Wespen trainen tegen terreur

Nederlandse onderzoekers proberen sluipwespen te trainen om de mens te helpen bij het opsporen van explosieven en narcotica. De insecten hebben een zeer gevoelige reukzin en zijn goedkoper en makkelijker te houden dan speurhonden.

TNO ziet in sluipwespen de sleutel tot een toekomstige detectietechniek, waarmee ruimtes waarin zich veel mensen bevinden, tegen terreuractiviteiten beveiligd kunnen worden. ,,Bijvoorbeeld een metrostation waar in korte tijd duizenden mensen passeren, vergt een nieuwe manier van beveiligen'', zegt A. van der Steen van TNO Defensie en Veiligheid in Rijswijk. In de visie van TNO zullen de explosievendetectoren op basis van sluipwespen in de toekomst deel uitmaken van een heel systeem van automatische detectoren, die onder meer uitkijken naar vreemd gedrag van personen, verdachte metalen voorwerpen en radioactieve materialen.

TNO werkt bij de ontwikkeling van de sluipwespdetector samen met ecoloog F. Wäckers van het Nederlands Instituur voor Oecologisch Onderzoek. Wäckers ontwierp samen met Amerikaanse onderzoekers al een detectiesysteem met sluipwespen dat is getest bij de opsporing van landmijnen. Voor antiterreurtoepassingen is het nog niet in gebruik, maar volgens Van der Steen kan er binnen een jaar een protoype zijn.

De wespen zullen niet vrij rondvliegen in stationshallen of boven de bagageband op het vliegveld. In plaats daarvan zitten zij in een klein kamertje in een apparaat. Aangezogen lucht wordt in het het kamertje geblazen. Een elektronisch systeem op basis van beeldanalyse houdt het gedrag van de wespen in de gaten. Als zij een stof waarnemen waarop zij zijn getraind, lopen zij naar de luchtstroom toe en dat wordt onmiddellijk geregistreerd. De verdachte koffer of persoon kan er zo uit worden gepikt.

De wespen worden getraind door ze te leren een bepaalde geur te associëren met een beloning, bijvoorbeeld een beetje suikerwater. Een heel efficiënt Pavlov-effect, aldus Wäckers. ,,Sluipwespen kun je zo in een paar uur trainen om te reageren als ze een specifieke geur waarnemen. Dat gaat dus heel snel. Om honden te trainen heb je enkele maanden nodig.''

Volgens Wäckers vind je de gevoeligste reuksensoren in het dierenrijk bij insecten'', aldus Wäckers. ,,Dat geldt dan met name voor sensoren die reageren op stoffen die voor de dieren relevant zijn, zoals vluchtige hormonen waarmee mannetjes en vrouwtjes elkaar vinden. Voor vreemde stoffen, zoals bijvoorbeeld TNT, ligt de geurdrempel wat hoger, vergelijkbaar met de reukzin van speurhonden. De gevoeligheid varieert overigens van stof tot stof.''

Van der Steen is ,,verbaasd'' over het gevoelige reukvermogen van het insect. ,,We proberen het systeem te valideren door te onderzoeken bij welke concentraties de sluipwesp nog een reactie geeft. Maar onze detectieapparatuur kan al niet meer meten hoe laag die concentraties zijn.''

Op termijn wil Van der Steen toe naar een systeem waarbij de geurreceptoren van de sluipwesp zijn gemonteerd op een chip.