CBS: meer Turken terug naar Turkije

Het aantal Turken en Marokkanen dat terugkeert naar het land van herkomst stijgt verder. Vorig jaar vertrokken 3.000 Turken en 1.600 Marokkanen van de eerste en bijna 1.000 Turken en 1.000 Marokkanen van de tweede generatie uit Nederland.

In het jaar 2000 vertrokken slechts 1.600 Turken naar het land van herkomst en en hetzelfde aantal Marokkanen naar Marokko. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vandaag. De cijfers zijn grotendeels gebaseerd op het Onderzoek Gezinsvorming onder jonge Turken en Marokkanen, dat tussen januari en mei 2004 werd uitgevoerd. Er werden bijna duizend personen ondervraagd.

De emigratie van Turken en Marokkanen daalde in de jaren negentig. Sinds het begin van de eeuw stijgt de terugkeer naar het land van herkomst weer, vooral onder de eerste generatie Turken. De emigratie naar Marokko neemt ook weer toe, maar slechts in lichte mate. In 1996 vertrokken nog ruim 4.000 Turken en 2.500 Marokkanen van de eerste generatie en 900 en 500 Turken en Marokkanen van de tweede generatie.

Het CBS was met name geïnteresseerd in de toekomstplannen van de tweede generatie: denken ze in Nederland te blijven of gaan ze zich in het herkomstland vestigen?

Eén op de tien Turken ziet wel mogelijkheden om naar Turkije te gaan. Onder de tweede generatie Marokkanen is de animo minder: één op de twintig. Overigens heeft één op de zes jongeren niet over deze vraag gedacht. Het CBS ondervroeg de tweede generatie Turken en Marokkanen van 18 tot 27 jaar die in Nederland zijn geboren of die vóór het zesde levensjaar naar Nederland zijn gekomen.

De redenen waarom Marokkaanse en Turkse jongeren in Nederland willen blijven, lopen uiteen. Bijna de helft zegt dat het hun goed bevalt in Nederland. Ook worden werk, familie en het feit dat men geen toekomst ziet in het land van herkomst veelvuldig als redenen aangevoerd om niet te emigreren. Bovendien zegt een derde van de Marokkaanse jongeren en een vijfde van de Turkse jongeren van de tweede generatie dat ze geen binding hebben met het geboorteland van hun ouders. De cultuur in de herkomstlanden zegt hun weinig.

Tevens voert een klein deel van de Turkse en Marokkaanse jongeren (drie en zes procent) de politieke situatie in hun land van herkomst aan als een reden om in Nederland te blijven. Ook zegt een klein deel (rond vijf procent) dat ze niet voldoende geld hebben om terug te keren.