners gaan `assisteren' bij hun vertrek. Brandende autobanden en aangestoken hopen vuilnis verspreiden zwarte rook en stank maar worden snel geblust. Bij de afzettingen van politie en leger proberen religieuze meisjes hun `zusters' in uniform te overtuigen dat zij niet naar politici en generaals moeten luisteren maar naar de rabbijnen. Israëlische journalisten worden uitgescholden voor lakeien van Sharon en hun mannelijkheid wordt in twijfel getrokken omdat zij zich niet solidariseren met het verzet van de bewoners.

Het geweld heeft sporadisch een fysiek karakter. Alleen als de politie jongeren wil oppakken om op speciale bussen richting Israël te zetten vallen er klappen met de blote hand. Het verzet oogt futiel, maar wordt vooral door het Israëlische mediacircus opgeblazen tot dramatische proporties. Politie en leger passen de tactiek van de fluwelen handschoen toe. Ongewapend, ongehelmd worden buurten afgezet en trekken compagnieën van huis tot huis. Nadat afgelopen nacht aan de weigeraars vertrekbevelen waren uitgereikt, was vanochtend de tijd voor dwang aangebroken. Slechts sporadisch worden jongeren gearresteerd en dat gebeurt dan met veel getrek en geduw. Wie echt wil ontsnappen, lukt dat ook.

De religieuze gevoeligheden, de idee dat joden eigenlijk geen joden zouden mogen verdrijven uit hun huizen, spelen daarbij een grote rol. Arrestanten worden vaderlijk omarmd door de grijzende politie-inspecteurs, vrouwelijke hoofdagenten proberen luid schreiende meisjes te troosten. Er worden geen boeien, geen handwapens en geen vuisten gebruikt. Waar huizen onder dwang ontruimd worden, valt de omzichtige, vriendelijke aanpak op. Het geduld van de politiecommandanten met treuzelende, huilende en soms scheldende families is groot. Maar uiteindelijk moet toch iedereen in de bussen. Het meeste ontruimingswerk wordt opgeknapt door de honderden vrouwen in leger- en politieuniform. Religieuze gevoeligheden – mannen mogen geen religieuze vrouwen aanraken – en de bedoeling te ontruimen met zachte hand zijn daarvoor de verklaringen. ,,Het is een kosjere ontruiming. We stoppen ook voor de sabbat'', is een uitspraak van politie-inspecteur Levie.

Aan de meeste mannelijke soldaten is te zien dat zij al geruime tijd de status van veteraan hebben bereikt: de veldtenues zijn bij een groot aantal aan de krappe kant. Onder hen blijken zich ook enkele Bekende Israëliërs te bevinden die zich graag laten interviewen door een aantrekkelijke presentatrice van Kanaal 2. Met gesloten, doffe blikken volgen de `extremisten' het flirtachtige gesprek. ,,Schandalig, dat jullie staan te lachen op deze dag van intens verdriet. Op de dag dat heel Israël het zou moeten uitschreeuwen van pijn, net als op de dag dat de koning van Egypte verordonneerde dat alle eerstgeborenen moesten worden gedood'', vermaant een omstander luidkeels.

Het is duidelijk dat voor veel soldaten en agenten het de eerste keer is dat zij in een van de nederzettingen van Gush Katif, het blok van Katif, zijn. Velen hebben video- en filmcamera's bij zich om de aanwezigheid bij dit gedenkwaardige moment te registreren. `Het Blok' is voor hen een andere wereld, zoals Tel Aviv voor de kolonisten een andere, zondige wereld is. De inwoners van Gush Katif, waartoe Neve Dekalim behoort, en de jonge demonstranten voelen zich totaal onbegrepen en beschouwen de ontmanteling als een ,,oorlogsverklaring van Sharon en Bush aan God en zijn bijbel''.

Achter het verzet gaat het conflict schuil tussen degenen die menen dat met het vestigen van joodse soevereiniteit in Land van Israël, in het bijbelse Heilige Land, de komst van de messias wordt bespoedigd en degenen die het wereldse, democratische Israël binnen bepaalde grenzen voorstaan. Rabbijn Löwenthal, tijdelijk werkzaam in Neve Dekalim in het kader van een sociaal opvangprogramma: ,,Zonder oog te hebben voor de spirituele dimensie is dit conflict niet te begrijpen. Dit is ons land, waar wij na duizenden jaren zijn teruggekeerd. De Arabieren zijn onze gasten en gasten die zich misdragen moeten weggestuurd worden. Dat Sharon dat niet ziet, zegt alles over zijn religiositeit. Maar deze strijd wordt nooit opgegeven. Wij zullen hier eens terugkeren. Dat wij er zo lang over doen onze bijbelse opdracht te vervullen ligt aan onze menselijke tekortkomingen. We waren niet goed genoeg, niet de beste. Dat besef maakt velen ook intens verdrietig. Maar we komen terug.''

    • Oscar Garschagen