Rijksmuseum koopt vroege Mondriaan

Het Rijksmuseum heeft het schilderij Oostzijdse molen bij maanlicht van de schilder Piet Mondriaan gekocht. Het doek uit 1903 was tot 2000 in het bezit van een Deense familie en onbekend in de kunstwereld. Het Rijksmuseum kocht het schilderij in mei dit jaar – met geld uit het eigen fonds en van de BankGiroloterij – voor 495 duizend euro van de Edense kunsthandel Simonis & Buunk.

Het doek van 63 x 75,4 centimeter toont de molen aan het Gein bij Abcoude in de vroege avondschemering. De hoofdtoon van de voorgrond is groen, de achtergrond is blauw, violet en grijs. ,,Het is een vroege Mondriaan, duidelijk schatplichtig aan de Haagse School,'' vertelt conservator 19de- en 20ste-eeuwse schilderkunst Jenny Reynaerts. ,,Uit het onderwerp blijkt zelfs de invloed van vroegere Nederlandse schilderkunst, zoals De molen bij Wijk bij Duurstede (circa 1670) van Ruysdael, wat Mondriaan door zijn vele bezoeken aan het Rijksmuseum goed kende.'' Vlakverdeling en lijnvoering van de Oostzijdse molen zijn juist heel modern. Reynaerts: ,,Het is art-nouveau-achtig, hoewel die typering het schilderij niet volledig recht doet.''

Pieter Cornelis Mondriaan (Amersfoort, 1872 – New York, 1944) woonde in 1903 in Amsterdam, waar hij zich na zijn studie aan de Akademie voor Beeldende Kunsten in leven hield met het kopiëren van doeken uit het Rijksmuseum en het geven van tekenles aan dames. Reynaerts: ,,Hij fietste veel rond Amsterdam en schilderde daar op verschillende tijdstippen van de dag en vanuit verschillende perspectieven polderlandschappen en molens. Hij was duidelijk op zoek naar een eigen stijl.''

Van de molen bij Abcoude maakte de schilder circa twintig studies, de meeste niet groter dan de deksel van zijn eigen schilderkist, zo'n 25 bij 35 centimeter. Reynaerts: ,,Ik denk dat hij erg tevreden was over dit forsere doek. Het heeft niets schetsmatigs meer en ontstijgt het niveau van een studie.''

De Oostzijdse molen is nooit `verdoekt': er is geen verstevigende laag linnen aan de achterzijde aangebracht, waardoor de originele achterzijde nog zichtbaar is. De schilder zette er een aanwijzing voor de eigenaren op: ,,Als het schilderij slap op spieraam hangt, spieën aantikken.''

Het Rijksmuseum bezat tot nu toe wel prenten, maar nog geen schilderijen van Mondriaan. ,,We gaan ons de komende tijd meer richten op de twintigste eeuw, en dit schilderij slaat een mooie brug tussen de Haagse School en de twintigste eeuw,'' aldus Reynaerts.

De Oostzijdse molen was tussen 1904 en 2000 in bezit van (nazaten van) het echtpaar Kallenbach Pedersen-Sarau uit het Deense Aabenraa. Simonis & Buunk kocht het schilderij in 2004 en gaf het tijdelijk in bruikleen aan het Mondriaanhuis in Amersfoort. Het werk is nog tot en met 7 december te zien op de expositie Dutch Windmills; Art and Industry in het Rijksmuseum Amsterdam Schiphol.