Een zware olympische erfenis

Athene viert morgen de eerste verjaardag van de Olympische Spelen. Een bescheiden herdenking: van de erfenis worden de Atheners niet vrolijk.

Dat een jaar geleden de zo succesvolle Olympische Spelen begonnen, wordt morgen in de Griekse hoofdstad tamelijk bescheiden gevierd. Met een strandfeest waarop de al even succesvolle winnares van het Eurovisie Songfestival Helena Paparízou zal optreden, samen met een groep vrouwelijke Chinese slagwerkers, en met de sportmanifestatie `Open de Stadions' in het Olympisch complex OAKA dat vorig jaar centraal stond.

Het meervoud doet wat vreemd aan, want afgezien van deze fraaie installatie, met het beroemde dak van Calatrava, zijn alle centra waar de Spelen plaatsvonden nog gesloten. De meeste zijn niet toonbaar en televisiekanalen komen met treurige reportages waaruit moet blijken hoe makkelijk ondernemende reporters zich toegang verschaffen en hoe verwaarloosd de installaties er nu bij liggen.

Zo is de peperdure roeibaan bij Marathon een moeras, dichtgeslibt met wier en vuilnis. Van het groen, vorig jaar alom in Athene geplant, is nog maar dertig procent over. Een reporter kon vrijelijk het stadion voor taekwondo en handbal binnenlopen waar hij, door alle rommel heen, zelfs de elektrische schakelkast kon bereiken en openen. Overigens zijn alle installaties, op de OAKA na, sinds kort afgesloten van water en elektriciteit, aangezien de rekeningen niet zijn betaald. Voor onderhoud en bewaking is bijna 100 miljoen euro per jaar vereist, maar de regering blijkt dit niet te kunnen opbrengen.

Voor de socialistische oppositiepartij PASOK liggen er vele mogelijkheden, de sinds maart vorig jaar regerende Nieuwe Democratie hierop aan te vallen. Wie echter wat dieper graaft, komt tot de conclusie dat ook de PASOK, die voor de jarenlange voorbereiding verantwoordelijk was, blaam treft. Steeds duidelijker wordt dat de meeste installaties voor één evenement zijn aangelegd zonder rekening te houden met het `later' waarvoor ze nu te groot blijken.

Het grote voorbeeld, Barcelona (1992), werd niet waargemaakt. De beroemde esplanade, die daar aan zee verrees, vindt hier slechts een nietig aftreksel. De `verbinding naar de zee' die Barcelona dankzij de Olympische Spelen heeft bereikt, is in Athene enigszins gestrand. De tram rijdt volgens iedereen te langzaam, ook de banlieu-trein voldoet niet helemaal. De metro vormt een grote verrijking, maar die zou ook zonder de Spelen tot stand zijn gekomen. Slechts vier procent van de Atheners is ertoe bekeerd, de auto thuis te laten. De verbindingen zijn verbeterd, maar de hoofstad zelf is door de Spelen niet veranderd.

Als voordeel wordt wel gezien dat het toerisme met zo'n acht procent is toegenomen (na een slecht 2004), al tonen veel buitenlanders zich teleurgesteld dat ze zo weinig van de Spelen terugvinden. Vooral de Amerikanen lijken mede op de veiligheid af te komen, die vorig jaar zo sterk tot het succes bijdroeg. In het gerenommeerde dagblad Kathimerini – dat plotseling ontdekt zelf tegen de Spelen te zijn geweest – komt de journalist Philíppos Syrigos uitvoerig aan het woord die er zich van het begin af aan tegen heeft verzet, en nu zijn gelijk komt halen. ,,Allemaal weggegooid geld,'' heet het, ,,waarvoor onze kleinkinderen nog zullen moeten opdraaien.'' En tot dat weggegooid geld rekent hij ook dat voor de veiligheid, vervijfvoudigd na `11/9'. ,,De moslims en Arabieren zouden ons tóch niet hebben aangevallen.''

De meeste installaties zullen de komende maanden en jaren in aanmerking komen voor privatisering. Vele zullen hun oorspronkelijke functie verliezen. Reeds zijn sommige het toneel geweest van motor- en auto-exposities, modeshows, concerten en partijcongressen, om daarna weer in lethargie te vervallen. Het nieuwe Hippodroomcomplex bij Markopoulos, 40 kilometer buiten Athene, is veel te groot om meer dan het handjevol Griekse paardenliefhebbers te kunnen trekken. Gedacht wordt daar nu aan een golfterrein, een helikopterveld en een Athletisch Park. Zo is er voor elke installatie wel iets uitgebroed, maar de vraag blijft of de investeerders in spe dezelfde fantasie kunnen opbrengen.

    • F.G. van Hasselt