Kosmische botsing creëerde planetoïde met twee satellieten

Sylvia, een van de grotere planetoïden in het gebied tussen Mars en Jupiter, heeft twee begeleiders. Dat is ontdekt door Amerikaanse en Franse astronomen die deze planetoïde afgelopen najaar twee maanden lang met een grote telescoop op de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) in Chili hebben waargenomen (Nature, 11 augustus). De twee satellieten hebben een diameter van 18 en 7 kilometer en draaien op afstanden van respectievelijk 1360 en 710 kilometer rond Sylvia, die zelf 384 264 232 kilometer meet. Ze heten inmiddels Romulus en Remus, naar de mythologische stichters van Rome.

Planetoïden zijn overblijfselen van oermaterie rond de zon die niet kon samenballen tot een `echte' planeet. Bij zo'n zestigtal heeft men inmiddels een begeleider waargenomen, maar Sylvia is de eerste met twee satellieten. Via hun omloopbanen hebben Franck Marchis en zijn collega's nauwkeurig de massa en dichtheid van Sylvia kunnen bepalen. Deze laatste blijkt 1,2 g/cm³, vergelijkbaar met die van de zwaarste houtsoort (pokhout). Dit betekent dat Sylvia uit een losse, poreuze aggregatie van ijs- en silicaatachtig materiaal bestaat die alleen door de eigen aantrekkingskracht bijeen wordt gehouden.

De astronomen denken dat Sylvia ontstaan is tijdens een botsing tussen twee voorlopers. In de hierbij ontstane rubble-pile vormde zich door samentrekking het huidige hoofdlichaam, waar twee brokstukken als satellieten omheen bleven draaien. Misschien heeft Sylvia nog meer satellieten. Computersimulaties laten namelijk zien dat tijdens zo'n botsing een hele ring van fragmenten rond de nieuwe planetoïde kan ontstaan. Er is nog te weinig bekend over de lange termijn-stabiliteit van zulke satellieten om iets over hun huidige aanwezigheid te kunnen zeggen.

    • George Beekman