Brussel wordt de grote twistappel van België

Hierbij een reactie op het artikel `Barsten in België' van Hans Buddingh' in M van NRC Handelsblad, 6 augustus.

Op het getoonde kaartje staat het dorp Bever, waarover in het artikel uitvoerig gesproken wordt, wel op een zeer rare plaats. Het aangegeven punt komt ongeveer overeen met de gemeente Asse, die hier helemaal niets mee te maken heeft; Bever zelf ligt ter hoogte van Halle (dat goed aangegeven is op de kaart), ten westen ervan, en inderdaad... vrijwel op de taalgrens waar het tenslotte over ging. Voor het begrip van het artikel is dit wel van belang.

Ik merk daarbij op dat het dorp Bever wel erg veel aandacht krijgt en haast wordt afgeschilderd als een voorbeeld van hoe België er idealer wijze zou kunnen uitzien als we niet zo moeilijk deden. Ik heb te lang mijn leven gesleten in dit land en alle hoeken ervan gezien om het genot van het wonen in een plaatsje als dit te ambiëren.

Buddingh' maakt een behoorlijk gefundeerde analyse van de geschiedenis en politieke situatie van België, maar ziet een belangrijk element van het probleem over het hoofd Brussel. Het is voor mij duidelijk dat de federalisering van België nog veel verder doorgedreven zou zijn, indien `men' wist wat met Brussel aan te vangen. Het heeft op dit ogenblik de status van gewest (het `Hoofdstedelijk Gewest', naast de gewesten Vlaanderen en Wallonië); het is een voorbeeld van Belgisch loodgieters- en knutselwerk niet noodzakelijk alleen maar negatief te interpreteren, er zijn ook bekwame loodgieters en vindingrijke knutselaars. Er is al vaker geopperd om van Brussel een soort Brussels, D.E. te maken (naar analogie van Washington, D.C.); België heeft voldoende goede loodgieters om dat voor elkaar te krijgen, wordt gezegd.

Ik kan niet voorspellen of dit idee (dat toch al een tijdje bestaat) verder opgevolgd zal worden, maar wel voorspelbaar is, dat Brussel in de komende jaren de grote twistappel in België wordt.

    • Dr. E.L. van Dessel