Volk krijgt tv die het verdient

Je moet naar televisie kijken en er (eigenlijk niet) over schrijven als dat je werk niet is. Want als televisiemaker moet je programma's onbevangen over je heen kunnen laten komen. Thuis op de bank voelt televisie anders en dat moet je beseffen als je zelf in de montage zit. Schrijven betekent in mijn geval dat je over jezelf gaat zitten nadenken. Dat is een rare en nogal verontrustende gewaarwording. Ik heb geen smaak en mijn voorkeuren zijn ongerijmd. Als het moet schakel ik achteloos over van een tamelijk langdradige documentaire over Luther – waar ik dan toch mijn vermaak aan beleef – naar een rampenfilm in minder dan een B-categorie.

Ik beklaag me omdat de Nederlandse televisie me zo matig bedient als het gaat om keiharde onderzoeksjournalistiek, maar Hart van Nederland zet ik echt niet meteen uit. Als ik hoor dat er een Sperma Show komt, ga ik net zo ongenuanceerd kopje-onder in mijn morele verontwaardiging als de vrouwen die mij voor de voeten werpen dat geboorte van een baby omgeven moet blijven door de intimiteit van de privé-sfeer. (Dan mag ik nu ook het hoofd afwenden van de gezellige mapjes met geboortefoto's die sommige vrouwen me of ik wil of niet onder de neus duwen.)

Seks op televisie zou ik met onmiddellijke ingang willen verbieden, maar dan verraad ik mijn stokpaardje: vrijheid van meningsuiting. Ik wil dat de publieke omroep wordt gered omdat ik bang ben voor Berlusconi-achtige situaties in Nederland, maar als de commerciële televisie niet was uitgevonden had dat, zoals ik het zie, vandaag nog moeten gebeuren. Het aanbod lol-vermaak overstijgt dat wat wordt genoemd de serieuze(re) programma's, maar voor mij is er van allebei genoeg. Wat ik de afgelopen week door gedwongen reflectie over het medium dat ik zelf bedien heb ontdekt, is dat ik een windhaan ben en een televisiejunk.

Omdat ik deze week voor mijn gevoel thuis bewuster moest kijken dan me lief is, ondervond ik dat als buitengemeen hinderlijk toen ik naar de derde aflevering in de alleraardigste serie De Biologische Klok zat te kijken. Geen gemekker over wat je zelf anders zou hebben gedaan, zei ik streng tegen mezelf, want dan is het uit met de kijkpret. In de Biologische Klok (een aanbeveler, trouwens) zijn vrouwen aan het woord voor wie de tijd begint te dringen willen ze nog moeder kunnen worden. Ze worstelen met hun kinderwens, zichzelf en met hun partners, die niet allemaal staan te popelen om vader te worden.

Tegen de vrouwen in de laatste categorie zou ik willen zeggen: kom op meid, gooi weg die pil, er zijn niet voor niets twee feministische golven geweest, dat kind komt wel groot. Omdat televisiemakers die niets beters weten te verzinnen, vaak lijstjes maken, krijgt u er een van mij. Ik zet uit het blote hoofd op een rijtje wat ik heb onthouden van de laatste week in de televisie-zomerstop.

Dat is in willekeurige volgorde: 1. Opluchting: Russisch onderzeeërtje komt veilig aan de oppervlakte. De bemanning haalt opgelucht adem en de claustrofoob die ik ben ook. 2. Leukste man. Met stip genoteerd: Zomergast Robbert Dijkgraaf tegenover Connie Palmen, die haar gesprekspartner deze keer niet hinderlijk in de weg zat. 3. Gemiste kans: Desperate Housewives. Erg chagrijnig van, want het is een van mijn favoriete series. 4. Ontroering. Eenbenige voetballers in Sierra Leone. Als daders en slachtoffers uit dezelfde gruwelijke burgeroorlog samen een balletje kunnen trappen, komt het misschien nog goed met de mensheid (Netwerk). 5. Hangmoment: Cold cases. Ik geloof dat ik bij deze serie maar ga afhaken, want de plots zijn zo slap. 6. Ongerustheid. Spoorloos verdwenen Iraakse vrouw met haar 3-jarige dochtertje. Eerwraak wordt gevreesd. Ik raak haar gezicht maar niet kwijt.

Nog een nachtje slapen en het gevecht om de kijker barst los. Laat alle stormen maar rustig over u heen komen en geniet ervan dat er zo naar uw gunsten wordt gedongen. Bedenk met de zapper in uw hand dat het volk de televisie krijgt die het verdient en doe er uw voordeel mee.

Dit is de laatste bijdrage van Big Brother-hoofdredacteur Hummie van der Tonnekreek over het televisie-aanbod.