Amandeltaart met pruimen

Kies voor deze taart stevige paarsblauwe pruimen met weinig sap – liefst kwetsen voor wie ze weet te vinden. Te veel sap in de pruimen verweekt het taartdeeg. Mensen met weinig tijd kunnen het deeg vooruit maken op een moment dat ze toch bezig zijn in de keuken. In de ijskast blijft dit deeg zonder ei zeker een week goed, mits in plasticfolie gewikkeld om uitdrogen te voorkomen. Als er dan geschikte vruchten in huis zijn of de wens plotsklaps opkomt om lekker taart te bakken, is dat betrekkelijk snel gebeurd.

Bereiding: Maal bloem, suiker, boter, amandelspijs en zout in een foodprocessor tot een kruimig mengsel. Voeg de wijn toe tot het deeg samenklontert. Doe het over op een met bloem bestrooid werkvlak en kneed het onder de muis van de hand tot een glad, soepel deeg dat niet meer plakt. Laat het in plasticfolie gewikkeld 1 uur (of langer) rusten op een koele plaats. Vet de vorm dun in met de olie en stuif er een waasje bloem over. Laat het deeg op kamertemperatuur komen en rol het op een met bloem bestoven werkvlak uit. Bekleed er de taartvorm mee, snijd overhangend deeg af. Prik het oppervlak van de deegbodem in en zet de vorm kort in de ijskast om het deeg te laten opstijven. Halveer de pruimen overlangs, verwijder de pit en snijd de pruimen in partjes. Bestrijk de deegrand met melk zodat hij straks goudbruin bakt. Leg partjes pruim (schil onder) naast elkaar in concentrische cirkels op het deeg. Leg geblancheerde amandelen tussen de pruimen. Vermeng kaneel en suiker met elkaar en bestrooi de pruimen hiermee. Bak de taart 20 minuten in een voorverwarmde oven (210° C). Roer eidooier, room en kirsch door elkaar, druppel dit met een lepeltje tussen de pruimen. Bak de taart nog 10 minuten. Bestrijk na het bakken de pruimen dun met appelgelei (zie pagina 312 van Het Kookboek van NRC Handelsblad 2002). Koud serveren.

Morgen: ansjovis.

    • Florine Boucher