Ja, Grieken zijn klagers

De `Europese Literatuur', bestaat die eigenlijk? Margot Dijkgraaf maakt een tour d'horizon. Deze week de Griekse schrijver Petros Markaris: ,,Mijn cultuur is de Duitse.''

`Grieken houden van chaos', roept Petros Markaris met zijn luide kraakstem, wijd gebarend in de hal van het congrescentrum in Porto Carras, in het noordoosten van Griekenland. ,,Je moet hier altijd minstens een half uur te laat komen, anders heb je niets van de Griekse cultuur begrepen.'' Toch is de 73-jarige schrijver zelf stipt op tijd voor ons gesprek over Europese literatuur. ,,Ik hoor dan ook niet thuis in de Balkan-traditie, maar in de Europese. Dat is het grote verschil. Kijk, mijn vader was Armeens, mijn moeder Grieks. Ik ben geboren in Istanbul, opgegroeid in Turkije. Mijn moedertaal is het Grieks, ik spreek geen woord Armeens. Ik ging naar een Griekse basisschool, maar de rest van mijn schooltijd bracht ik door in Oostenrijk en Duitsland. Waar ligt nu mijn vaderland? Mijn cultuur is de Duitse. Mijn relatie tot Griekenland ligt in de taal, maar heeft met Griekenland als land niets te maken. Ik ben niet de gemiddelde Griekse schrijver. Als ik de mensen hier eens flink wil provoceren zeg ik: ik ben Grieks onderdaan, ik ben een Griekse schrijver, maar ik ben geen Griek. Dan worden ze woedend.''

Petros Markaris (1932), in verschijning en optreden een van de meest flamboyante auteurs die Griekenland rijk is, schreef spannende romans, toneelstukken, essays en filmscenario's. Ook vertaalde hij werk van Goethe, Frank Wedekind, Arthur Schnitzler, Bertolt Brecht, Peter Weiss en Thomas Bernhard. Zijn thrillers zijn in bijna alle Europese talen vertaald, ook in het Nederlands. Bij uitgeverij Gianotten verschenen onlangs De zelfmoord van Che en Het late journaal, twee boeken waarin commissaris Kostas Charistos geconfronteerd wordt met moorden in de ondoorzichtige wereld van de televisie, vastgoed, corruptie en het grote geld. Athene, de eigenlijke hoofdpersoon in alles wat Markaris schrijft, zucht onder zinderende hitte en verkeerschaos. De stad kampt met huizentekort, vreemdelingenhaat en een enorm wantrouwen ten opzichte van de machthebbers. De democratie is nog jong.

Wat Markaris boeit in de Europese literatuur is de enorme diversiteit. Hij ziet grote verschillen in de literaire traditie op de Balkan en in West- en Centraal-Europa. ,,Die komen natuurlijk voort uit de historische ontwikkeling. In West-Europa is de literatuur gevormd door de Verlichting. Die periode hebben de Balkanlanden niet doorgemaakt. Hetzelfde geldt voor de Franse Revolutie, het tijdstip van de industriële revolutie. Natuurlijk bestaat er een Europese literatuur, maar een eenheid vormt die niet.''

Kijkend naar de invloed van West-Europese literatuur op de Griekse, stelt Markaris vast dat de negentiende-eeuwse roman, de `bourgeois-novel', in de traditie van Balzac bijvoorbeeld, in Griekenland helemaal buiten beeld is gebleven. Die is op de hele Balkan onbekend en van generlei invloed geweest. Slechts één negentiende-eeuwse Griekse auteur is duidelijk door die romantraditie beïnvloed, Constantinos Theotokis (1872-1923), die niet in Athene woonde, maar op Korfoe. ,,Een significant verschil, want de eilanden in de Ionische Zee, waaronder Korfoe, vielen onder Britse heerschappij, terwijl Athene deel uitmaakte van het Ottomaanse Rijk. Op Korfoe richtte men zich erg op Italië: de aristocratie sprak Italiaans, de levensstijl was Italiaans, de kunsten waren op Italiaanse leest geschoeid. Daar schreef Theotokis een serie sociale en naturalistische romans, die duidelijk beïnvloed waren door West-Europese trends uit die tijd.''

Griekse volkslied

Ook in het werk van de dichter Dionysos Solomos (1798-1857) zijn veel verschillende invloeden verknoopt. Zijn Hymne aan de Vrijheid werd later het Griekse volkslied. ,,Solomos werd geboren op het eiland Zakynthos, dat toen in Engelse handen was. Zijn vader was Brits, zijn moeder Grieks. Hij werd, volgens de gewoonten van zijn klasse, in het Italiaans opgevoed – een probleem voor zijn moeder, die alleen Grieks sprak. Het vervolg van zijn opleiding kreeg Solomos in Siena. In 1921, bij het uitbreken van de Griekse bevrijdingsoorlog tegen het Ottomaanse Rijk, keerde hij terug naar zijn eiland – als dichter. Hij sprak echter geen woord Grieks. Het verhaal gaat dat hij door boerendorpjes trok om de taal te leren en dat hij voor ieder nieuw woord dat hij leerde iets betaalde. De dichter die woorden kocht!''

Volgens een aantal in deze serie geïnterviewde schrijvers behoren de oude Griekse mythologie en de oude Griekse wijsgeren tot de basis van de Europese literatuur. Markaris steekt zijn irritatie niet onder stoelen of banken en verheft zijn toch al donderende stem. ,,Onzin! Wat de Europeanen als Grieks beschouwen is door de Romeinen volledig getransformeerd. Er zijn grote verschillen tussen wat de oude Grieken schreven en wat er tegenwoordig als oud-Grieks wordt gezien. Natuurlijk, de Renaissance is door de oud-Griekse kunst en literatuur beïnvloed. Maar vanaf de Verlichting tot aan de moderniteit is dat radicaal veranderd.''

Ook de huidige Griekse literatuur heeft niets van doen met de oude. ,,Niet wat betreft de taal, niet wat betreft de grammatica, in geen enkel opzicht. Toen ik Faust in het nieuw-Grieks vertaalde, heb ik vaak gewenst dat ik het in het oud-Grieks mocht vertalen. Dat zou veel gemakkelijker zijn geweest. De Duitse grammatica heeft veel weg van de oude Griekse grammatica, maar het moderne Grieks staat daar mijlenver vanaf.'' Inhoudelijk geldt hetzelfde. ,,Om te begrijpen waar Faust over gaat, is kennis van de oude literatuur niet genoeg. Je moet vertrouwd zijn met de Verlichtingsbegrippen, met het idee van het kwaad, met de achtergrond van de Walpurgisnacht.''

Als de oude Griekse mythologie in Markaris' ogen geen deel uitmaakt van de basis van de Europese literatuur, wie dan wel? ,,Homerus, Shakespeare en Goethe. Het verzamelde dichtwerk van Homerus vormt het begin van het Europese proza. Vóór Homerus was er alleen poëzie. Shakespeare herstelt een oude dramaturgische traditie in ere en brengt daarmee een wedergeboorte teweeg in de literatuur. Goethe doet dat alles tegelijk.''

Kijkt Markaris naar de Griekse literatuur van de twintigste eeuw, dan is de poëzie toonaangevend. Er is een traditie die nog steeds wordt voortgezet. De grote dichters, zoals de Nobelprijswinnaars George Seferis en Odysseus Elitis of recenter, Mihalis Karagatzis, zijn over het algemeen in vele talen vertaald en genieten ook in de rest van Europa bekendheid. Op het gebied van de roman ligt dat anders. In West-Europa maakte het genre van de roman een revolutie door: de nouveau roman brak met de `bourgeois novel', met de traditie om veel aandacht te geven aan de maatschappelijke realiteit en koos meer voor de psychologie van het personage. In Griekenland ging dat heel anders. Europese literatuur werd geïmiteerd, de roman Im Westen nichts neues bijvoorbeeld, van Remarque, werd door enkele Griekse tijdgenoten in ongeveer dezelfde vorm nagebootst. Wat vooral telt is dat het Griekse proza eeuwenlang is beïnvloed door de poëzie. ,,Het ging om de stijl, om de taal, de esthetiek en niet om de plot. Daarin onderscheidt de Griekse roman zich van de Centraal-Europese, de Britse, de Turkse, de Servische of welke andere roman dan ook.''

Daarmee verwoordt Markaris meteen het grootste probleem waarmee de Griekse literatuur volgens hem te kampen heeft: de moderne Griekse roman heeft geen verhaallijn. ,,Er gebeurt niets! En wie wil er nu een boek lezen waarin niets gebeurt? Geen Europeaan die een boek leest louter vanwege de stijl of het taalgebruik.'' Namen wil Markaris niet noemen, maar wellicht denkt hij aan het werk van zijn goede vriend Takis Theodoropoulos. Zijn verhaal De zwerfkatten van Athene wordt getypeerd als een filosofische satire, waarin de eeuwigheidswaarde van de klassieken onderzocht wordt. Het is een moeizaam leesbaar essay over bedreigde zwerfkatten die het gedachtegoed van grote Griekse filosofen verpersoonlijken. Iedere kat staat symbool voor een idee, een persoon, maar voor wie en wat blijft duister. Het essay speelt zich af aan de vooravond van de Olympische Spelen van 2004, die gezien worden als een bedreiging voor het eeuwenoude culturele erfgoed van Griekenland. Inderdaad is er geen sprake van een plot van betekenis – en toch is Takis Theodoropoulos een veelbekroond auteur, met een uitstekende reputatie.

Zwitsers

Wordt er daarom in Griekenland relatief zo weinig gelezen? Mist de lezer er een verhaallijn? Onlangs was Markaris op `Lesereise' in Zwitserland. In Bern las hij voor een aandachtig publiek drie hoofdstukken voor, je kon een speld horen vallen. Daarna, op verzoek, nog drie. ,,En dat terwijl het buiten prachtig weer was! Ik houd van de Zwitsers, ze zijn erg gedisciplineerd, erg goede luisteraars. Grieken zijn erg ongedisciplineerd en erg slechte luisteraars. Daarom schrijf ik romans over Grieken en niet over Zwitsers.''

Nog een feit – onlangs in deze krant vermeld: de gemiddelde Griek kijkt ruim vier uur per dag televisie. Is het toeval dat Markaris in zijn boeken vooral de wereld van de televisiezenders op de korrel neemt? ,,Het niveau van de Griekse televisie is om te huilen. Nog erger dan de Italiaanse. Je gelooft niet wat je ziet. Ik kan het niet verdragen.'' Ja, het is waar, één van zijn boeken werd als televisieserie vertoond. ,,Weet u wat ze dan zeggen? Die Markaris, dat is een wereldberoemde schrijver. Nee, ik heb nog nooit iets van hem gelezen. Wie weet ga ik een boek van hem kopen – morgen.''

Overgangsperiode

De moderne Griekse roman zit in een overgangsperiode, zegt Markaris, al lijkt de wens de vader van de gedachte. ,,De meeste jongere auteurs schrijven op een kritische manier over het Griekenland van nu. Er zijn ook schrijvers die `kosmopolitische' romans willen schrijven, in de hoop dat die zullen verkopen. Ze beginnen een verhaal in Barcelona, verplaatsen hun personages dan naar Berlijn, Parijs en Boston. Maar zo maak je nog geen goed verhaal!'' Het resultaat van de Frankfurter Buchmesse in 2001, toen Griekenland themaland was, was ook mager. Er was geen sprake van een doorbraak, het Griekse boek sloeg eenvoudig niet aan.

Dat kan niet gezegd worden van de thrillers van Markaris zelf. In Griekenland is hij een bekend schrijver en zijn vertalingen zijn over het algemeen succesvol. ,,Ik heb veel geleerd van Bertolt Brecht. Hij zei altijd dat het niet uitmaakte of je nu communist of militant was, een schrijver is voor alles een schrijver. Dat wil zeggen dat je een plot moet hebben, interessante personages en een politieke en sociale achtergrond.'' Er wordt veel geklaagd in zijn romans – ,,Ja, Grieken zijn klagers!'' – en echtparen doen niet veel anders dan bekvechten - ,,Griekse paren houden niet van harmonie!''

Schrijven en politiek zijn bij deze auteur onlosmakelijk met elkaar verbonden. Onlangs bezocht hij, in Zuid-Frankrijk, een bijeenkomst van Europese mediterrane thrillerauteurs. ,,Van Portugal tot Turkije hebben deze thrillerauteurs dezelfde achtergrond: met uitzondering van Fred Vargas uit Frankrijk, komen ze uit landen waar de democratie nog beperkingen kent, uit landen waar niet zo lang geleden nog dictatoriale regimes aan de macht waren. In landen als Griekenland, Turkije en Italië moet je als schrijver wel politiek geëngageerd zijn. De politieke en sociale achtergrond die ik mijn boeken meegeef wordt dan ook veel beter begrepen in Portugal of Spanje dan in Duitsland bijvoorbeeld. In Duitsland lezen ze de plot – die vinden ze interessant. Maar een Spaanse lezer herkent zijn eigen recente geschiedenis, de periode van Felipe Gonzales. Een Italiaan herkent de mafia. In deze landen kun je niet schrijven zonder politieke referenties.''

Wie daar als schrijver aan voorbijgaat doet er niet werkelijk toe, vindt Markaris. ,,De jongeren zijn niet geïnteresseerd in politiek. Vuil vinden ze het, smerig, allemaal corruptie – en dus doen ze alsof het niet bestaat. Maar je moet corruptie juist bevechten met je eigen middelen, niet als een journalist of politicus. Je moet het in de achtergrond van je boeken stoppen, je moet kritisch naar je land kijken. De meesten doen dat niet.''

Bovendien poneren de meeste Griekse schrijvers te veel algemeenheden. ,,Je moet specifiek zijn, een liefdesgeschiedenis is een liefdesgeschiedenis – die moet je beschrijven en niet alleen maar het idee ervan. De Griekse schrijver is net zo weinig specifiek als het land waarin hij woont. Griekenland zelf kan maar niet beslissen of het nu tot Europa of tot de Balkan wil behoren. Dat is belangrijk – ook voor de literatuur. Maar nu is Griekenland Europees als het in conflict is met de Balkan en behoort het tot de Balkan als de Europese Unie een beslissing neemt die het land onwelgevallig is. Hopeloos. Mijn hoofdpersoon, commissaris Charitos zegt: `Er zijn twee dingen die ik haat, racisme en zwarten.' Dat is Griekenland ten voeten uit.''

`De zelfmoord van Che' en `Het late journaal' verschenen bij uitgeverij Gianotten in de vertaling van Noortje Pelgrim.

    • Margot Dijkgraaf