Exemplarische Mahler van Bernard Haitink

Met een lang en luid toegejuichte uitvoering van de Zevende symfonie van Mahler openden Bernard Haitink en het Europees Jeugdorkest gisteravond een serie Mahlerconcerten in de zomerprogrammering van het Amsterdamse Concertgebouw.

Volgende week vrijdag zingt Jonathan Lemalu, een zanger uit de Zuidzee, liederen uit Des Knaben Wunderhorn. Op 21 augustus dirigeert Reinbert de Leeuw het Nationaal Jeugdorkest in Das Lied von der Erde. En een dag later leidt Mariss Jansons het Koninklijk Concertgebouworkest in de Zesde symfonie.

De Zesde en de Zevende moet men eigenlijk in volgorde na elkaar horen. Want dan blijkt dat er toch nog leven is na de deprimerende `Tragische' Zesde symfonie, die met twee of drie doffe doodklappen eindigt in morsdood in het kwadraat. Maar dat leven verkeert in de Zevende symfonie wel in een staat van chaos, worsteling en verwarring.

De Zevende symfonie is een vaak angstaanjagende berg van ongeordende scherven, die het werk maken tot een lastig te spelen stuk, waarin de dirigent maar beter niet op zoek moet gaan naar rust, orde, lange lijnen en uiterlijke esthetiek. In zijn vele eerdere uitvoeringen kwam Haitink bij verschillende orkesten tot sterk wisselende interpretaties: van briljant en extravert bij het Concertgebouworkest (1982 en 1985) tot gevoelig en zelfs vredig bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest (1992).

Bij het Europees Jeugdorkest, met Haitink op tournee langs Porto, Amsterdam, Berlijn en Bolzano, klonk de Zevende in een uitvoering van het eerste type. En die was ook weer veel intenser en indringender dan de Zevende die Haitink in 1999 in Amsterdam leidde bij hetzelfde orkest, zij het toen in geheel andere samenstelling. Het orkest was nu geweldig op dreef, pure expressie stond voorop en hier klonk vanaf de eerste maat een Mahler met die typische ouderwetse en emotionele Haitink-toets.

De Mahleriaanse existentiële problemen werden door Haitink ten volle geëxploreerd en vormden een dubbelzinnige collage met scherpe contrasten. Sommige fragmenten, klonken primair, direct en schril, wanhopig en desolaat. Het centrale Scherzo deed soms aan als een duivelse dans, een muzikale illustratie van groteske scènes op schilderijen van Jeroen Bosch. Maar het grillige geheel was ook doorschoten met momenten van bevrijdende reflectie, van zwoele melancholie, van baldadige ironie. En de luidruchtige finale klonk karikaturaal, een zwierige orgie, een feestelijk wervelende tyfoon van herwonnen levenskracht. De euforie na afloop was groot, bij het publiek maar nog meer bij het orkest.

Concert: Europees Jeugdorkest o.l.v. Bernard Haitink. Programma: G. Mahler: Symfonie nr 7. Gehoord: 10/8 Concertgebouw Amsterdam. Opname KRO voor uitzending op latere datum.

Op 23 augustus is het Europees Jeugdorkest terug in Amsterdam en speelt dan onder leiding van Sir John Eliot Gardiner muziek van Ravel en Walton.

    • Kasper Jansen