Spanning rond kernprogramma van Iran loopt op

De diplomatieke spanning rond het omstreden kernprogramma van Iran is afgelopen weekeinde verder opgelopen na de scherpe afwijzing door Teheran van de Europese voorstellen over nucleaire samenwerking.

De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken, Kamal Kharrazi, wees de Europese voorstellen gisteren als ,,waardeloos'' van de hand. Ze beantwoorden volgens hem niet aan de Iraanse verlangens. Zaterdag beklemtoonde de nieuwe conservatieve president Mahmoud Ahmadinejad bij zijn inauguratie dat zijn land niet laat tornen aan zijn rechten. ,,We respecteren internationale regels, maar we voegen ons niet naar een aanpak die tegen onze belangen ingaat'', aldus Ahmadinejad.

Iran kondigde dit weekeinde opnieuw de heropening aan van de fabriek op het nucleaire complex bij Isfahan waarin vast uraniumoxide wordt omgezet in gas (uraniumhexafluoride). Dit procédé kan voorafgaan aan uraniumverrijking. De fabriek werd vorig jaar stilgelegd na Europese tussenkomst. Morgen buigt het Internationaal atoomenergieagenschap IAEA, de nucleaire toezichthouder van de Verenigde Naties, zich in Wenen over deze kwestie, die mogelijk wordt verwezen naar de VN-Veiligheidsraad. Die zou – bij schending van afspraken – sancties tegen Iran kunnen afkondigen.

Europa wil heropening van de conversiefabriek in Isfahan juist voorkomen. Het is onderdeel van het pakket voorstellen over samenwerking met Iran bij de toepassing van kernenergie voor uitsluitend vreedzame doeleinden (elektriciteit). Het is opgesteld na ruggespraak met Washington. Kern is dat Europa de levering van de noodzakelijke brandstoffen voor de Iraanse kerncentrales garandeert, mits Teheran afziet van de verrijking van uranium en de opwerking van (gebruikte) brandstofstaven uit kerncentrales. Beide procédés (verrijking en opwerking) kunnen ook de weg openen naar de productie van kernwapens. Europa en de Verenigde Staten willen die optie blokkeren.

Van Europese zijde werden de voorstellen als ,,genereus'' omschreven. Daarentegen bestempelde Teheran ze dit weekeinde tot ,,onaanvaardbaar''. Helemaal als verrassing kwam dat niet. Westerse diplomaten hadden er al rekening mee gehouden dat Iran voor zijn stroomvoorziening niet afhankelijk zou willen worden van toelevering van kernbrandstoffen uit het buitenland. Bovendien zou Teheran van oordeel zijn dat productie van deze brandstoffen in eigen land goedkoper zal zijn dan verplichte aankoop in Europa.