Back to the future

Nasa wil in 2010 de kommervolle shuttle afdanken. Terug naar de capsule bovenop de draagraket. Intussen rekenen de Europeanen er vast op dat de Amerikanen hun verplichtingen jegens hun partners in het internationale ruimtestation nakomen.

TOEN RUIMTEVEER Discovery bij de lancering op 26 juli ondanks alle voorzorgen toch weer met een stuk losschietend isolatieschuim te kampen kreeg – dat ditmaal het toestel miste zodat een herhaling van het drama met de Columbia uitbleef – vielen in de Amerikaanse pers commentatoren te beluisteren die voorstelden het shuttleprogramma dan maar voorgoed te staken. Als Nasa na tweeënhalf jaar sleutelen de problemen nog niet de baas was, werd het tijd er een punt achter te zetten.

Zo niet Gene Kranz, in 1970 vluchtleider van de bijna fatale Apollo 13-missie naar de maan. De man van `Failure is not an option' (volgens het filmscript) stuurde een scherp opiniestuk naar de Houston Chronicle. Daarin betichtte hij de `angsthazen' zo'n beetje van landverraad. `Ik walg van het gebrek aan moed en gezond verstand dat uit deze houding spreekt', aldus Kranz. `Zonder risico geen vooruitgang. De economische motor van de natie draait op risico. En ook is risico essentieel om Amerika's fundamentele ontdekkingsgeest nieuw leven in te blazen, opdat we de competitie met de rest van de wereld kunnen blijven aangaan. Wat die neezeggers opperen staat zo haaks op de Amerikaanse traditie van doorzetten, keihard werken en grenzen verleggen dat ze niet eens beseffen in welk gevaar ze toekomstige astronauten brengen, om nog maar te zwijgen van ons land.'

Wetenschappers mogen nog zo volhouden dat alleen onbemande ruimtevaart zin heeft, dat de geldverslindende bemande ruimtevaart de wetenschap vooral in de weg zit en dat de Nasa genoeg heeft aan prachtsucsessen als Cassini-Huygens en de zachte landing op Titan, de twee Marswagentjes die nog altijd op de Rode Planeet rondtoeren en de schitterende opnamen van de röntgensatelliet Chandra, feit is dat met name bemande ruimtevaart het grote publiek tot de verbeelding spreekt. Ray Bradbury's The Martian Chronicles (1950) en Tom Wolff's The Right Stuff (1979) zijn klassiekers en sinds president Kennedy's aankondiging dat de Amerikanen de uitdaging aangingen nog in de jaren zestig een man op de maan te zetten, ligt bemande ruimtevaart verankerd in de Amerikaanse ziel. En politici die over de Nasabudgetten gaan laten hun oren nu eenmaal eerder hangen naar de wensen en dromen van de grote massa dan naar de koele rationele afwegingen van de wetenschap.

Maar intussen heeft de kommer en kwel met het shuttleprogramma het Amerikaanse zelfvertrouwen een stevige knauw bezorgd. In 1986 ontplofte de Challenger kort na de start door het lekken van verbrandingsgas uit een van de boostermotoren door een rubberen ring die door de lage temperatuur onvoldoende flexibel was. Tweeënhalf jaar geleden desintegreerde de Columbia tijdens de terugkeer in de aardatmosfeer doordat wrijvingshitte een gat kon binnendringen dat een losschietend stuk isolatieschuim kort na de start in het hittewerende schild had geslagen. Ook de afgelopen vlucht met de Discovery verliep bepaald niet vlekkeloos. Tweehonderd miljoen dollar was er gestoken in verbetering van het aanbrengen van warmte-isolerend schuim op de externe brandstoftank van de shuttle. Inderdaad is tijdens de lancering minder materiaal losgeraakt dan bij eerdere gelegenheden en het aantal hittewerende tegeltjes dat krasjes opliep – feilloos geregistreerd door een enorme batterij camera's en laserapparatuur – daalde met een factor zes. Niettemin schoot ook ditmaal tijdens de start een honderden gram zwaar stuk schuim los van de externe tank. Had het projectiel iets eerder losgelaten en de Discovery op een kritische plek geraakt, dan was een Columbia-scenario akelig dichtbij geweest.

voegstrips

Nasa mag bij monde van baas Michael Griffin van een `magnifieke' return to flight-missie spreken, het grote publiek ziet dat anders. Het geslaagde bezoek van Discovery aan het internationale ruimtestation ISS, of de minutieuze inspectie van de Discovery tijdens de vlucht tellen daar minder dan de twee uitstekende voegstrips die Steve Robinson bij wijze van noodreparatie moest verwijderen en dat ene stuk isolatieschuim dat ondanks de 200 miljoen dollar toch maar losschoot. Bij veel Amerikanen heeft zelfvertrouwen plaats gemaakt voor twijfel, aangemoedigd door cartoons in kranten met ruimtevaarders die klungelen met rollen plakband. Moet dat suprematie voorstellen? Uit angst voor weer een ramp durfde menigeen dinsdagmorgen de rechtstreekse tv-uitzending van de shuttle-terugkeer niet te volgen. In de New York Times gaf een hoogleraar massacommunicatie het gevoelen van de natie als volgt weer: `Jeetje, als we niet eens in staat zijn om fatsoenlijk in een lage baan om de aarde te komen, hoe moeten we dan Al Qaeda verslaan?'

Tegelijk is er onvrede met de missie van het ruimteveer. Saai rondjes draaien om de aarde en het verzamelde afval van tweeënhalf jaar van het internationale ruimtestation meenemen naar huis spreken weinig tot de verbeelding. Exploratie is anders.

Wie dat feilloos aanvoelt is president George Bush. `Exploreren en ontdekken is niet zomaar een keuze', sprak hij op 4 februari 2003 ter nagedachtenis van de verongelukte Columbia-bemanning, `het gaat om een verlangen dat geschreven staat in het menselijk hart.' Een jaar later ontvouwde hij zijn toekomstvisie op de Amerikaanse ruimtevaart. De spaceshuttlevloot moest uiterlijk in 2010 worden afgedankt en de jaren die Discovery, Atlantis en Endeavour restten dienden te worden besteed om het afgeslankte internationale ruimtestation te completeren. Dat ruimtestation was er niet langer om fundamentele wetenschap mee te bedrijven, zoals eerst een van de doelen was, maar moest in het teken staan van het exploreren van de ruimte door de mens. Want het was tijd de low orbit van spaceshuttles en internationale ruimtestation te verlaten en het in hoger sferen te zoeken. Om te beginnen terug naar de maan, als het even kan in 2015, en daar voorbereidingen treffen voor reizen naar Mars en naar de ruimte voorbij die planeet.

getob

Belachelijk, reageerden veel wetenschappers. Wat een uitdaging, vonden Nasa en het Amerikaanse publiek. Zeker nu het getob met de shuttle aanhoudt, en de kosten per missie zijn opgelopen tot een miljard dollar, wil Nasa zo snel mogelijk van zijn ruimteveer af.

Maar niet van de shuttle-technologie. Om de nieuwe generatie raketten op korte termijn te kunnen ontwikkelen, en de kosten te drukken, neemt de Nasa motoren, boosters (vaste stof-raketten) en externe tank van de shuttle als vertrekpunt – safe, simple and soon. Met één groot verschil: astronauten zullen niet meer aan de zijkant van de raket plaatsnemen maar bovenop. Het is de Apollo-capsule op een Saturnus V, maar dan in een modern jasje. Back to the future. Voordeel: zo'n stapelconfiguratie rekent voor eens en altijd af met het schuimprobleem. ``Als we de astronauten en de lading bovenop zetten, mag de tank van mijn part aan een stuk door schilferen'', aldus Nasa-baas Griffin op een persconferentie vorige week. De ruimtevaartorganisatie zal de nieuwe plannen eind deze maand officieel presenteren.

Inmiddels is duidelijk dat de bouw van een nieuwe draagraket, met boosters als eerste trap en inclusief astronauten-capsule, een ontsnappingsfaciliteit en lanceerinfrastructuur, zo'n vijf miljard dollar zal kosten. Niet onbelangrijk: hij is volgens de ontwerpers tien keer veiliger dan de shuttle die hij in 2010 moet opvolgen. Een stuk ambitieuzer is het Crew Exploration Vehicle (CEV), dat bemanningen zowel op het internationale ruimstation als op de maan moet kunnen afzetten. De CEV staat gepland voor 2012 en kost eveneens vijf miljard. En ook komt er een nieuwe draagraket voor vracht, even hoog als de legendarische Saturnus V uit de jaren zestig en zeventig. Hij moet 125 ton in een lage baan om de aarde (bijvoorbeeld die van het ISS) kunnen brengen, zes keer zoveel als de shuttle. Kosten: andermaal vijf miljard. Om de marges voor dit alles aan te geven: Nasa heeft dit jaar een budget van 16 miljard en substantiële verhoging zit er voor de komende jaren niet in.

De capsules, voor bemanningen zowel als vracht, ogen in deze aanpak niet meer als vliegtuigen maar landen aan parachutes in een woestijn aan de Amerikaanse westkust. Sophisticated is anders maar wat telt zijn de prestaties. De nieuwe generatie ruimtevaartuigen moet de Amerikaanse bemande ruimtevaart weer glans bezorgen, de glans van de exploratie.

    • Dirk van Delft