Hoe melk je twee ton?

Wie ineens beschikt over 200.000 euro uit de verkoop van een huis, een erfenis, gouden handdruk of verzekering moet blij zijn met zo'n melkkoe. Toch blijkt dat niet altijd uit de reacties van lezers. Die klagen steen en been over de hooguit 4 procent spaarrente die ze kunnen maken. Ze menen recht te hebben op meer melk uit hun koe 5, 6, 7 procent of meer, risicoloos. Maar die tijd is voorlopig voorbij, want het aanbod van geld overtreft de vraag, wat het rentepeil al een poosje drukt. Zie voor de verschillende rentetarieven www.sparen.pagina.nl. Wie nu meer rendement wil, moet creatief denken en risico willen nemen. Hetgeen niet inhoudt dat de korte rente over een paar jaar niet hoger kan zijn dan 4 procent. Immers de Amerikaanse centrale bank verhoogde deze week de rente tot 3,5 procent, tegen nu nog 2 procent in de eurozone. Enkele Nederlandse banken verhoogden deze week de hypotheektarieven. Het lijkt een kentering in renteland.

Het creatieve denken begint met een onderzoek van de eigen financiële situatie. Vreemd genoeg zijn er mensen met een halve, hele of twee ton én daarnaast schulden tegen een hogere rente dan de rente die ze ontvangen, wat je totale rendement drukt. Goedgelovigen vinden dit normaal: `Schulden los je niet af, want dan ben je een dief van je eigen portemonnee.' Althans dat beweren gelduitleners.

Kortom: wie meer wil, moet zijn onvoordelige schulden saneren. Kan dat in Nederland? Ons land lijkt bevolkt met mensen die watertrappelen en miljarden moeten lenen om het hoofd boven water te houden. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) stonden zij eind juni samen op 2,7 miljoen betaalrekeningen voor bijna 7 miljard euro in het rood. Dat is circa 2.500 euro per rekening, tegen bijvoorbeeld 1,2 procent debetrente per maand of 30 euro. Daar komen nog bij de creditcardschulden, consumptieve kredieten, leningen en hypotheekschulden.

Dus begint de sanering met nooit meer rood staan. Bespaar je daarmee per jaar gemiddeld 500 euro aan onnodige rente, dan is dat 0,25 procent meer rendement op die 200.000 euro. Het is niet veel, maar wel een positieve verandering in je gedrag.

Het aflossen van (persoonlijke) leningen levert ook iets op. Je bespaart per 20.000 euro schuld, tegen bijvoorbeeld 8 procent, 4 procent; 8 procent te betalen minus 4 procent te ontvangen. Dat scheelt 800 euro rente per jaar of 0,4 procent op 200.000 euro.

Een variant hierop is uitlenen aan betrouwbare geldleners die zo hun schuld kunnen aflossen of anders noodgedwongen moeten aankloppen bij een bank. Je kan afspreken om het voordelige verschil te delen. Zo maak je misschien 6 procent of meer. Je loopt wel het risico, net als een bank, dat je je geld niet (helemaal) terugkrijgt.

Het effect van extra aflossen op je huislening is lastig in algemene zin te bepalen. Het verschilt per huishouden, omdat je de rente meestal af mag trekken van je belastbare inkomen in box 1. Betaal je in die box hooguit 42 procent belasting en is de leningrente 8 procent, dan betaal je netto 4,6 procent rente; 100 min 42 procent maal 8 procent. Dan lijkt aflossen, vergeleken met 4 procent spaarrente amper voordelig. Maar is die 4 procent in werkelijkheid 2,8, omdat je in box 3 de 1,2 procent heffing betaalt, dan levert aflossen meer op.

Een nieuwe variant. Sinds 1 januari van dit jaar vervalt de belastbare bijtelling van het eigenwoningforfait in box 1 (bijna) indien een huiseigenaar geen (of weinig) rente aftrekt, wat niet algemeen bekend is bij huiseigenaren. Dat levert twee voordelen op. Je lost af en de bijtelling vervalt. Bedraagt deze per saldo 2.500 euro in het 42-procentstarief, dan betaal je 1.050 euro minder belasting. Door af te lossen (indien mogelijk en toegestaan) krik je het rendement op 200.000 euro op met 0,5 procent.

Wie weinig heil ziet in de opgesomde alternatieven, moet het over een andere boeg gooien en risico nemen. Je kan geld uitlenen aan het levensvatbare (beginnende) bedrijf van een betrouwbaar familielid, vriend of kennis, omdat die bij de bank geen of alleen een duur krediet kan krijgen. Dat opent perspectieven.

Je kan deelnemen via aandelen, daardoor mede-eigenaar van de onderneming worden en profiteren van eventuele dividenden en andere uitkeringen. Maar vooral van de waardevermeerdering, hoop je. Gaat het bedrijf failliet dan ben je waarschijnlijk je investering kwijt.

Of je kan geld uitlenen tegen bijvoorbeeld 8 procent. Wie 50.000 euro uitleent, maakt 4 procent (2.000 euro) extra rendement boven de spaarrente. Dat is 1 procent op 200.000 euro. Zorg wel voor een liquide onderpand, bijvoorbeeld de privé-auto van de ondernemer of een deel van zijn woonhuis, en een waterdicht contract. Door te lenen profiteer je niet van de waardegroei.

Geduld hebben is ook een zinnig alternatief. Beidt uw tijd. Dat brengen mensen die plotseling over veel geld beschikken niet altijd op. Ze willen hun rijkdom snel ergens in stoppen, om van de (luxe) zorgen af te zijn. Rust in de tent. Terwijl wachten op een gunstig moment vol lagere prijzen en koersen voordeliger is.

Zo kan je overwegen een deel van je 200.000 euro in aandelen te stoppen. Neem de bankaandelen. Huidig dividendrendement 4 tot 5 procent, wat kan oplopen tot 5 procent of meer bij een kooprijpe correctie op de beurs. Je slaat dan drie vliegen in een klap. Een flink dividend, dat omhoog kan gaan in de komende jaren. De kans op koerswinst op het aandeel. En je zit indirect aan de goede kant van de kassa, want die 7 miljard euro roodstand levert de bank een flinke rente op, moeiteloos. Naar schatting 70 miljoen euro per maand. Ook de huishoudens die watertrappelen en lenen om boven te blijven spekken de kas.

Als houder van bankaandelen melk je dus niet alleen je eigen tonnen, maar ook een beetje de mensen die rood staan en lenen. Praat op verjaardagen dus niet over je bankbeleggingen, anders sta je zo weer buiten.

    • Adraan Hiele