Leve het kunstgras!

Het kon niet uitblijven: Nederlands eerste eredivisiewedstrijd op kunstvezels en het huis is te klein. Voetbal op kunstgras? Het zou, met terugwerkende kracht, alsnog verboden moeten worden! Phillip Cocu vond het maar niets, dat gebal op een kunstmatige ondergrond, vertelde de aanvoerder van PSV zaterdagavond na het gelijkspel (1-1) tegen Heracles Almelo. De bijna 35-jarige routinier klaagde over pijntjes in de kuiten, en dat had voor alle duidelijkheid dus niets te maken met zijn leeftijd of de verrassende puntendeling tegen de nieuwkomer.

Veel was dit weekeinde nieuw in de sport, veel bleef ook bij oude. Zoals de ongefundeerde koudwatervrees der profvoetballers. Een overgrote meerderheid (bijna negentig procent) wijst kunstgras af, bleek onlangs uit een enquête van de spelersvakbond VVCS. Valse en sentimentele argumenten spelen daarbij een hoofdrol. Zoals deze: ,,Het moet wél naar gras ruiken.'' Hoezo? Gaan de heren daar beter van presteren? In de meeste voetbalstadions ruikt het overigens naar braadworst, Bengaals vuur en verschraald (alcoholvrij) bier, maar dit terzijde.

De 21ste eeuw is al lang en breed aangebroken, maar voetballers wensen krampachtig vast te houden aan het verleden. Zoals de hockeyers van Pakistan en India die, bijna dertig jaar na de introductie van kunstgras (Olympische Spelen 1976), nog altijd heimwee zeggen te hebben naar natuurgras. Aanpassen? Met forse tegenzin. Geen wonder dat de eens zo oppermachtige hockeynaties vandaag de dag een ondergeschikte rol spelen. Eén voordeel: ze hebben altijd een excuus.

Voetbal straks ook? Koning Voetbal mag dan regeren, over een progressieve geest beschikken de meeste van zijn volgelingen niet. Conservatisme is de leidraad. Liever denken in beperkingen dan in mogelijkheden. Kunstgras? Dat is voor kakkineuze hockeystudentjes, die ook al voorop liepen met de inmiddels ook schoorvoetend overgenomen video-analyse.

De realiteit leert dat de ontwikkeling van kunstgras niet tegen is te houden. Zeker niet in een land waar de ruimte schaars is, en gemeenten mede daarom steeds vaker bij clubs aandringen om over te stappen op kunstgras (langere levensduur, hogere gebruikersintensiteit, op termijn lagere kosten). Waarmee zich de in de sport hoogst merkwaardige situatie voordoet dat de top de breedte volgt, en niet andersom, zoals in andere progressieve takken van sport.

Perfect zijn de voetbalkunstgrasmatten nog niet, zoals Omniworld vrijdag ondervond (veel regen, gevolg afgelasting). Maar dat is een kwestie van tijd, zoals FIFA-baas Joseph Blatter deze zomer nog maar eens herhaalde.

    • Mark Hoogstad