Kan De Leeuw BB-baby's nadoen?

Ik ben nog van een generatie die weet hoe het voor de televisie was. Geloof me, we zaten niet te ganzenborden en pinda's pellen op een krant bij de Familie Doorsnee is ook niet alle weken feest. Mijn ouders hadden wel iets anders aan hun hoofd dan het vermaken van hun kinderen. Geluk mag toen wel heel gewoon zijn geweest, maar mijn vader en moeder zaten zich tobbend boven de emigratie-documentatie af te vragen in welk werelddeel ze een derde wereldoorlog (Korea, zeg ik) met hun kinderen zouden kunnen ontlopen.

Ik ben dol op televisie. Ik heb er vier die allemaal aangaan zodra ik een voet over de drempel heb gezet en ik hou ook nog eens drie videorecorders continu aan de gang. Televisie brengt me daar waar ik zelf van zijn levensdagen niet zal komen. Door heimwee, vliegangst en het vage gevoel dat je maar beter andermans kusten niet kunt vervuilen, geniet ik een beperkte, zelf opgelegde bewegingsvrijheid, die me zeer wel past. Ik kom daarop omdat Willem Wilmink, getuige het tv-portret van de dode dichter (Natuurlijk NPS!!!), de laatste jaren van zijn leven gevangen zat in een duistere angst, waardoor hij niet meer buiten zijn geliefde Twente kwam.

Dat kwam hem over zijn graf heen nog op de zurige verwijten van zijn zonen en ex-vrouw te staan, omdat zijn angsten hem hadden belet de trouwerij van een zoon in Amsterdam bij te wonen. Mijn hart brak alsnog voor de onbegrepen Willem, die me als docent door een tentamen tekstverklaring heeft gesleept, nadat we de avond ervoor samen in de kroeg hadden gezeten. Omdat ik zelf nooit ergens kom, ga ik als een negentiende-eeuwse boekenlezer thuis op reis. Met National Geographic, Discovery en Animal Planet. Maar nooit zonder zapper in de hand, want deze herhaalzenders laten me meer dierenleed zien dan ik vlak voor het slapen gaan (ik kijk in bed) kan verdragen.

Normaal gesproken ben ik geen zapper. Ik stippel met beleid mijn televisieavondje uit. Voorpret bij de koffie met de ochtendkrant. Daarna wordt het zelfs met vier tv-toestellen en drie videoapparaten nog een heel gepuzzel. Sommige programma's wil ik zien in de wetenschap dat er nog een heleboel andere mensen kijken. Dat geldt niet alleen voor grote sportwedstrijden, maar ook voor het Journaal, Netwerk, Nova (zeg, is het nou eens afgelopen met die komkommertijd) Barend en Van Dorp en andere live praatprogramma's. Soms laat ik op de recorders gewoon lukraak bandjes meelopen. Als quasi-zapper schuif ik het genoegen van de toevallige vondst van het programma dat je nooit had willen missen voor me uit tot het rustige moment van de zaterdagochtend. Mijn kijkgedrag is onderworpen aan alledaagse rituelen (zouden andere mensen dat nou ook hebben?) Ik kan wel ontkennen dat de televisie mijn huiselijk leven programmeert, maar het is zoals het is. Koken doe ik met het oog gericht op het Journaal, tot en met Netwerk blijf ik in de eetkamer – waar natuurlijk ook een toestel staat – omdat ik er nu eenmaal aan hecht om rustig aan tafel te dineren. Voor films en ontspannende programma's verplaats ik me met koffie en wat daar zo bij hoort naar de zitkamer. Soms sta ik mezelf toe liggend op de bank naar de televisie te kijken. Maar meestal niet omdat ik daar erg ongedurig van word. Want er zijn ook nog altijd kranten en boeken te lezen of stukjes te tikken zoals nu. Hé, daar springt Paul de Leeuw tot mijn grote genoegen op de bagagedrager van de Big Brother-commotie om de baby. Tijdens de eerste Big Brother wist hij Ruud weergaloos te imiteren. Ik hoop maar dat De leeuw ook goed is in het nadoen van baby's.

    • Hummie van der Tonnekreek