Mariss Jansons, gastdirigent

Mariss Jansons, sinds een jaar de nieuwe chef-dirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest, leidt vanaf volgende week donderdag drie Zomerconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw. Daarmee vervult de Letse dirigent, nog vóór de Uitmarkt, al een kwart van zijn optredens in eigen huis in het nieuwe seizoen 2005-'06. Jansons dirigeert daarna nog slechts negen concerten in de Grote Zaal. In september is hij er weer drie keer, ook drie keer in de kerstweek en volgend jaar dirigeert hij nog drie concerten.

Het maandblad Music van de BBC, het grootste klassieke-muziekmagazine ter wereld, beschreef Mariss Jansons vorige maand nog als `de grootste dirigent van onze tijd'. En de slotzin luidde: ,,Misschien moeten we allemaal overwegen te verhuizen naar Amsterdam.'' Maar wie dat zou doen, hoort Jansons in het Concertgebouw maximaal twaalf keer. Daarnaast leidt hij in het Muziektheater nog negen voorstellingen van Sjostakovitsj' opera Lady Macbeth van Mtsensk, begeleid door het Concertgebouworkest.

Jansons dirigeert het Concertgebouworkest zelfs vaker in het buitenland dan in Amsterdam: drieëntwintig keer tegen eenentwintig. Om de overige Amsterdamse concerten te dirigeren, huurt het Koninklijk Concertgebouworkest het komende seizoen drieëntwintig gastdirigenten in. Zo lijkt de chef-dirigent Jansons zelf ook een gastdirigent, die eigenlijk alleen naar het Concertgebouw komt om met zijn orkest te repeteren voor buitenlandse optredens.

Vrijwel alle muziek van zijn Amsterdamse concerten wordt later gespeeld tijdens tournees: van Londen en Berlijn tot New York en Chicago. Die buitenlandse, vaak lucratieve optredens voor een veelal conservatief publiek, dicteren zo ook het zeer beperkte repertoire dat de chef-dirigent het komende seizoen in Amsterdam dirigeert: Mahler, Brahms, Debussy, Sibelius, Lutoslawski, Haydn, Strauss, Sjostakovitsj en een Henze-première. Amsterdam is zo niet veel dan een onderdeel van Jansons' internationale concertcircuit. Onder zijn voorganger Riccardo Chailly was het repertoire van de chef een waaier van avontuurlijke pluriformiteit.

Jansons is ook nog in München chef van het orkest van de Bayerische Rundfunk. Maar daaraan ligt het niet dat hij zo weinig optreedt in Amsterdam. Zijn karige aanwezigheid bij het Concertgebouworkest is een welbewuste keuze. Jansons wil dat elk concert iets unieks en speciaals is. En dan heeft Jansons nog een trauma overgehouden van zijn intensieve elfjarige chefschap in Oslo. Hij vertrok daar in 2000 na allerlei irritaties. Diezelfde wrijvingen waren ook voor Chailly redenen om na zestien jaar te vertrekken uit Amsterdam. Het Concertgebouworkest had hem zelfs verzocht zijn aanwezigheid zoveel mogelijk te beperken. Binnen het Concertgebouworkest is men nu ongelukkig met Jansons' houding en zou men hem graag vaker in het Concertgebouw zien. Maar Jansons trekt lering uit het verleden. Begrijpelijk, maar ook met gevolgen die teleurstellen.

    • Kasper Jansen