Sharons missie

In de turbulente geschiedenis van de staat Israël wordt deze maand een opvallend hoofdstuk bijgeschreven. De regering van Ariel Sharon, de militair die premier werd, sluit de 25 joodse nederzettingen in de strook van Gaza. Zonder problemen gaat dat niet, getuige de maatschappelijke en politieke reacties in Israël nog voordat de ontruiming begonnen is. De kolonisten, gesteund door nationalisten en vrome joden, maken stampei. Ze willen de grond en de huizen niet opgeven. De politiek roert zich. Gisteren trad de Israëlische minister van Financiën en oud-premier Benjamin Netanyahu af uit protest tegen de dekolonisatie. Hij is vanaf nu de leider van iedere Israëliër die vindt dat Israël geen land aan de Palestijnen mag afstaan. Zijn vertrek is een tactische zet. Hij wil weer premier worden. Maar ook Netanyahu's theatrale aftreden kan de evacuatie uit Gaza niet stoppen. Die is democratisch goedgekeurd, heeft de zegen van de Verenigde Staten en is bovenal een onvermijdelijkheid in het bijleggen van het Israëlisch-Palestijnse conflict. Land voor vrede – een alternatief is er in wezen niet.

Het heeft iets dramatisch' dat het uitgerekend de havik Sharon is die inziet dat het voortbestaan van Israël in gevaar is bij een voortdurende bezetting van de Palestijnse gebieden. Onder zijn leiding als minister in de regering van Menachem Begin kwam de kolonisatiepolitiek tot bloei. Die is daarna altijd een obstakel geweest voor een vredesregeling met de Palestijnen. Nu dreigt voortzetting van de intifada met snoeiharde middelen. Israëls bondgenoot Amerika dringt aan op de stichting van een Palestijnse staat. Demografisch tikt de klok bovendien in het voordeel van de Palestijnen. Sharons mogelijkheden waren dus uiterst beperkt. Hij kon weinig anders dan zijn eigen omstreden nederzettingenpolitiek aanpakken. Daarmee heeft hij zich, zoals oud-correspondent Salomon Bouman onlangs op deze pagina schreef, `ontmaskerd als anti-ideoloog'. Dit dwingt bewondering af. Territoriale concessies zijn diep-ingrijpend voor een staat die zijn bestaan dankt aan de strijd om het land. Om bijna iedere meter grond is wel eens gevochten. Geen wonder dat er verzet is tegen Sharons plannen.

Twee volkeren in één land is te veel, heeft de gewelddadige Israëlisch-Palestijnse geschiedenis uitgewezen. Er moet een levensvatbare Palestijnse staat komen. Behalve in de Gazastrook zal Israël ook nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever moeten opgeven. Dit ligt zo mogelijk nog gevoeliger dan Gaza. De Westoever is de heilige grond van het oude Judea en Samaria. Hier staan grote Israëlische nederzettingen, in solide beton gegoten met een bevolking die vastbesloten is te blijven zitten waar ze zit. Dit wordt Sharons grootste uitdaging. Hij kan de Westelijke Jordaanoever niet ongemoeid laten. Een levensvatbare staat voor de Palestijnen betekent ook hier ruimte. Voor Israël betekent dit grondgebied afstaan.

Ariel Sharon heeft zichzelf met een historische taak belast, wat velen in Israël en daarbuiten hem niet in dank afnemen. Zijn tegenstrever in eigen partij, `Bibi' Netanyahu, heeft zich destijds gediskwalificeerd als minister-president. Hij bleek een ruziezoeker, omgeven met schandaaltjes. Sharon moet de tijd en de politieke steun in binnen- en buitenland krijgen om zijn ontruimingsplannen uit te voeren, in het belang van de Israëlische en de Palestijnse staat èn in het belang van de oplossing van een conflict dat al veel te lang de vrede in de regio vergiftigt.