Wat gebeurt er als wij niets doen?

Jeugdzorg moet sneller ingrijpen bij een crisis. Bureau Haaglanden heeft een crisisteam dat 's nachts en in het weekend uitrukt. Veel andere bureaus volgen dat voorbeeld.

Met een taxi arriveert Wendy de Macker (30) van Bureau Jeugdzorg Haaglanden bij het politiebureau Laak in Den Haag. Haar collega Herbert Huisman (53) is er al. Ze werken voor het Crisis Interventie Team. Het is zaterdagmiddag. Ze hebben net een melding gekregen. Een Bosnisch meisje zit voor de derde keer deze maand op het politiebureau. Ze wil niet meer naar huis.

Het meisje zit in de wachtkamer. Ze draagt haar donkere haren in een paardenstaart, zilveren oorbellen, een spijkerjasje en een witte rok met strookjes. Ze is zeventien. ,,Waarom ben je hier naar toe gekomen?'', vraag Wendy de Macker. Het meisje zucht. ,,Gisteren stond ik op straat te kletsen. Mijn vader keek uit het raam. Hij zag me niet want ik stond in de portiek. Hij dacht dat ik met jongens in de weer was. Dat denkt hij steeds. Hij begon te schelden en te schreeuwen.''

,,Was je ook met jongens in de weer?'', vraagt Wendy.

,,Nee, natuurlijk niet'', zegt ze.

Het meisje vertelt over het gezin. Ze is de oudste van vijf kinderen. Het gezin kwam zeven jaar geleden uit Bosnië naar Nederland en heeft geen verblijfsstatus. De ouders mogen niet werken, geen Nederlands leren, het inkomen is minimaal. De moeder is zwanger van een zesde kind. De ouders hebben trauma's opgelopen in de oorlog en worden daarvoor behandeld. De vader scheldt vaak, maar slaat de kinderen niet. Het meisje doet een mbo-opleiding.

,,Ik denk dat we ook eens met je ouders moeten praten'', zegt Herbert Huisman en pakt de telefoon. Een zusje van dertien neemt op en vertaalt voor haar ouders. ,,Vraag of je ouders nu naar het politiebureau kunnen komen'', zegt Herbert Huisman. Aan de andere kant van de lijn wordt overlegd. ,,Nee, nú'', zegt Huisman beslist.

Dit soort crises hebben we regelmatig, zegt Huisman als het meisje weer in de wachtkamer zit. ,,Weggelopen pubermeisjes met een niet-Nederlands achtergrondje.''

Het Crisis Interventie Team (CIT) in de regio Haaglanden (de driehoek tussen Leiden-Gouda-Rotterdam) bestaat uit tien mensen die buiten kantooruren met twee man uitrukken als een melding niet door de telefoon afgehandeld kan worden. Na drama's als Savanna en onlangs Tolbert is er kritiek op de jeugdzorg. Die zou onveilige situaties te lang laten voortbestaan. Het crisisteam is snel en daadkrachtig, zegt teamleider Leon van Sassen-van IJsselt. ,,We grijpen in als we de situatie niet veilig vinden. Zeker bij kleine kinderen nemen we het zekere voor het onzekere.''

In de regio's Haaglanden, Amsterdam en Rotterdam bestaan de crisisteams al langer. Maar steeds meer bureaus jeugdzorg volgen die trend. In de nieuwe wet op de jeugdzorg (van kracht sinds begin dit jaar) staat dat alle bureaus jeugdzorg dag en nacht bereikbaar moeten zijn voor noodgevallen. ,,Dat betekent niet dat elk bureau jeugdzorg een crisisdienst moet hebben zoals in Haaglanden, maar ze moeten er in elk geval over nadenken'', zegt een woordvoerder van brancheorganisatie MO-Groep.

Maar de bureaus jeugdzorg doen het niet alleen omdat het in de wet staat. ,,De tijd is er rijp voor'', zegt Martin Dirksen, directeur van bureau jeugdzorg Overijssel. ,,We trekken ons de kritiek aan dat we niet snel genoeg reageren. Daarnaast heeft snelle actie meerwaarde: er is vaak minder zware hulp nodig als problemen meteen worden aangepakt.''

Dirksen wil in oktober met een crisisteam van start gaan. Ook bureau Jeugdzorg Friesland is bezig een team op te zetten. In Limburg, Noord-Brabant en Flevoland staat een crisisdienst ,,op de agenda'', zegt een woordvoerder. In Groningen draait de crisisdienst sinds enkele maanden, net als in Gelderland en Drenthe.

De meldingen zijn heel divers, zegt Wendy de Macker. Zij krijgt dit weekend de meldingen telefonisch binnen via de politie, het Advies en Meldpunt Kindermishandeling en ziekenhuizen. Ouders of jongeren kunnen ook zelf naar de crisisdienst bellen. Wendy de Macker beoordeelt de urgentie. ,,Ik stel mezelf de vraag: wat zou er met het kind kunnen gebeuren als wij nu niets doen?''

De Bosnische vader stapt het politiebureau Laak binnen. Hij is een gedrongen man in een zwart jack. Hij kijkt gepijnigd. Vijf minuten later komt de moeder. Haar rossige haar in een slordige staart, een groen vest over een gebloemde rok. ,,Wat is er gebeurd?'', vraag Wendy. De vader begint, zijn Nederlands is slecht: ,,Mijn dochter gaat met jongens weg. Ik zeg: als jij een jongen wilt, is goed. Jij bent zeventien. Maar neem mee naar huis. Dan kan ik zien.''

Herbert Huisman: ,,Ze zegt dat ze geen vriendje heeft, maar dat u haar niet gelooft.''

De vader: ,,Zij liegt. Zij gaat naar zwembad, zij komt niet thuis. Ik ga naar politie. Daar zeggen ze: vierentwintig uur wachten.''

De hulpverleners knikken. Dat is het beleid. De vader steekt zijn handen in de lucht. ,,Zij komt om vier uur in de ochtend thuis. Dat niet normaal.'' Hij snikt: ,,Ik heb veel stress, veel problemen.''

De hulpverleners overleggen buiten de kamer. ,,Tijdelijk uit huis plaatsen'', vindt Huisman. ,,Als ze inderdaad nachten wegblijft, dan kan ze dat daar even niet doen. Het is een time out voor zowel de ouders als de dochter. Kunnen ze even tot rust komen.''

,,Ik vind het een risico'', twijfelt Wendy de Macker. ,,Ze komt uit een gezin waar niets te halen is. Zo'n opvang is voor haar een paradijs. Lekker eten op je bord, lekker bedje.'' Herbert Huisman: ,,We zouden moeten afspreken dat ze haar daar strak houden. In de opvang zijn regels regels.''

Hij belt voor de zekerheid met een van de vier opvanghuizen in de regio Den Haag of er een crisisbed beschikbaar is. Er is plek. De hulpverleners besluiten af te wachten hoe het gesprek tussen de ouders en het meisje verloopt en dan te beslissen.

Het meisje komt met gebogen hoofd binnen, maar als haar vader zijn stem verheft, gaat zij ook schreeuwen. In het Bosnisch. ,,Ho, ho'', zegt Wendy de Macker. ,,Kan het in het Nederlands?''

De vader tegen het meisje: ,,Jij bent 's nachts weg of jij zit achter internet. 's Morgens sta jij pas om twaalf uur op. Dat is niet normaal. Jij zorgt voor de stress. Jouw moeder is zwanger.''

De moeder wappert lijdzaam met een stripje pillen. Het meisje schreeuwt in het Bosnisch terug.

,,Wat zeg je nu?'', vraagt Wendy de Macker. Het meisje snikt: ,,Ik krijg overal de schuld van. Ze zijn altijd boos op mij.''

Wendy de Macker belt de tolkentelefoon. Binnen tien minuten is er een tolk die via de telefoon vertaalt. De hulpverleners stellen een time out voor, zodat iedereen tot rust kan komen. Moeder schudt beslist haar hoofd. ,,Nee'', zegt de vader. ,,Als jullie haar weghalen, maak ik me van kant.''

Een uur later gaat het meisje vrijwillig met de ouders mee naar huis. ,,Het had geen zin om te dwingen'', zegt Herbert Huisman. ,,Ze werd niet mishandeld.'' Ze hebben een afspraak gemaakt voor over twee dagen. ,,Dan gaan we eens kijken'', zegt Herbert Huisman, ,,of ze nu hulp accepteren. Of dat we moeten wachten tot de volgende crisis.''

    • Sheila Kamerman