Strijd tegen de moren is nog niet vergeten

In het Spaanse Algeciras, ooit gesticht door moslims, staat de verhouding tussen Spanjaarden en Marokkanen onder druk.

De strijd tegen de moslims ligt nog vers in het Spaanse geheugen, merkte Saïd Khaettabi onlangs nog. De taxichauffeur, tevens voorzitter van de lokale vereniging De Zeestraat, die de integratie van moslims beoogt, reed met een klant langs het standbeeld van Ibn Abi Amir. Deze illustere zoon van Algeciras bracht tijdens zijn leven (940-1002) de christenen verpletterende nederlagen toe. Een schande dat standbeeld, meende de klant.

Vanaf de achterbank klonk een tirade tegen de moros, ofwel moren, de misprijzende term waarmee Spanjaarden hun zuiderburen aanduiden. ,,Ik zei: ik heb dat beeld er niet neergezet'', lacht Khaettabi, geboren in Tanger. ,,Maar de geschiedenis moet je toch respecteren?''

Na eeuwen afwezigheid zijn de moslims volop terug in Spanje. Rond de 800.000 immigranten zijn moslim en het overgrote deel van hen komt uit Marokko. Dat schept een nieuwe realiteit in een land waar de oudere generaties onder de dictatuur opgroeiden met schoolboeken waarin moslims werden afgebeeld als monsters. De wereldwijde terreuraanslagen van fundamentalistische groepen, waarvan een van de bloederigste vorig jaar in Madrid, stellen de verhoudingen verder op proef.

,,Geen angst, eerder ongerustheid'', omschrijft Khaettabi (33) de stemming onder de moslims van Algeciras. Hij geeft zelf het voorbeeld van de integratie die zijn vereniging beoogt: hij spreekt vloeiend Spaans en is getrouwd met een Spaanse. Khaettabi probeert zijn landgenoten te laten deelnemen aan ouderavonden en buurtcomités. Repercussies naar aanleiding van de terreur zijn volgens hem tot dusver uitgebleven. Maar onderhuids broeit onrust.

Ooit werd Algeciras als Al Jazira-Al Hadra (Het Groene Eiland) gesticht door moslims. Nu geldt het als Europa's belangrijkste doorgangshaven voor Marokkaanse immigranten. Deze zomer passeren er 2 miljoen met de ferry naar Tanger of Ceuta, om in Marokko de vakantie door te brengen. Bijna onvermijdelijk is Algeciras ook een doorgangsroute voor terroristen. Een aantal verdachten van de aanslagen in Madrid woonde er enige tijd. Volgens de politie werd een aanslag op een van de veerboten verijdeld. De terreur werd daarmee plotseling veel minder abstract in deze havenstad met zijn 120.000 inwoners, waarvan de moslimgemeenschap zo'n 4.000 man telt. Marokkanen betrokken bij drugshandel en mensensmokkel doen het imago geen goed.

Het grootste deel van de moslims woont in het havenkwartier, pal achter de boulevard waar de passagiersterminal 's zomers dagelijks tienduizenden vakantiegangers ontvangt. De huren zijn er laag. Rond de centrale markt kun je terecht bij de islamitische slagerij Alhambra. Bakkerij Aladin verkoopt Marokkaanse kippenpastei en zoete pistachekoekjes of een kopje muntthee. De televisiezender biedt er afwisselend het lokale Andalusische kanaal en de satellietzender Al Jazira. De telefoonwinkels en internetcafés, de bazaars en kledingwinkels: een klein universum van een sterk groeiende moslimgemeenschap.

Het is vakantie, de meeste bewoners van het havenkwartier zijn aan de overkant. Abderrahman Elmuchati (66), straathandelaar uit Tetuan, verkoopt op de markt echter onvermoeibaar zijn zakmesjes, telefoonopladers en radiootjes. Eerst woonde hij jaren in Madrid, maar hier is hij lekker dicht bij Marokko. Net als Ahmed Kotbi (67), die gepensioneerd is en op krukken loopt, spreekt hij het gebroken Spaans van de eerstegeneratie-immigrant.

Alles gaat goed in Algeciras, zeggen Abderrahman en Ahmed. Problemen zijn er niet, ook niet na de aanslagen.

Kledinghandelaar Hassan (39), die niet met achternaam in de krant wil, behoort tot de generatie die de taal wel vloeiend spreekt. De meeste Spanjaarden weten dat terreur niets met de islam te maken heeft, zegt hij. Om zijn woorden kracht bij te zetten citeert hij: ,,De koran zegt: als je een onschuldige doodt, dood je de hele wereld.''

Na de aanslagen in Madrid kwam uit de Marokkaanse gemeenschap zelf een oproep radicale importimams uit te zetten. Daarmee werden vooral de oerconservatieve wahabitische imams bedoeld die preken in de moskeeën die door Saoedi-Arabië worden gefinancierd. De op overleg gerichte regering van de socialistische premier Zapatero lijkt evenwel huiverig voor de strenge aanpak van de radicale moslimpredikers en strakke controle van de moskeeën.

In Algeciras financiert de moslimgemeenschap zelf haar moskeeën. Maar de twee kleine zaaltjes barsten uit hun voegen tijdens het vrijdagmiddaggebed. Er is al bij de gemeente gevraagd om een grotere ruimte. De staat, die ondanks haar seculiere karakter wel de katholieke kerk ondersteunt, houdt bij de moslims de vinger op de knip, constateert Hassan.

Intussen worden de twee moskeeën in Algeciras op ,,niet-officiële'' wijze in de gaten gehouden, aldus een Spaanse agent in burger die de moslimgemeenschap in Algeciras controleert. Hij houdt bij wie er allemaal in de moskee komt. Routineus somt hij de imams op. Ze behoren tot de gematigde malakitische leerschool die in Marokko wordt gepredikt. ,,Maar er hoeft maar een chatter op internet te zijn die het licht ziet en jongeren om zich heen verzamelt en je hebt binnen een half uur een terreurgroep. Er bestaat geen stereotype. Dat voedt het wantrouwen.''

Er zijn meer kleine wrijvingen. Op de markt hangen Marokkaanse jongeren, die soms lastig doen. Ze geven direct een grote mond, zegt de agent in burger. Enkelen rijden in dure BMW's waarvan iedereen zich afvraagt waar het geld vandaan komt. Andersom had de vereniging van Saïd Khaettabi in januari alle stadgenoten willen uitnodigen bij het grote slachtfeest. Ter verhoging van de feestvreugde zou een aantal schapen worden geslacht in de arena van Algeciras. Maar de regioregering gaf geen toestemming. Het werd een rel. ,,Waarom stieren wel en schapen niet?'' zegt Khaettabi. Zijn vrijwilligers kampen al met zo weinig middelen om de moslims wegwijs te maken in de maatschappij. Steeds minder immigranten tonen zich betrokken. ,,Je moet kranten lezen, meedoen met buurtverenigingen'', zegt Khaettabi. ,,Met alleen de inzet van politie komen we er niet.''

Dit is het tweede deel van een serie over de stemming in enkele middelgrote Europese steden met grote moslimgemeenschappen, na de aanslagen in Londen. Eerste aflevering op www.nrc.nl.

    • Steven Adolf