Spijt van het luisteren naar vriendinnen

De werkloosheid onder jongeren groeit. Veel vmbo'ers gaan zonder diploma van school. Of ze willen niet doorleren na hun examen. Een project in Den Haag wil de jongeren bij de les houden.

Jochem Hofland (16) zit op zijn rode brommer voor de deur te wachten van het bureau Aob Compaz. Het adviesbureau is ingehuurd door de gemeente Den Haag om vmbo-jongeren te begeleiden naar een vervolgopleiding. Jochem heeft zijn diploma niet gehaald en wil als ongediplomeerd schilder aan de slag. Een vriend van hem doet dat ook en verdient nu zevenhonderd euro per maand. ,,Best wel veel'', lacht hij guitig. Binnen vertelt hij loopbaanadviseur Jos Hoebink dat hij ,,echt niet'' zijn eindexamenjaar over gaat doen. Jochem vindt dat hij klaar is voor de arbeidsmarkt.

In Nederland gingen in 2003 zeker 60.000 jongeren zonder diploma van school – dat is 15 procent van alle leerplichtigen. Gemiddeld bedraagt het aantal drop-outs in de Europese Unie 16 procent. Ongeveer 42 procent van de voortijdige schoolverlaters is allochtoon. Het Sociaal en Cultureel Planbureau stelde dit voorjaar vast dat voor het eerst sinds het midden van de jaren '80 er weer sprake is van grote jeugdwerkloosheid.

Zo'n 2.500 jongeren op Haagse scholen deden het afgelopen schooljaar eindexamen vmbo. De gemeente denkt dat zo'n 20 procent van hen met onvoldoende scholing de arbeidsmarkt op wil gaan. Zij hebben zich niet ingeschreven voor een vervolgopleiding, zoals het mbo. Jochem kwam in beeld van de gemeente omdat zijn moeder voor de vakantie bezorgd de school belde. Zijn school meldde hem aan voor het preventieproject De Overstap, een initiatief van de gemeente en het landelijke Taskforce Jeugdwerkloosheid. Adviesbureau Aob Compaz begeleidt de jongeren naar een vervolgopleiding. Consulenten belden tijdens de zomermaanden jongeren op om een afspraak te maken.

Het voortijdig afhaken van laagopgeleide jongeren komt doordat de arbeidsmarkt voortdurend verandert, zegt Hoebink: ,,Een baan die je uitoefent van je 16de tot je 66ste, komt nauwelijks meer voor. Banen verdwijnen en aan beroepen die overblijven worden andere eisen gesteld. Neem bijvoorbeeld een automonteur. De tijd dat hij alleen bezig was met techniek is voorbij. Leerlingen die kiezen voor dat vak moeten tegenwoordig ook kennis hebben van elektronica, omdat moderne auto's daar mee volgebouwd zijn. Ook moet de huidige leerling-automonteur sociaal vaardig zijn, hij moet kunnen praten en onderhandelen met klanten. Vakkennis alleen is niet meer voldoende.''

Vaak zorgt ook een verkeerde studiekeuze in het tweede leerjaar voor het voortijdig afhaken van vmbo'ers, zegt Hoebink. ,,Jongeren gaan bij het maken van hun keuze niet uit van hun sterke en zwakke vaardigheden, maar van het beeld dat zij hebben van een beroep. Ook laten zij zich leiden door enthousiaste verhalen die ze horen van vrienden of familieleden.''

Karima (17) is iemand die in de tweede klas een keuze maakte op aanraden van vriendinnen. Ze koos voor administratie, maar daar heeft de gesluierde Haagse nu spijt van. Keurig op tijd drukt ze op de deurbel van het kantoor van Aob Compaz in Den Haag. Ze werd anderhalve week geleden gebeld door het bureau. Karima: ,,Administratie leek mij leuk, omdat je na de opleiding op een kantoor kan gaan werken. Dat je met computers werkt en goederen bestelt enzo.'' Karima's pech was dat ze slecht bleek in rekenen. Zij is gezakt voor haar vmbo en wil het examen niet overdoen. Ze probeert deze vakantie vooralsnog op een lager niveau door te stromen naar het mbo voor de opleiding sociale dienstverlening.

Net als Linette Barker (17). Zij werd deze week gebeld door medewerkers van het preventieproject. Ze wil in de toerismebranche werken en moet voor de vervolgopleiding een vmbo-opleiding afronden in de richting handel en administratie. Linette zegt goed te zijn in talen en het vak presentatie, maar wiskunde is een struikelvak. Het benodigde niveau voor toerisme, het kaderniveau, haalde ze daarom dit jaar niet en ze kreeg haar diploma op een lager niveau: op basisniveau. Linette wil nu doorstromen naar het mbo voor de richting zorg.

Het vmbo is geen eindstation, zegt Hoebing. Wie zestien is en na zijn vmbo-diploma stopt, is een voortijdige schoolverlater. De overheid stelt dat een startkwalificatie ligt bij een mbo-opleiding op niveau 2. Wie toch aan de slag wil, komt niet aan de bak. De leerplichtwet maakt het bedrijven moeilijk 16-jarigen aan te nemen. De jongeren mogen op die leeftijd wettelijk maximaal drie dagen in de week werken. De andere twee dagen moeten zij naar school. Adviesbureau Aob Compaz nam in opdracht van de gemeente Den Haag deze zomer contact op met tientallen vmbo'ers. De meesten hebben een diploma op zak, maar staan niet ingeschreven voor een vervolgopleiding.

Arjen Jauncky (16) bijvoorbeeld. Hij haalde zijn eindexamen, wilde gaan solliciteren bij de luchtmacht, maar kwam via zijn school op de lijst terecht van preventieproject De Overstap. De luchtmacht neemt jongeren pas aan als ze 16 jaar en negen maanden zijn. Arjen, die elektrotechniek heeft gedaan, had daarom geen vervolgopleiding ingevuld op een formulier dat hij voor de zomer kreeg van zijn decaan. Arjens moeder ging bezorgd mee naar een afspraak met Aob Compaz. Hoebink: ,,Hij wil verder in dat vak, maar wijst alle banen in de elektrotechniek af, alleen niet bij de luchtmacht. Hij wil vliegtuigmonteur worden. Bij navraag bleek zijn tante ooit te hebben gezegd dat elektrotechniek een goede opleiding is en het werk goed betaalt.''

Om de tijd te overbruggen gaat Arjen, op advies van Aob Compaz, voorlopig bedrijfsadministratie doen op het mbo. Besluit hij het advies in de wind te slaan en wil hij thuis de dagen aftellen tot hij zeventien is, dan wordt Arjen voor het nieuwe schooljaar aangemeld bij de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) in Den Haag. De RMC's zijn sinds januari 2002 in heel Nederland ingesteld om voortijdige schoolverlaters terug te leiden naar school. Na zijn 17de is Arjen vrij om bij de luchtmacht in dienst te treden.

Als Jochem uit het kantoortje stapt, blijken zijn plannen 180 graden gedraaid. Hij gaat deze week nog de opleiding tot vrachtwagenchauffeur in Rotterdam bellen. En als dat niet lukt, probeert hij een opleiding tot brandweerman. Zijn eerste keus is nu zijn laatste: het schildersbedrijf waar zijn ongediplomeerde vriend werkt.

    • Malika El Ayadi