Schoolartsen gaan overgewicht aanpakken

Met ingang van dit schooljaar gaan jeugdartsen en -verpleegkundigen in het hele land kinderen behandelen voor overgewicht. Dat gebeurt bij twee- tot vijftienjarigen die het consultatiebureau of de schoolarts bezoeken.

Nu is een op de acht kinderen te zwaar en worden de betrokken kinderen nog doorverwezen naar de huisarts. Dikke kinderen hebben een verhoogde kans op het ontwikkelen van hart- en vaatziekten, ouderdomsdiabetes en vormen van kanker. Ook worden ze vaker gepest en hebben ze meer leer- en gedragsproblemen.

Voor de landelijke bestrijding van overgewicht bij kinderen zijn een `signaleringsprotocol' en `overbruggingsplan' opgesteld door de Amsterdamse hoogleraar jeugdgezondheidszorg Remy Hira Sing en twee onderzoekers van het Kenniscentrum Overgewicht aan het VU Medisch Centrum. Zij bepalen overgewicht bij kinderen op basis van lengte, lichaamsgewicht en middelomtrek.

Heeft een kind overgewicht, dan moet het in de nieuwe aanpak samen met zijn ouders drie keer terugkomen bij de jeugdarts of -verpleegkundige. Aan de hand van een eet- en beweegdagboek stellen jeugdverpleegkundige, ouders en kind samen een behandelplan op dat rekening houdt met de omstandigheden van het gezin. Daarin staan afspraken over minder gezoete (fris)drank, elke dag meer bewegen en ten minste een uur buiten spelen, maximaal twee uur tv-kijken of computeren, en regelmatig en goed ontbijten.

Als ouders niet gemotiveerd zijn, worden ze uitgenodigd voor een apart gesprek. Los daarvan wordt bij ouders met baby's het belang van borstvoeding benadrukt, omdat er steeds meer aanwijzingen zijn dat moedermelk overgewicht helpt voorkomen.

Kinderen met érnstig overgewicht, in jargon: obesitas, komen nadrukkelijk niet in aanmerking voor deze nieuwe landelijke aanpak. Zij worden via de huisarts doorverwezen naar de kinderarts.

Hoogleraar Hira Sing maakte het landelijke plan op basis van literatuuronderzoek, gesprekken met wetenschappelijke experts, jeugdartsen met praktijkervaring en een voorstudie. Toch is het wetenschappelijk gezien niet onomstreden. Want nog geen enkele maatregel tegen overgewicht is wetenschappelijk effectief gebleken.

Maar Hira Sing stelt: ,,Als je niks probeert, valt er ook niks te bewijzen. En belangrijker: dan geven we een hele generatie kinderen op.'' Sing en zijn onderzoekers wijzen erop dat de maatregelen uit het overbruggingsplan volgens wetenschappers veelbelovend zijn. Ze stimuleren ook in andere opzichten gezondheid: minder frisdrank helpt gaatjes voorkomen; beter ontbijten verbetert de schoolprestaties en meer buiten spelen bevordert de motorische ontwikkeling en de sociale vaardigheden.

Dikke kinderen: pagina 3

    • Wubby Luyendijk