`Steekpenningen chef VN-programma'

De oud-directeur van het Olie-voor-voedselprogramma van de Verenigde Naties, de Cyprioot Benon Sevan, heeft tussen 1998 en 2002 bijna 150.000 dollar aan steekpenningen aangenomen van het bedrijf African Middle East Petroleum in ruil voor lucratieve Iraakse oliecontracten. Dat is de conclusie van het derde tussentijdse rapport van een onafhankelijke commissie onder leiding van Paul Volcker, ex-voorzitter van de Amerikaanse Centrale Bank, naar corruptie in het Olie-voor-voedselprogramma. Volcker adviseert een strafrechtelijk onderzoek tegen Sevan te beginnen. Sevan zelf, die gisteren ontslag nam, ontkent en zegt dat hij het geld kreeg van een inmiddels overleden tante.

Het rapport van de commissie-Volcker beschuldigt een andere hoge VN-functionaris, Aleksandr Jakovlev, ervan 950.000 dollar aan steekpenningen te hebben aangenomen van verschillende bedrijven. Jakovlev, tegen wie nu een strafrechtelijk onderzoek loopt, heeft bekend.

Volcker kondigde aan in het definitieve rapport, dat volgende maand verschijnt, in te gaan op de zaak tegen Kojo Annan, de zoon van secretaris-generaal Kofi Annan. Kojo werkte voor het Zwitserse bedrijf Cotecna, dat een miljoenencontracten in de wacht sleepte. Volcker schrijft dat e-mails, die suggereren dat Kofi Annan eerder van die zaak wist dan tot nu toe werd gedacht, ,,nieuwe vragen opwerpen''.