Jimi Hendrix' mysterieuze zandkasteel

Onze correspondenten gaan deze zomer op de nostalgische tour. In Essaouira, in Marokko, waart nog altijd de geest van Jimi Hendrix rond.

Aan het strand van Diabat in de baai bij Essaouira zijn de verweerde kantelen van het kasteel nog duidelijk te onderscheiden. Hier in de branding liggen de ruïnes van de mysterieuze Borj el Oued, het eeuwenoude fort aan de monding van de Ksob waarvan niemand weet welke sultan het gebouwd heeft.

Er rust een vloek op de Borj el Oued, zo wil de mythe. In 1865, nadat het tien dagen onafgebroken had geregend, veranderde de Ksob in een woeste stroom die de massieve fundamenten van het fort wegspoelde. Vandaar die ruïne.

Jimi Hendrix (1942-1970), zo wil een andere mythe, gebruikte het kasteel als inspiratie voor zijn compositie Castles made of Sand, een bluesballade over vergankelijkheid. Ook met Hendrix liep het slecht af. De tovenaar van de elektrische gitaar overleed – forever young – in Londen, gestikt in zijn eigen braaksel. Artsen hielden het op een combinatie van slaapmiddelen en alcohol.

De ogen van de grijsbesnorde Chérif Regragui (55) lichten op als de naam van Hendrix valt. We staan in de hal van het statige Hôtel des Îles even buiten de oude medina van Essaouira. Regragui beheert de lobby, maar kent lokaal grote faam als bespeler van de guembri, het snaarinstrument van de gnawa. Gnawa is een muziekstroming uit zwart Afrika, in Essaouira vindt jaarlijks een drukbezocht internationaal gwana-festival plaats. Regragui's grootvader was maraboet Sidi Ali Kourati, een moslimheilige die de slaven uit Soedan vrijkocht. Regragui leerde de gnawa-muziek van de slaven en speelde op zijn beurt samen met Jimi Hendrix bij het strand van Diabat. Een onvergetelijke ervaring. Het is moeilijk voor te stellen zoals hij daar staat in zijn keurige blauwe blazer en sjieke streepjesbroek, maar ook Chérif Regragui had lang haar. ,,Monsieur, het waren andere tijden. Meneer Hendrix was een groot artiest.''

We schrijven 1967. Of 1966 of 1968 – afhankelijk van wie je spreekt in Essaouira. De Verenigde Staten waren net als nu verwikkeld in een rampzalige oorlog (Vietnam) onder leiding van een Texaanse president (Lyndon B. Johnson). Tienduizenden jonge soldaten en onschuldige burgers vonden de dood. Het werelddorp van internet en mobiele telefoons moest nog worden uitgevonden, maar niettemin kwamen jongeren van New York tot Amsterdam en van Parijs tot Berlijn gelijktijdig in opstand tegen de oudere generatie. De jeugd rookte hasj, slikte lsd en experimenteerde met vrije seks. Op hun legertassen uit de dump prijkte het portret van Che Guevara. En van de Mekongdelta tot op de studentenbarricades in Parijs vond het protest zijn muzikale expressie in de rauwe gitaarklanken van Jimi Hendrix.

Essaouira met zijn idyllische stranden en gelijkmatig microklimaat werd in die jaren ontdekt als hippe bestemming. De spraakmakende theatergroep The Living Theatre uit New York repeteerde er maandenlang voor zijn Europese tour. In zijn kielzog raakte de duinen rond het zandkasteel bij Diabat bevolkt met hippies uit de Verenigde Staten en Engeland. Cat Stevens, Frank Zappa en Mick Jagger bezochten Essaouira.

De laatste tijd beleven de jaren zestig en zeventig er een opleving. Het Gnawa-festival met zijn fusiemuziek van Afrikaanse klanken met jazz en blues, trekt jongeren met lang haar en flower power kleding. De muziek van de Marokkaanse popgroep Nass el Ghiwan wordt weer veel gedraaid. En wie wil kan slapen in het hotel Riad al Madina, waar – volgens de advertentie van het hotel – ooit Jimi Hendrix de nachten doorbracht. ,,Daar kwamen alle hippies samen'', bevestigt Chérif Regragui.

Twee maanden lang was Jimi Hendrix in Diabat, schat hij. Monsieur Hendrix was wel geïnteresseerd in Afrikaanse muziek, kan hij zich herinneren. Het kwam helaas niet tot een specifieke jamsessie met gnawa-muziek, maar Regragui is ervan overtuigd dat Hendrix bij leven belangstelling voor het jaarlijkse festival zou hebben gehad. Hij kwam immers graag in Essaouira. In het pittoreske havenrestaurant Chez Sam hangt een foto van een jonge Hendrix. Pour mon ami Sam, staat er onder.

Jammer dat het Amerikaanse gitaarwonder verder weinig tastbaars heeft achter gelaten. Of het moet de opgeprikte advertentie zijn waarin een bleke vrouw zich aanbiedt voor een cursus butô-dansen. Dat breekt aangeleerde houdingen af en helpt jezelf te vinden, zo luidt de aanbeveling. In Diabat staat Hotel Hendrix. Nee, in zijn hotel is Hendrix nooit geweest, zo vertelt de eigenaar. Hijzelf is van 1963 en was dus wat jong voor een ontmoeting. Maar regelmatig komen ze nog langs, de oude hippies van weleer, nu grijzende zestigers in huurauto's.

Kamal Ottmani (54), ex-hippie en thans uitbater van het kunstzinnige restaurant El Minzah, heeft Hendrix wel gezien. Hij zat met wat vrienden koffie te drinken op het terras van het Café de France toen er een Cadillac met chauffeur op het pleintje stopte. Het was de gastenauto van het exclusieve Hotel Mamounia in Marrakech, waar ook Alfred Hitchcock zich mee liet rondrijden. Jimi Hendrix stapte uit. ,,Ik herkende hem direct. Hij kreeg koekjes en thee aangeboden'', herinnert Ottmani. ,,Jammer dat we geen foto hebben gemaakt. Hij is waarschijnlijk dezelfde dag weer terug naar Marrakech gegaan.''

En al die maanden op het strand van Diabat, de foto bij Chez Sam en het verblijf in de Riad al Madina? ,,Al Madina was toen een café waar je kwam om hasj te roken en psychedelische muurschilderingen te maken. U denkt toch niet dat Hendrix daar op de grond is blijven slapen als hij teruggereden kon worden naar zijn luxe-bed in het Mamounia?'', lacht Ottmani. Margaret Trudeau, de vrijgevochten echtgenote van de vroegere Canadese premier, díe was wel lang in de stad. ,,Ze zei later dat ze in Essaouira had geleerd hoe zij de liefde moest bedrijven. Faire l'amour. Het waren andere tijden'', zegt Ottmani. Dromerig roert hij in zijn lege kopje koffie.

Nostalgie is vergankelijke illusie.

Eerdere delen zijn na te lezen op www.nrc.nl/nostalgie

    • Steven Adolf